Hij schreef te weinig boeken (lees hier het eerste hoofdstuk)

, door (hb)

1200brussel

Ik zou wel m’n laatste boek willen schrijven, maar door het schrijven van andere boeken heb ik daar geen tijd voor. Gelukkig onderneem ik naast het schrijven nog wel meer dingen. Zo reed ik op m’n Triumph Street Triple 675 R naar God weet waar. Ik was nog maar pas vertrokken of ik wist al niet wat de bestemming was. Zo ongeveer ter hoogte van de Gentse gevangenis De Nieuwe Wandeling dacht ik: verdomd, weet je wat, ik rijd naar Deurle of daaromtrent. Of toch maar níet naar Deurle? Of toch maar wél naar Deurle? De kwestie is dat ik een twijfelaar ben, zo ook in de liefde: zal ik voor een gewoon blank meisje kiezen of voor een Chinese verkoopster van Maagdenburgse bollen? Zal ik m’n nieuwe, tot m’n opluchting zeer blanke vriendin ‘Lieve hoer’ noemen of gewoon ‘Schatje’? Zal ik volgende week naar Amsterdam reizen om enige dagen bij deze nieuwe vriendin door te brengen, omdat ze daar immers drie weken op een huis past, of zal ik thuisblijven? M’n vriendin is een pure Amsterdamse, opgegroeid in de grachtengordel, op 21-jarige leeftijd verhuisd naar Brussel, om daar te studeren, en op eigen kracht had ze een ontmoeting geregeld met mij in Gent. Het was al meteen koekenbak, en we tongzoenden voor de poort van het loftcomplex waarin ik woon. Nou ja, toen had ik dus een nieuwe vriendin. ‘Lena,’ zei ik tegen haar, ‘welk pseudoniem kies je, voor als ik je opvoer in m’n literatuur?’
‘Geen pseudoniem,’ zei ze, ‘noem me Lena in je literatuur.’ Dat kom je zelden tegen, dat een meisje onder haar eigen naam opgevoerd wil worden. Ik stelde ooit ’ns dezelfde vraag aan een ander meisje, dat Sarah heette, en die zei: ‘Noem me Dolfijntje in je literatuur.’ Ik zei tegen haar: ‘Ik geef je nog liever een paar klappen tegen je smoel dan ooit een personage Dolfijntje te noemen.’ Ze begon te huilen. Ik likte haar tranen weg.

Godverdomme, wat smaakten die tranen vies. Het was alsof die tranen, alvorens ze gehuild werden, waren ondergedompeld in de urine van een suikerzieke boerin, je kent ze wel, van die suikerzieke boerinnen van het plattenland, met benen vol water, armen vol kuilen, en een vagina zo groot en zo breed en zo diep dat je er een symfonisch orkest in zou kunnen laten optreden. Ik heb, als veehandelaarszoon, vele van die boerinnen gekend in m’n jeugd. Om hen te pesten zei ik tegen hen: ‘Zal ik tegen de boer zeggen dat je met de postbode neukt?’ Een van hen riep angstig: ‘Nee, niet tegen de boer zeggen, of hij slaat de postbode dood!’ In zo’n geval is het natuurlijk verleidelijk om het net wél tegen de boer te zeggen, want een dode postbode, die kom je niet iedere dag tegen. Toch zweeg ik tegen de boer, mede omdat ik die gozer niet kon uitstaan. Hij sloeg z’n paard, hij neukte de vrouw van de postbode, en hij had nog nooit een sonnet van Shakespeare gelezen. Zo’n boer, die zou je toch met een molensteen om de hals in de rivier gooien? Ik heb er later een kortverhaal over geschreven, getiteld ‘De boer en de molensteen’, maar ik kreeg het helaas niet gepubliceerd, allicht vanwege de vele schuttingtaal die ik gebruikte, vooral als de boer lag te neuken met de vrouw van de postbode, waarover ik onder andere schreef, en ik citeer: ‘De boer stak z’n enorme penis in de anus van de vrouw van de postbode. Ondertussen vingerde hij zichzelf want hij had een levensechte kunstkut vastgemaakt in z’n kruis. Hij had ook een koppel kunsttieten op z’n borst gekleefd, en de vrouw van de postbode kneep in de tepels van die kunsttieten en gilde: “Moeder, wat hou ik toch van je lekkere memmen!”’ Hier eindigt het citaat, en wat opvalt is dat ik ook reeds in die tijd een schitterende stilistiek had. Tja, als schrijver word je nu eenmaal geboren. Nochtans wilde ik eerst voetballer worden, en daarna drummer. Ik was de beste voetballer van m’n geboortedorp Hamme, waarover ik onder andere het kortverhaal ‘De Cruijff van Hamme’ schreef, en ik citeer: ‘Eigenlijk was ik veel beter dan Johan Cruijff. Op de koop toe was ik seksueel veel actiever dan Cruijff, die alleen naar bed ging met z’n eigen echtgenote. Ik ging naar bed met vele vrouwen, bijvoorbeeld de vrouw van de postbode. Ik neukte haar in haar kunstkut, want haar echte kut had ze afgestaan aan het Rode Kruis, ten bate van arme Afrikaanse vrouwen die een kogel van de Congolese rebellen in hun schaamstreek geschoten hadden gekregen, en de transplantatie van een gezonde donorkut was de enige oplossing, en daarom zag je in die tijd vele zwarte vrouwen met een blanke kut, afkomstig uit Europa. De vrouw van de postbode had een heel dure kunstkut, waarmee ze kon klaarkomen. Aan de kut was namelijk een klein reservoir verbonden, met chemisch kutvocht erin, en als je de kunstkut neukte, vingerde, of befte kwam dat chemisch vocht uit de kunstkut gespoten, op een keer vlak in m’n opengesperde mond, en jongens toch, dat chemisch kutvocht smaakte zo vies dat ik moest overgeven, waardoor de geilheid van de vrouw van de postbode behoorlijk minder werd.’ Hier eindigt het citaat, maar helaas werd m’n kortverhaal ‘De Cruijff van Hamme’ nooit gepubliceerd. Met m’n voetbalcarrière liep het trouwens verkeerd af, nadat ik levenslang werd geschorst, omdat ik een speler van de tegenpartij heel bewust en opzettelijk had aangegeven bij de vreemdelingenpolitie, in de hoop dat hij definitief over de grens zou worden gezet, maar die gast was helemaal geen vreemdeling, dat was gewoon een jongen uit Moerzeke, en hij diende een klacht tegen mij in bij de Voetbalbond wegens psychische mishandeling en de Bond schorste mij dus levenslang. Dat kon mij niet veel schelen, voetbal is toch maar een sport voor flikkers, maar toch ging ik bij de toenmalige voorzitter van de Voetbalbond in z’n brievenbus schijten, en tevens verspreidde ik anoniem het bericht dat hij een pedofiel was, en op de koop toe verleidde ik z’n dochter, en toen ik seks met haar had achter een struik in een donker bos ondervond ik dat seks met meisjes met het syndroom van Down een hele belevenis is, en als ze je pijpen kwijlen ze heel je lul onder, en zo’n lul die druipt van het vette, gore speeksel van zo’n mongool, die geeft je een onprettig gevoel.

Dit artikel volledig gratis lezen?

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven