Elvis Peeters - Wij

, door ()

In mei leggen alle vogels een ei en publiceren alle Vlaamse schrijvers een roman met de titel 'Wij'. Na een romanloos decennium maakte Jeroen Olyslaegers een opgemerkte rentree, ook door de onvolprezen Dooreman-vormgeving van zijn 'Wij'. De 'Wij' (Van Halewyck/Podium) van Elvis Peeters valt te midden van de overvloedige lente-oogst op door een andere vormtechnische truc: op het kaft kleeft een op het parental advisory-logo variërende sticker met de waarschuwing 'expliciete roman'.

5854_catalogue_9726_detail.jpg

Expliciet is een door spamfilters en het Vaticaan geaccepteerde afkorting van sexpliciet. 'Wij' is amper een handvol bladzijden ver of vier tienermeisjes staan al bovenop een viaduct met geheven rokken: 'Hun kruis paste precies tussen twee spijlen van de reling. Vier jonge kutten. Wie wil dat niet zien?' De chauffeur van een grijze Peugeot in elk geval wel. Twee ogen blijken onvoldoende voor één rijstrook en vier vrijstroken: de man wijkt van zijn lijn af en veroorzaakt een ongeluk met vier gedeukte auto's en één dode.
Het drama aan het viaduct is een passage als een andere in de verkenning van het leven door vier meisjes en vier jongens. In een vervallen schuur bij een elzenbosje zetten de acht tieners hun wereldwijsheid in tegen hun verveling. Ze wisselen iPod-muziekjes en lichaamssappen uit, exploreren de mogelijkheden van internetgames en seksspelletjes, fantaseren over de toekomst en over de macht die hun lichamen over anderen kunnen uitoefenen. In puberjaren zijn grenzen er om te verleggen, en zo evolueert de experimenteerzucht van het vriendenclubje radicaal, noodlottig, onomkeerbaar: Femke sterft bij een rondje lichaamsholtes vullen met alles wat een mens zoal onder handen komt; Thomas benut zijn internetervaring met virtueel ondernemen en webcamseks om een prostitutienetwerkje op te zetten; Liesl en Ena overhalen een wanhopige man tot een dodelijke sprong van een elektriciteitsmast.
Iedereen, van ramptoerist tot stijlpurist, zal 'Wij' in sneltreinvaart uitlezen, want Elvis Peeters formuleert efficiënt — dat neem ik tenminste maar even aan: alleen zijn naam staat op de cover, maar de titelbladzijde meldt 'in samenwerking met Nicole Van Bael'. In elk geval ontstaan er vonken uit de wrijving tussen de beenharde feiten en de kale en bijwijlen licht poëtische taaltoets. De roman blijft dan ook lang na de lectuur in het hoofd van de lezer spoken, dankzij scènes als die waarin een dolle wesp met blinkende angel op Loesjes schaamstreek en tepels wordt losgelaten, of die waarin de ongeboren vrucht van Sarah met een baseballbat bewerkt wordt.
Maar hoe goed 'Wij' bij momenten ook werkt op de vierkante centimeter, het grote plaatje klopt niet helemaal. Zodra de acht hun schuur verlaten, schieten hun verhalen doelloos en een stuk vlakker allerlei kanten op. Die slordige opbouw maskeert dat het deze roman aan een eigenlijk onderwerp of duidelijke focus ontbreekt. Is 'Wij' een aanklacht tegen de verregaande normenloosheid van deze tijd? Een commentaarloze registratie van een 'Jackass'-kliekje in het kwadraat? Een roman over de teenage kicks van een generatie die aan het opgroeien met internet een been there, done that-attitude overgehouden heeft? Ik vermoed het laatste, maar eerder op basis van het motto van Cioran ('Ik weet het. Maar wat heb ik eraan het te weten.') dan op basis van de iel uitwaaierende roman zelf.
Immer het goede voorbeeld gevend, haasten wij ons wél naar een conclusie: 'Wij' wil maar geen ijzersterke roman worden, omdat Peeters' bonte collectie vaak beklijvende scènes, krachtig als uitroeptekens, jammerlijk een punt mist.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

Humo cover Neem een
abonnement
op Humo
De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven