
Toch is deze onhippe maar ongemeen krasse zeventiger hypergevoelig voor de 'Witte ruis' (titel van zijn meesterwerk uit 1985) die onze almaar accelererende informatiemaatschappij overspoelt.
Meer nog: hij weet 'm niet alleen haarscherp te lezen en te interpreteren, hij giet zijn analyse ook steevast in romans die veel weg hebben van literaire röntgenfoto's.
Zijn vijftiende, net geen 120 pagina's dikke roman 'Het punt Omega' (Anthos) begint met de beschrijving door een anonieme stem van '24 Hour Psycho', een bestaande video-installatie van Douglas Gordon waarin 'Psycho' van Hitchcock werd opgerekt tot een 24 uur durend spektakel.
Dat lijkt volgens de verteller ontdaan van alle gruwel, nu de clichés van het horrorgenre niet langer tegen 24 beelden per seconde voorbijschieten. Maar de horror zit 'm in de concentratie die de museumbezoeker, vertrouwd als hij is met de snelheid van breedband- en satellietverbindingen, moet opbrengen voor die extreme slowmotion. De ongeduldige kijker weet nochtans niet wat hij mist, want alleen in die traagheid openbaart zich - nog volgens de verteller - het leven zelve.
Dat vindt ook Richard Elster, een zeventiger die zich, na een fin de carrière in het team dat de Amerikaanse inval in Irak voorbereidde, heeft teruggetrokken in de woestijn van Nevada: 'Het echte leven vindt plaats als we alleen zijn, denkend, voelend, verzonken in herinneringen, in dromerige zelfbespiegelingen, de submicroscopische momenten.
Zijn leven voltrok zich, zei hij, als hij naar een kale muur zat te staren en nadacht over wat hij 's avonds zou eten.' Daar, ver weg van de inferieure tijd die de grootsteden in haar ban houdt, krijgt Elster bezoek van de experimentele regisseur Jim Finley, die hem tot onderwerp van een film wil bombarderen.
Terwijl Finley - hij was de anonieme museumbezoeker uit het eerste deel - zich geleidelijk het lome ritme van zijn gastheer eigen maakt, ventileert die laatste zijn frustratie over het gebrek aan poëtische inleving in de warroom. Hij wil het concept 'oorlog' op een hoger plan tillen ('Ik wilde een haiku-oorlog. Dit was geen kwestie van vuurkracht of logistiek. Wat ik wilde was een verzameling ideeën verbinden met vluchtige fenomenen. Dat is de essentie van een haiku'), maar 'in die kamers, met die mannen, was het niets anders dan prioriteiten, statistieken, evaluaties, rationalisaties'.
Waaruit hij alleen kan besluiten dat het punt Omega - naar de theorie van de Franse jezuïet Pierre Teilhard de Chardin, die beweerde dat er een plafond zit op de evolutie van het menselijke denken - eindelijk is bereikt, en dat het vanaf nu met de mensheid alleen maar steil bergaf zal gaan.
Dat weinig hoopgevende toekomstbeeld lijkt de onthaaste, op zijn eigen gedachtestroom dobberende Elster niet te kunnen deren. Tot de realiteit hem in duikvlucht overvalt wanneer zijn dochter Jessie, die het tweetal gezelschap hield, spoorloos verdwijnt. Elsters zorgvuldig gerijpte ideeën vervliegen als benzine in de zinderende woestijnlucht: 'Het punt Omega heeft zich verscherpt, hier en nu, tot het punt van een mes dat in een lichaam wordt gestoken.'
Datzelfde symbolische mes snijdt ook de prille vriendschapsband tussen Elster en Finley door; voor die laatste zit er niks anders op dan terugkeren naar de levensgrote tredmolen genaamd New York, waar de banaliteiten 'm à rato van 24 per seconde in het gezicht waaien.
Toen DeLillo in 2001 na het alomvattende 'Onderwereld' - een 800 pagina's dikke, aan 'U.S.A.' van John Dos Passosschatplichtige symfonie van een roman - het veel kortere (maar heerlijk uitgepuurde) 'Lichaamskunst' uitbracht, kreeg hij de wind van voren: te simpel, te gewoontjes, te weinig body.
Maar size doesn't matter in de literatuur, dat weet zelfs onze eigen Haiku Herman. 'Het punt Omega' is dan ook met stip de beste roman van de chroniqueur DeLillo in jaren. Men twittere het voort.






















![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)



1 reactie
reageer ookadelbert
Maandag 19 juli 2010 - 16u28
Schitterend boek(je). Wie het leest zal snel merken dat de recensent er naast zit. Kan iedereen overkomen. Maar moet toch beter kunnen dan gewoon een samenvatting weggeven. Volgende keer beter!
Reageer ook