Concertreview: Nas op Dour 2017

, door (vvp)

Nas is niet de eerste de beste: ‘Illmatic’ uit 1994 blijft een onverwoestbaar, genrebepalend monument dat koppig weigert om ook maar enigszins te verouderen. Net zoals Nas zelf overigens. Hij was 20 toen hij bezig was aan ‘Illmatic’, maakte sindsdien nog negen andere platen – stuk voor stuk zeer te pruimen – en is nu, een eeuwigheid later, nog altijd maar 43. Zoals Ali G zou zeggen: ‘Restecp!’

Al vermoed ik dat hij voor millennials geen illustere woordensmid is, maar wel de hiphopper die om half elf toevallig op de mainstage stond. Nas opende zijn best-ofset met het verwoestende ‘Illmatic’-trio ‘N.Y. State of Mind’, ‘The World Is Yours’ en ‘Life’s a Bitch’, maar geen kat die kon meezingen. Van de vijf man die een poging waagde, riepen er twee gewoon ‘Doureuh’ omdat ze dachten dat dat van hen verwacht werd. Ach wat, vroeg of laat komt iedereen erachter: life’s a bitch and then you die. Even later, bij ‘Sweet Dreams’ van Eurythmics, ‘Human Nature’ van Michael Jackson en ‘One Love’ van Bob Marley, lukte het opeens wél met de hele wei. Misschien dat het ego van Nas vanavond wel een deukje heeft opgelopen. Verder alles kits met de sfeer.

De eerste helft van de set was duidelijk de beste. Waar Nas ouder werk live al eens stiefmoederlijk durft te behandelen – ‘allee, we spelen snel iets, dan zijn we ervan af’ – nam hij nu uitgebreid zijn tijd voor ‘N.Y. State of Mind’, ‘Halftime’ en ‘Represent’, allemaal begeleid met mooie clipjes over het New York van de jaren 90. Nog cool: ‘If I Ruled the World’ en ‘The Message’ uit ‘It Was Written’, de pure bombast van ‘I Can’ en de uitgebeende rhymes van ‘One Mic’. Tussendoor bracht hij ode aan de onlangs overleden Prodigy van Mobb Deep met ‘Shook Ones Part II’ en meldde hij kort dat er dit jaar nog een nieuwe plaat zit aan te komen. Die eerste helft: een coole, beheerste hiphopshow.

Jammer dus dat hij zijn nummers er in de tweede helft steeds sneller begon door te rammen, met korte medleyversies van onder meer ‘It Ain’t Hard to Tell’, ‘One Love’ en ‘Got Ur Self a Gun’. Zijn teksten en zijn flows zijn net Nas’ grote kracht, dus wanneer je daar te snel door gaat skaten… Tja. Het hielp ook niet dat ik mij ongeveer halverwege even verplaatst had om een pintje te gaan halen. Ten eerste klonk het sowieso al veel te dreunende geluid op mijn nieuwe locatie nog tien keer zo slecht en ten tweede begonnen de toeschouwers rond me steeds vaker en uitbundiger over hun nek te gaan. Zelfs één passionele post-kotsende muilbeurt gezien: foei, Dour. Nas had het misschien ook in de smiezen: hij had er opeens geen zin meer in en kapte ‘The Don’ – het enige nummer uit zijn laatste plaat ‘Life Is Good’ – abrupt af. En weg was-ie.

De anticlimax niet te na gesproken bracht Nas wat je van een festivalshow kan verwachten: een onstuimig, chaotisch, dronken, sfeervol feestje dat zo nu en dan naar een steengoed concert neigde. En nu weten de kids het ook: life’s a bitch and then you die. 

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven