
Omdat nummertje twee al tien jaar achter ons ligt – het origineel zelfs vijftien jaar: Jan Ullrich had net de Tour gewonnen! – kan het misschien geen kwaad om snel nog even het geheugen op te frissen: de trouvaille van 'Men in Black' is dat er in onze grootsteden duizenden als mensen vermomde aliens wonen die op onze aardkloot asiel hebben gekregen.
De men in black, functionarissen van een supergeheime overheidsdienst, zorgen er dan weer voor dat de inburgering van de aliens zonder veel strubbelingen verloopt (wat niet altijd lukt: Michael Jackson werd intussen uitgewezen naar zijn planeet van herkomst). In 'MIB3' hebben de agenten J (Will Smith) en K (Tommy Lee Jones) hun handen vol met Boris The Animal, een gevaarlijke Boglodiet die met veel aplomb uit de maangevangenis breekt en in de tijd terugreist om zijn aartsvijand K te vermoorden.
J flitst op zijn beurt terug naar het jaar 1969 (interessant weetje: wie trek heeft in chocolademelk, heeft zopas een tijdsbreuk ervaren), het tijdperk van Nixon, Woodstock en de eerste maanlanding. Echt grappig – ontroerend zelfs – wordt het wanneer Josh Brolin zijn intrede maakt als de jongere versie van knorpot Tommy Lee Jones: check hoe Smith zijn tegenspeler af en toe bewonderend zit op te nemen, alsof ook hij onder de indruk is van Brolins vlekkeloze imitatie.
Regisseur Barry Sonnenfeld roept verder een nostalgische retroatmosfeer vol spitsvondige fun op, maar zoals wel vaker bij timetravel-films mag je – op straffe van zware hoofdpijnen – niet stilstaan bij de existentiële vragen die onvermijdelijk komen opborrelen.
Zoals: als het inderdaad zo is dat K in 1969 wordt vermoord, hoe kan het dan dat J zich zijn partner nog herinnert in 2012? Hoe kan iemand fysiek in vijf tijdruimteprobabiliteiten tegelijk leven? En ook: hoe komt het dat wij momenteel zo’n trek hebben in chocolademelk?
Bekijk de trailer:





























0 reacties
reageer ookReageer ook