Dansen. Het mag opnieuw. Het kan opnieuw. Toen bij het einde van de jaren zestig zowel pop, als soul, als rock'n'roll vruchteloos achter hun tweede, derde of vierde adem bleven aanhollen en kosmische, simfonische en hardrockgroepen het muziekgebeuren...

Dansen. Het mag opnieuw. Het kan opnieuw. Toen bij het einde van de jaren zestig zowel pop, als soul, als rock'n'roll vruchteloos achter hun tweede, derde of vierde adem bleven aanhollen en kosmische, simfonische en hardrockgroepen het muziekgebeuren gingen bepalen, braken voor de swingers onder ons de zeven magere jaren aan. Muziek uit de kosmos reduceerde het lichamelijk meeleven met het geluid tot het rollen van een joint, hardrock tot de imitatie met de rechterhand van de vingervlugheid tussen navel en onderbuik, terwijl de andere moeiteloos van het ene lastige akkoord naar het andere zweefde. Maar toen kwamen '76 en de punk en bewegen mocht opnieuw, ook al bleef de fun in de periode van
Ramones en
Sex Pistols beperkt tot wat doelloos en agressief op- en neergehuppel ter plekke, wat men toen 'pogo' noemde. Maar terwijl even later de disco de renaissance op wereldschaal van het dansplezier inluidde, bleef ook de nageboorte van de punk, de afterpunk, de tendens volgen:
Devo gaf 'Satisfaction' een verse beurt,
Talking Heads nemen Al Greens 'Take me to the river' op, de sintesizergroep
Human League zweert bij het alleszaligmakende effect van de dans en nu zijn er de B-52's!
Drie kerels en twee met steil omhoog gewerkte kapsels getooide dames van de B-52's uit Athens, een universiteitsstad in Georgia, waar dansen nooit uit de mode is geweest en bands als het ware verplicht werden huppelbare deuntjes af te leveren. Dat merk je meteen bij beluistering van het elpeedebuut van de B-52's omdat zowel de instrumenten als de stemmen en de songs volledig ondergeschikt zijn aan de ritmiek van elk nummer. De drums en de andere percussieinstrumenten zijn overheersend, gitaren en sintesizers produceren nooit melodische solo's, enkel korte, droge ritmestoten, en de teksten worden vrij gehakt gedeclameerd. Dat de verhaaltjes van de B-52's bovendien opgefleurd worden met vrij klare seksuele verwijzingen ('Hot lava') en iets subtielere erotische metaforen ('There's a moon in the sky, called the moon') kan de pret alleen maar verhogen.
Hoewel deze schijf geen direct aanwijsbare zwakke plekken bevat, klimmen 'Planet Claire' en het nu al klassieke 'Rock Lobster' duidelijk boven het doorsneeniveau van de B-52's uit. Vooral de eerste plaatkant, die door reggaespecialist Chris Blackwell foutloos geproduceerd werd, kon wel 's het dansmotief van de nieuwe generatie worden en 'Get ready' plus 'In a gadda da vida' definitief van alle bals, feestjes, fuiven en orgieën bannen. Kopen dus en bop till you drop!
0 reacties
reageer ookReageer ook