
Je kan dezer dagen geen Amerikaans muziek- of lifestyle-blad openslaan of je treft een half-extatisch stukje aan, waarin de hypnotiserende popliedjes van het IJslandse kwartet múm en hun 'prachtige combinatie van warme, analoge klanken en delicate elektronische ruis & ritmes' de hemel ingeprezen worden. Overal duiken dezelfde referenties op - Boards Of Canada, Belle & Sebastian en de twinkelende electronica-pop van het Morr Music-label; in elk interview wordt verwezen naar die andere onwaarschijnlijke IJslandse succesverhalen van Björk en Sigur Rós. Wat wellicht nog meer tot de verbeelding spreekt, is dat múm een groep is, met twee jongens en twee meisjes van vooraan in de twintig, die er nog goed uitzien ook. Belle & Sebastian nodigden de tweelingzusjes Kristín en Gyda (we besparen u de achternamen) zelfs uit om te poseren voor de cover van hun 'Fold Your Hands Child, You Walk Like A Peasant'-cd. Het is weer eens wat anders dan het cliché van de bleke electronica-geek die hopeloos verloren is, zodra hij één voet buiten zijn slaapkamer zet.
Heel fijn en terecht allemaal, maar je kan er donder op zeggen dat múm over één, hooguit twee jaar om precies dezelfde redenen genadeloos afgekraakt zal worden: te mooie liedjes, te IJslands, te cute. De bandleden zullen het vast niet aan hun hart laten komen: ze lieten zich ooit ontvallen dat hun debuutplaat 'Yesterday Was Dramatic - Today Is OK' uiterst geschikt is om bij te strijken. No big deal dus. Alles lijkt vanzelfsprekend in het universum van múm: als ze zin hebben om onder water naar muziek te luisteren, omdat 'die hoge tonen zo lekker aanvoelen', organiseren ze een zwembadfeestje en schrijven ze een stel nieuwe tracks met veel treble. Wanneer ze de alledaagse realiteit willen ontvluchten, storten ze zich op hun muziek. Dan gaan ze kamperen in splendid isolation in een afgelegen vuurtoren, zonder telefoon of televisie, om er deze 'Finally We Are No One' op te nemen. Simpel, nietwaar?
Nieuw op deze plaat is dat Kristín op zowat de helft van de tracks zingt, terwijl de opvallende elektronische glitches, klikjes en tikjes van múms debuut naar de achtergrond verschuiven, en de accordeons, trompetten en cello's meer ademruimte krijgen. Hierdoor klinkt 'Finally We Are No One' zowel toegankelijker als ongrijpbaarder dan hun eerste cd: sommige tracks stralen precies evenveel tristesse als vreugde uit; andere baden in een sensuele dromerigheid, waarbij songtitels als 'I Can't Feel My Hand Any More, It's Allright, Sleep Still' of 'Don't Be Afraid, You Have Just Got Your Eyes Closed' perfect aansluiten. De liedjes balanceren altijd net op de grens tussen elektronica en pop, en hebben de neiging om - als je even niet oplet - langs allerlei kieren en spleten uit de kamer weg te lekken: zo licht, zo transparant, zo fragiel zijn ze. Niet echt verwonderlijk misschien voor een groep uit een land waar de helft van de bevolking in elfjes gelooft, maar wel heel erg mooi.
(múm speelt op 1 juni in Zaal België in Hasselt en op 2 juni in de AB in Brussel.)





















![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)



0 reacties
reageer ookReageer ook