Concertreview: The Hotelier + Cloud Nothings in Trix

, door ()

1200

De laatste tijd heb ik het enorm te pakken voor wat ze op hippe blogs fourth-wave emo noemen: muziek die afstamt van The Promise Ring, Sunny Day Real Estate en Brand New, maar dan voor millennials. Denk: indierock uit de jaren 90, poppunk uit de jaren nul, folk én postrock in de blender, maar dan vierhonderd keer beter dan die beschrijving doet vermoeden. Wie naar de meest geluisterde platen uit mijn Spotify-jaar gaat graven, komt onder meer terecht bij Sorority Noise (‘You’re Not as _____ as You Think You Are’), Emperor X (‘Oversleepers International’) en Sinai Vessel (‘Brokkenlegged’). Groepen die niet bang zijn van pathos, die alle muzikale trucjes uit de kast halen om maximum epiek te bereiken en die het principe hard-zacht-hard op hun duim hebben getatoeëerd. Lui met – het blijft emo – gevóélens ook.

Top of the list in dat genre staat altijd The Hotelier (zelf spreken ze hun bandnaam uit als ‘the hotel-year’), niet het minst vanwege hun razendsnel klassiek geworden ‘Home, Like NoPlace Is There’, een plaat als een versleten knuffeldier. Een plaat, ook, die ze live graag integraal brengen. Maar daar was vanavond geen tijd voor: ze speelden een double bill – elke band kreeg 45 minuten – maar zelf schenen ze vooral te denken dat ze een voorprogramma waren. Doorgaans verpletterende anthems als ‘Your Deep Rest’, ‘Among the Wildflowers’ en ‘End of Reel’ werden hier voorzichtig aangeslagen, door een wankel geluid ondersteund. Ze kreunden onder hun eigen gewicht. Zanger Christian Holden aarzelde, en als er één genre is waarvoor je honderd procent volúít moet gaan, dan is het wel – tja – fourth-wave emo. Voor een topliveband als deze moet je streng zijn, dus: drie sterren voor The Hotelier. Ook al vond ik het erg leuk dat ze eindigden met de song ‘An Introduction to the Album’, en moet je hen zeker checken als je hen niet kent.

Cloud Nothings – met de deur in huis: vierenhalve ster, minstens – daarna betekende een kleine oceaan van verschil: aangedreven door het verpletterende drumgenie dat Jayson Gerycz heet, fist-pumpten en headbangden ze zich een weg door één van de lekkerst beukende sets van 2017: strak, maar ze lieten ‘m toch los uit de broek hangen. Is dit nu échte punk? Nee, want in de punk maak je doorgaans geen nummers van zeven minuten mee. Maar is het dan iets anders? Dat ook weer niet!

Als je je set kan openen met drie geniale singles zónder daarna te verzwakken, dan zit het wel goed: ‘Up to the Surface’ was nog een voor Cloud Nothings’ humeur behoorlijk ingetogen inleiding, maar ‘Psychic Trauma’ kwam binnen als een strakgespannen tepelklem. Eén die tijdens ‘Stay Useless’ zomaar aan een draaiende autobatterij werd aangesloten. Daarna is alles een vlek. Ik ben nooit in CBGB’s geweest, maar ik stel het me voor zoals het vanavond was: laag plafond, een oorverdovend lawaai, en je staat zo dicht bij de muzikanten dat je de zweetgeur van de bassist kan onderscheiden van die van de drummer. Er lekt al eens een zweetdruppel van het plafond, en die kán in je lauwe pintje terechtkomen. Wat maakt het uit? Fuck hygiëne, leve joie de vivre!

Spookten rond in dat kleine café boven in Trix: monitors bespringende gitaardraaikolken (‘Now Hear In’), wilde meezingpop met stofzuigerinstrumentatie (‘Things Are Right with You’) en anthems voor een generatie die geboren is tussen ’85 en ’95 (‘I’m Not Part of Me’). Dat kan gerust 1885 en 2095 zijn, naargelang uw hoorapparaat: Dylan Baldi schrijft eigenlijk voor iedereen. ‘Wasted Days’ – shit, welke dagen zijn dat níét? – was negen minuten lang een zwart gat van een afsluiter: zoog alles naar zich toe, maar gaf ook veel terug. Extase, bijvoorbeeld, opwinding, seksdrive. Een shit-ton gevaarlijk dicht tegen de toegestane geluidslimiet schurkende kettingzaagsalvo’s. Wat speelde Cloud Nothings vanavond? Indie misschien, maar er zat ook metal en hardcore in, én de geest van het meest meezingbare van Weezer en Andrew W.K. Ik heb Cloud Nothings al een keer of vier live gezien, maar nooit eerder waren ze zo prangend en zo gevaarlijk. Nooit eerder ramden ze zó’n feestje uit hun arme instrumenten: dit was muziek voor de jongen die niet noodzakelijk oud willen worden.

Enige nadeel: na drie kwartier was mijn oorschelp een uitgehold slakkenhuisje. Na drie kwartier had je dan ook méér meegemaakt dan bij de meeste stadionbands na drie uur. Leve de punk, leve de rock, leve fucking Cloud Nothings!

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven