
Grøndahl springt in 'Rode handen' rusteloos van verleden naar heden, peinzend over de impact van het eerste op het laatste. In de jaren zeventig is Sonja via een liefdesaffaire betrokken geraakt bij acties van de Rote Armee Fraktion. Wanneer ze na een overval met dodelijke afloop de vluchtauto bestuurt, keert ze zich af van de groep en hun huis waar 'de lucht verstikkend was van rook en abstractie'. In het heden, nu de idealen van weleer aanvoelen als 'politieke kitsch', wonen Sonja en onze verteller het proces bij tegen haar vroegere strijdmakkers.
Grøndahl verdiept zich naar goede gewoonte in liefde, verlangen en bedrog, maar tracht ook actuele thema's in een ruimer perspectief te plaatsen. Zijn onderzoek naar de drijfveren van terrorisme leidt naar vragen over schuld en rechtvaardigheid: 'Misschien is het een bevestiging, schieten en moorden. Een inwijding in de nieuwe werkelijkheid, waar het er niet toe doet wat je voelt en wie je bent.' Zulke doordenkers wegen soms zwaar op het verhaal, maar gelukkig laat Grøndahl zijn vragen open - net als het einde. Die vrijheid komt het boek, met zijn melancholische, filmische beelden en mysterieuze personages, alleen maar ten goede.





















![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)



0 reacties
reageer ookReageer ook