
Toptracks:
- Random Acts of Senseless Violence
- Emily Dickinson
- The Rabbit Skinner
- Small Metal Gods
Al van toen hij het Jonge Blonde Uithangbord van Japan was, meer dan dertig jaar geleden, verdeelt Sylvian de muziekgemeenschap in beate volgelingen en rabiate tegenstanders. Sindsdien is het groepje volgelingen steeds kleiner geworden, zeker na het uiterst minimaal gearrangeerde 'Blemish' uit 2003.
Voor 'Manafon' heeft Sylvian wél weer een pak volk naar de studio gehaald: de credits signaleren cello, sax, bas, gitaar, trompet, turntables en piano (noteer: geen drums). Maar wie hoopt dat hij terugkeert naar de kamerpop van bijvoorbeeld 'Secrets of the Beehive' uit 1987, is eraan voor de moeite.
De songs op 'Manafon' zijn kaal, en de muzikanten krijgen zelden de kans om een melodie te ontwikkelen. Alle instrumenten lijken wel door de laptop van Christian Fennesz gefilterd, wat een ruwharig klankentapijt oplevert. Zonder franje, maar zéker niet zonder ziel: dit is vitale muziek van een man die bij een eerste kennismaking in zichzelf gekeerd lijkt, maar bij nader toehoren een universele zeggingskracht prijsgeeft. Daarin doet hij enigszins denken aan Scott Walker, hoe verschillend hun muziek verder ook klinkt. Nog één keer schoot ons een andere grote naam te binnen: de zangmelodie van 'Snow White in Appalachia' herinnert aan John Cale.
Meer dan we van Sylvian gewend zijn, zit zijn stem prominent vooraan in de mix. Daardoor slaan de songs over de dood, miskenning ('The Greatest Living Englishman'), verdwenen onschuld en de bepaald onplezierige toekomst die ons te wachten staat ('Random Acts of Senseless Violence') als natte dweilen in je gezicht. Af en toe flakkert er een eenzaam vlammetje op (de sax van Evan Parker in het voorts gure 'Emily Dickinson', of het door Sylvian zelf gezongen koortje aan het einde van 'Small Metal Gods'), maar dat dooft snel weer uit.
Een paar weken geleden wankelden wij compleet groggy de bios uit, midscheeps getroffen door 'Antichrist', de nieuwe film van Lars von Trier. Pas veel later, toen we weer een beetje bij onze positieven waren, begrepen we wat Lars had willen zeggen: je moet door de hel gaan om in de hemel te komen. David Sylvian laat horen hoe dat in muziektaal klinkt: somber, overrompelend, en vier sterren waard.
























0 reacties
reageer ookReageer ook