De 100 beste films: #48: 'North by Northwest' (Alfred Hitchcock, 1959)

, door (es)

North by Northwest

Dít is wat we entertainment noemen! ‘North By Northwest’: de spannendste, amusantste, opwindendste film die Hitchcock ooit heeft gemaakt. ‘Only Cary Grant and Alfred Hitchcock ever gave you so much suspense in so many directions,’ zo luidde de onnavolgbare tagline op de poster; het klinkt nét iets gesofisticeerder dan: ‘This time it’s war!’

Na het donkere ‘Vertigo’ vond Hitchcock dat het tijd was voor een meer speelse en avontuurlijke film. Samen met Ernest Lehmann (tevens de scenarist van de nummer 75 van onze top 100) dokterde hij een scenario uit vol persoonsverwisselingen, spectaculaire actie, spannende achtervolgingen, en een halsbrekende ontknoping op het beroemde nationaal monument van Mount Rushmore – een scène die Hitch al járen in gedachten had.

James Stewart had zijn zinnen op de hoofdrol gezet, maar Hitchcock, die Stewart blameerde voor het floppen van ‘Vertigo’, koos voor zijn kompaan Cary Grant, met wie hij al drie keer eerder had samengewerkt. De rol van Eve Kendall, de blonde Mata Hari in het verhaal, schonk hij aan Eva Marie Saint, die u misschien kent uit het prachtige liedje ‘Rattlesnakes’ van Lloyd Cole: ‘She looks like Eva Marie Saint in ‘On the Waterfront’/She says all she needs is therapy yes all you need is love is all you need.’

De alweer meesterlijke begingeneriek van graphic designer Saul Bass en de machtige score van Bernard Herrmann trekken ons mee in een onvergetelijke thriller waarin we één van Hitchcocks favoriete thema’s terugvinden: de onterecht beschuldigde man.

Twaalf briljante seconden, drie geniale shots en één snelle rijbeweging met de camera: meer heeft Hitch niet nodig om de plot op gang te trappen; meer heeft hij niet nodig om je de adem af te snijden; meer heb je niet nodig om te zien dat hij een virtuoos cineast was. Die twaalf seconden spelen zich af in de bar van het schitterende Plazahotel: we horen de piccolo de naam van George Kaplan afroepen; reclameman Roger Thornhill (Grant), die graag een telegram naar zijn moeder wil laten verzenden, steekt zijn hand omhoog; waardoor de twee ongure figuren achteraan in de bar denken dat híj George Kaplan is – en hopla, de persoonsverwisseling heeft plaatsgevonden, het spel is begonnen.

In de volgende scène voelt de verbijsterde Thornhill de loop van een revolver in zijn zij – en we zijn vertrokken voor een denderend avontuur dat ons via het hoofdkwartier van de Verenigde Naties, Grand Central Station en een desolate bushalte in Indianapolis gezwind naar Mount Rushmore zal voeren. Onderweg smokkelt Cary Grant (de glorieuze, o zo zwierige, ongelooflijk elegante, onwaarschijnlijk coole Cary Grant) een zalige portie screwballcomedy het verhaal binnen: de scène waarin hij vanuit het politiebureau een stomdronken telefoontje naar zijn moeder pleegt, is simpelweg om je te bescheuren (‘Nee, mama, ík heb niet gedronken. Die twee mannen goten een hele fles whisky in me!’).

Maar Grant was ook een grootse dramatische acteur: hou zijn mimiek maar eens in de gaten wanneer hij nabij Prairie Stop op highway 41 op George Kaplan staat te wachten. Zijn gedachten vallen bijna van zijn gelaat af te lezen: ‘Wat doet dat sproeivliegtuig daar... Tiens, het zwenkt mijn richting uit... Wat bezielt die piloot... Maar... What the fuck! Rennen, Roger, rennen!’

Nu trappen we natuurlijk een gigantische open deur in, maar we zeggen het toch: die vliegtuigscène, en dan vooral de aanloop ernaartoe, blijft ook na een halve eeuw gewoonweg ongeëvenaard; een briljante, vijf minuten durende minimasterclass in opbouw van spanning. Minutenlang lijkt er niets te gebeuren; we horen geen muziek, alleen het uitstervende motorgeluid van een wegrijdende bus; Thornhill staat bij de buspaal; een lichte stofwolk waait over het dorre landschap; in de verte zoemt een sproeivliegtuig... Schitterende suspense, perfecte cinema.

De lange rok van Eva Marie Saint mag dan gedateerd ogen, zijzelf blijft een moordgriet; de interactie tussen haar en Grant op de trein naar Chicago is onvergetelijk. Hierbij willen we dan ook pleiten voor de herinvoering van het restauratierijtuig op de lijn Oostende-Eupen, zodat ook wij in navolging van Cary Grant tijdens onze treinrit kunnen genieten van een Gibson (gin, vermouth, ingelegde ui) en een beekforel. En dan die dialogen:

Eve Kendall: ‘Ik praat nooit over de liefde op een lege maag.’

Roger Thornhill: ‘U hebt al gegeten.’

Eve Kendall: ‘Maar u niet.’

Nee, zulke zinnelijke dialogen pik je op de trein niet langer op nu iedereen op een smartphone of tablet zit te tokkelen. Ook opmerkelijk: in die tijd mocht men nog overal ongegeneerd paffen! Iedereen heeft het vandaag maar over de absolute vrijheid van meningsuiting, maar gewoon een saffie opsteken mag in het zogenaamde vrije Westen bijna nergens meer!

U merkt het: ‘North by Northwest’ zet een mens aan het denken over de samenleving. Alles bij elkaar lijkt ‘North By Northwest’ – met die kleurrijke locaties, die spitante held, die enigmatische booswicht, die grootse actiescènes en die grofzinnelijke romantiek – wel een James Bond-prent avant la lettre; Ian Fleming wilde Cary Grant trouwens voor de rol van 007.

En voor het overige dromen wij er dankzij ‘North By Northwest’ al een eeuwigheid van om op de nachttrein eens aan de praat te raken met een knappe blondine, tegen wie we kunnen zeggen: ‘Ik heb nog geen slaapcoupé.’ Waarop zij, zonder verpinken: ‘Coupé E, wagen 3901.’ En denk maar niet dat we op de vloer gaan slapen!

Bekijk de trailer:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven