
Humo stond aan de wieg van dit boek. Fotografe Elisabeth Broekaert las eind 1999 een rondvraag in uw lijfblad, dat bij tien schrijvers peilde naar wat ze zouden meenemen naar het jaar 2000. Ze constateerde dat Bart Moeyaert als enige een fotoboek wilde meesmokkelen naar de nieuwe eeuw. Daar kwam samen koffiedrinken van, en veel later uiteindelijk dus ook een boek: Moeyaert bloemleesde gedichten over het menselijk lichaam, die Broekaert de confrontatie liet aangaan met haar naaktportretten.
Zowel de poëzie als de fotografie ontroert, overrompelt en beklijft, zij het zelden samen: de schikking van de gedichten bij de foto's levert weinig verrassende spiegelingen of parallellen op. Gelukkig zorgen de foto's en gedichten op zich wel voor gespiegel allerhande: the eye of the beholder kan de confrontatie met al dat mensenvlees en -vel niet aangaan zonder ook minstens even de blik over het eigen vege lijf te laten dwalen.
De gebloemleesde dichters - van Claus over Krog tot Nasr - wijzen, hun melancholische poëteninborst gehoorzamend, onvermoeibaar op de vergankelijkheid van alle vlees. Maar Broekaerts foto's zijn minstens zo confronterend: mensen van vlees en bloed etaleren in alle kwetsbaarheid hun hele hebben en houden. Zonder enige context, waardoor je vanzelf gaat invullen dat de één wellicht verbeten een periode van tegenspoed doorstaat, een ander ergens tonnen zelfvertrouwen opgediept moet hebben, en een derde ongetwijfeld een beest in bed is. Algauw verglijdt je gemijmer naar je eigen omgang met lijf, leden en lust. Om instemmend knikkend uit te komen bij Hans Andreus: 'Het is een vreemde/ goedige woning,/ dit huis van vlees,/ een edelmoedig/ tehuis voor de vreemdeling.'





















![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)



0 reacties
reageer ookReageer ook