Patser

, door ()

Tot voor kort was het niet bepaald dikke mik tussen uw dienaar en de films van Adil & Bilall. Het duo wist zichzelf altijd goed in de picture te zetten, met hun shit alhier en hun shit aldaar, maar wie vervolgens eens goed keek naar hun werk zag een stuntelig debuut (‘Image’) en een overhypete grootstadsfilm (‘Black’). Maar nu we ‘Patser’ van het doek hebben zien vlammen, recht door onze opengesperde netvliezen en oerend bonzende hart heen, kunnen we zeggen dat we écht onder de indruk zijn. Voor de eerste keer maken Adil & Bilall de hype waar, laten ze zien dat ze het vak tot in hun diepste vezels beheersen, maken ze echt cínema. Zodra we Adamo (Matteo Simoni) met z’n Gucci-pet uit die lift in dat woonblok op ’t Kiel zien stappen, zijn we – whám – gelanceerd voor een weergaloze trip, een onstopbare joyride waar de vonken van afspatten. ‘Patser’ op gelijke hoogte stellen met ‘Scarface’ of ‘Goodfellas’ zou belachelijk zijn, maar de onverbiddelijke schwung, het feilloze tempo, de reikwijdte van het verhaal – we flitsen van Antwerpen naar Colombia naar Marokko en terug – en hun gevoel voor couleur locale, waardoor je de durum mexicano bijna kan ruiken, doen wel degelijk denken aan een gangsterepos van De Palma of Scorsese. De plot – we denderen mee met vier jongeren die zich in de cokehandel storten – zoeft zelfs zó onhoudbaar vooruit dat we, zeker in de tweede helft, geregeld tegen de rand van de verzadiging aan zaten en begonnen te snakken naar een intimistische scène of een beschouwend rustmoment. Maar suffen is niet aan Adil & Bilall besteed. Zij zitten in de groove en laten de plot grijnzend verder razen, met een shoot-out hier en een blote tiet daar, met dialogen die je oren doen klapperen (de fuckin’ shits vallen niet te tellen) en met hiphopdreunen erop én eronder. Nuchter bekeken – niet makkelijk, want we waren dronken van hun stijl – doen Adil & Bilall niks inventiefs of grensverleggends, want dit verhaaltje is al duizend keer verteld en de slowmotioneffectjes komen recht uit het grote Hollywood-handboek. Adil & Bilall zitten aldoor de filmgeschiedenis kaal te plukken – er zijn knipoogjes naar ‘Cidade de Deus’ en ‘Taxi Driver’ en zelfs naar de duiven van John Woo – maar ze doen dat met zoveel liefde en vakkennis dat je het gevoel krijgt dat je het allemaal voor de eerste keer ziet. Hoe ze in reverse laten zien hoe die in de Schelde gegooide coke uiteindelijk in de neuzen op ’t Antwerpe Zuid terechtkomt: knap. En Simoni is volstrekt overtuigend als de half-Marokkaanse, half-Italiaanse Adamo: de overgave waarmee hij metersdiep in zijn rol zit, en de intensiteit waarmee hij half voorovergebogen aan zijn sigaret staat te lurken, doet zelfs denken aan Al Pacino. Niet de übertheatrale Pacino uit ‘The Devil’s Advocate’, maar de jonge, nog onontgonnen, van talent barstende Pacino uit ‘The Panic in Needle Park’. Antwerpen is van De Wever, maar de wereld is van Adil & Bilall. Dit is er – boem, pats – óp.

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De Persgroep Publishing heeft haar Privacy– en cookieverklaring aangepast.
Wij gebruiken jouw persoonsgegevens vanaf nu ook om de Diensten van MEDIALAAN Groep/De Persgroep Publishing te optimaliseren en deze waarvoor jij kiest te personaliseren.
Door op “verdergaan” te klikken of door verder te surfen, erken je deze aangepaste Privacy– en cookieverklaring gelezen te hebben.

Verdergaan