Voor een geslaagde boekenbeursgang: tip 1

Over driekwart van ‘Het hout’, de elfde roman van Jeroen Brouwers, hangt een beklemmende donkerte. Met stilistische bravoure schetst Brouwers, weinig bevoorrecht getuige en ervaringsdeskundige, de drukkende sfeer van een jongenspensionaat anno 1953.

De roman ontleent zijn naam aan een strijkstok, het pernambukhout waarmee een sadistische broeder leerlingen tuchtigt als voorspel tot erger. Broeder Bonaventura staat erbij, kijkt ernaar en verbijt zijn woede. Zoals de zwakste kinderen ten prooi vallen aan vernedering en misbruik, zo is hij met zijn meegaande karakter node door het franciscaans instituut ingelijfd.

Die band tegen wil en dank geeft ’m uiteindelijk de kracht tot handelen, geleid door het hartverwarmende licht van de liefde dat in het laatste kwart van de roman de donkerte breekt. Jeroen Brouwers is zo’n zeldzame schrijver die men over om het even welk onderwerp wil lezen.

Maar men kan zich niet van de indruk ontdoen dat de fonkelende taalpracht van Brouwers het meest indrukwekkend oplicht naarmate het onderwerp de schrijver meer nabij ligt. Alsof hij ze evenzeer met bloed als met inkt geschreven heeft, meesterwerken als ‘Bezonken rood’, ‘De zondvloed’, ‘Datumloze dagen’. ‘Het hout’ hoort ontegensprekelijk in dat indrukwekkende lijstje thuis.

Deze week in het hart van Humo: Humo's Haardvuurbestendige Boekenbijlage »

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven