#24. Conan the Barbarian (John Milius, 1982)

, door (es)

conan the barbarian

Tijdens een memorabel gesprek in Knokke, dat naar een onbetwist hoogtepunt ging toen we zijn schouderspieren mochten betasten, legde Belgiës beroemdste biceps Jean-Claude Van Damme ons op een bepaald moment uit hoe het onze favoriete actieheld Arnold Schwarzenegger was gelukt om het in de eerste helft van de jaren 80 in een mum van tijd tot absolute wereldster te schoppen. ‘Arnolds grote sterkte,’ aldus JCVD, ‘was dat hij zich liet omringen door de juiste mensen. Kijk maar naar ‘Conan the Barbarian’, de film waarmee hij wereldwijd doorbrak: de regie is van John Milius en het script van Oliver Stone. En voor ‘Predator’ en ‘The Terminator’ wist hij John McTiernan en James Cameron aan zich te binden. Geen grote namen in die tijd, maar Arnold had gezien dat ze iets kónden. Hij had een neus voor die dingen.’ Waarmee JCVD eigenlijk alleen maar bewees wat wij al lang wisten: zéér verstandige man, de Schwarz.

Arnold zelf schrijft in zijn schitterende autobiografie ‘Total Recall: My Unbelievably True Life Story’ – waarin onder meer te lezen staat hoe zijn vader hem reeds als zuigeling push-ups liet doen – dat Hollywood in 1979 wel van zijn bestaan afwist (hij had een beetje naam gemaakt met ‘Stay Hungry’, ‘Pumping Iron’ en een bijrol in ‘The Streets of San Francisco’), maar dat niemand wist wat ze eigenlijk met hem moesten aanvangen. Enter Ed Pressman, een talentrijke producent (onder meer van Terrence Malicks meesterwerk ‘Badlands’) wiens droom het was om een beruchte stripheld uit de jaren 30 naar het witte doek te brengen: Conan de Barbaar. Arnie had nog nooit van Conan gehoord, maar hij begreep al snel dat de door Robert E. Howard bedachte Cimmeriaan uit het land Cimmerië een enorme cultaanhang had, en hij voelde dat er een hit inzat – opnieuw een bewijs dat de Schwarz over uitstekende voelsprieten beschikt. Oliver Stone, die net furore had gemaakt met zijn scenario voor ‘Midnight Express’, pende het script neer; Universal Pictures hoestte een gigantisch budget op; John Milius, een vuilgebekte macho-cineast met een grote fascinatie voor wapens, Vikingen en middeleeuwse ridders – en tevens de man die Robert Shaws monoloog over de USS Indianapolis uit ‘Jaws’ had geschreven – klom in de regiestoel en hup, ineens stond Arnie op de set van een échte grote Hollywoodfilm – zijn carrière was gelanceerd. En het beste van allemaal is natuurlijk dat ‘Conan the Barbarian’ een schitterende film is; een heerlijk bloederig sword & sorcery-epos dat je vanaf de eerste magische minuten (een inktzwart scherm, dreigend tromgeroffel, en dan die machtige voice-over: ‘Let me tell you of the days of high adventure!’) meesleept naar een wondere wereld vol fantastische landschappen, dodelijk staal, bollende bicepsen, angstaanjagende tovenaars en zwaardvechtende blondines. Een film ook waarvan we altijd hebben gevonden dat hij een onweerstaanbare heidense kracht uitstraalt.

Het verhaal begint met de 8-jarige Conan die machteloos moet toekijken hoe de slachters van Thulsa Doom (de uitmuntende James Earl Jones), de even verleidelijke als huiveringwekkende leider van een sinistere slangencultus, zijn ouders vermoorden en zijn dorp in de fik steken. De kinderen, onder wie Conan, worden allemaal meegenomen en als slaven aan het werk gezet op het Wiel van Pijn: ‘His was a tale of sorrow,’ aldus de meelevende voice-over. Maar wacht maar: revenge is a dish best served bloody. Hoogtepunten? Bij de kracht van Crom: waar moeten we beginnen? Conan die voor het eerst copuleert (de voice-over: ‘Hij leerde ook dat hij plezier aan een vrouw kan beleven’): let op de tevreden lach op zijn smoel op het moment dat hij die griet als een homp vlees op z’n berenvel gooit. Conan die (pas na een halfuur!) zijn eerste woorden spreekt: ‘Het belangrijkste in dit leven? Je vijand verpletteren, hem voor je uitdrijven, en het gejammer van de vrouwen aanhoren!’ Yee-há! De aan de Boom van Ellende gekruisigde Conan die de strot van een iets te opdringerige gier overbijt – voor de goede orde geven we mee dat Schwarzenegger op bevel van Milius zijn tanden in het kadaver van een échte dode gier zette en dat hij achteraf antibiotica diende te slikken! En het hoogtepunt der hoogtepunten: Conan die samen met zijn trawanten Valeria (Sandahl Bergman) en Subotai (Gerry Lopez) het bastion van Thulsa Doom binnendringt, op een heuse orgie terechtkomt (check die naakte griet die tegen die pilaar vastgeketend staat), en meemaakt hoe Thulsa Doom plotseling in een gigantische slang verandert. Het stukje muziek dat Basil Poledouris voor die fantastische scène componeerde, toepasselijk ‘The Orgy’ geheten, behoort overigens tot de beste filmmuziek ooit geschreven. En dan hebben we het nog niet gehad over de beroemde scène waarin de gedrogeerde Conan een kameel knock-out mept, of over het legendarische lamamoment: een lama die in een tent achterwaarts in de schacht wordt genaaid door één of andere hitsige nomade: geef toe, zoiets zie je zelfs niet in ‘Game of Thrones’. Leve Conan!

Bekijk de trailer:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven