
Net als in 'Liefde bedrijven' is de plot minimaal. Op plezierreis in Shanghai moet genoemde verteller van zijn vriendin Marie nog even een enveloppe met vijfentwintigduizend dollar cash overhandigen aan de schimmige Zhang. Of die hem in de gaten houdt of 'm gewoon enigszins dwingend bij de elleboog neemt - de manier waarop men westerlingen in Azië nu eenmaal bejegent - wordt nooit helemaal duidelijk. Op een tentoonstelling leert de verteller de mooie Li Tsji kennen: een coup de foudre van heb ik jou daar, maar Toussaint beschrijft het van op afstand, alsof hij uit de losse pols en met een hittegevoelige camera snapshots neemt van de volop knetterende feromonen en hormonen. We zijn dan amper tien pagina's ver en een zekere lichtheid nestelt zich in het hoofd van de lezer, de lichtheid die je voelt na twee glazen champagne of - zoals de verteller het verderop verwoordt - aan 'de oppervlakte van de slaap, vlak onder de onzichtbare waterlijn tussen slapen en waken.'
Li Tsji nodigt de verteller uit om haar met de nachttrein te vergezellen naar Peking, maar aan het station blijkt de norse Zhang mee te komen - of ze louter vrienden, collega's of geliefden zijn, blijft alweer subtiel in het midden. De treinreis is goed voor de beste scène in de roman: de verteller en Li Tsji die, terwijl de wagons door de nacht denderen, geruisloos uit hun slaapbank glijden en in het toilet belanden - de geladen atmosfeer herinnert aan het beste van Haruki Murakami. Alleen zit Toussaint zijn personages veel dichter op de huid dan onze favoriete Jap: je ziet hun poriën glinsteren en oogleden trillen, ruikt hun onverkwikkelijke zweetgeur, voelt de onuitgesproken verlangens zinderen in de nachtelijke lucht. Dan verandert een rinkelende telefoon - vanuit Parijs wordt de verteller opgevorderd door de onvermijdelijke Marie - de roman in een nerveuze rollercoaster. Na de helse terugvlucht volgt onvermijdelijk de comedown: de jetlag, de onmogelijkheid om de gebeurtenissen in China te doorgronden én het besef dat hij de onzichtbare streng die 'm met Marie verbindt waarschijnlijk nooit zou kunnen lossnijden, maken de verteller - enigszins ijl in het hoofd - plots hyperbewust van zijn sterfelijkheid.
'Vluchten' is een collectie bewegende snapshots - schijnbaar uit de losse pols geschoten en daardoor af en toe onbeschaamd banaal - die door Toussaint magistraal gerangschikt en vervolgens op minimale wijze bijeengelijmd werden. De troosteloze decors en de stroom van onbeantwoorde gevoelens en uitwaaierende gedachten schenken deze roman een geladenheid die de lezer van de eerste tot de laatste pagina meezuigt. 'Vluchten' sucks. Voor één keer bedoelen we dat als een compliment.






















![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)



0 reacties
reageer ookReageer ook