
In 'California Commercial', de enige raggende en beukende song die onder de twee minuten afklokt, horen we nog een aan The Sonics schatplichtige en zwaar in sixtiesreverb gedrenkte gitaargroove, maar elders waagt Segall zich op terreinen waar een doordeweekse garagerocker zich niet gauw zal begeven.
In het absolute prijsbeest 'You Make the Sun Fry' lijkt de drieëntwintigjarige snotter als twee druppels op John Lennon en 'My Head Explodes' had van Marc Bolan kunnen zijn, maar dan zonder die helse, alles openscheurende outro.
En als de valse trage 'I Can't Feel It' in een braspartij ontaardt met wulpse handclaps, een krols shout along-refrein en verneukeratieve gitaarlikjes, weten we het wel zeker: deze kerel speelt een klasse hoger dan de rest van zijn maatjes uit de garagerockscene in San Francisco.
Spijtig genoeg zakt de koek dan wat in elkaar: nog zeker vijftien goeie nummers werden verknipt tot vier halfgeslaagde psychedelische experimenten, en dat kunnen we enkel aan een slechtgevallen amfetamineshot wijten.
Niettemin: je voelt, ruikt, ziet en hóórt telkens weer dat hier Iets Groots aan het bloeien is - en wie had geen geld gegeven om de nog jonge Picasso in z'n kleurboeken te zien kliederen?
Laatst maakten we Ty Segall met band live in zwetenden lijve mee, en na afloop hadden we het knap lastig om onze onderkaak nog van de grond te schrapen. Vergeet dus de eeuwige Jay Reatard-vergelijking die in jubelende recensies overal weer de kop zal opsteken: Ty Segall bouwt aan een oeuvre dat binnenkort zélf de referentie wordt.






















![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)



0 reacties
reageer ookReageer ook