#1: 'The Empire Strikes Back' (Irvin Kershner, 1980)

, door (es)

star

De meest aangrijpende, de machtigste, de verrukkelijkste, de emotioneelste, de meest meeslepende. De meest magische, de donkerste, de diepst onder de huid zittende, de felst in het gemoed grijpende, de scherpst in de ziel snijdende. De maat van alle dingen. De toverachtigste, de grootste, de onverslijtbaarste, de eeuwigste. De Oerbron. De huiveringwekkendste, de meest onverwoestbare, de dierbaarste. Ons eeuwigejeugdelixer. De bloem, de room, het merg, het been en de kern. De vlam die altijd brandt. De beste film aller tijden.

Waar beginnen? Misschien bij een dimensie die tot nu toe naar ons gevoel altijd een beetje onderbelicht is gebleven – de magnifieke fotografie. We nemen u mee naar Dagobah, waar Luke Skywalker (Mark Hamill), in een erg ontroerende scène, afscheid staat te nemen van Yoda (Frank Oz) en van het hologram van Ben Kenobi (Alec Guinness). Zijn Jedi-training is nog lang niet voltooid, maar Luke, opgeschrikt door een visioen, heeft beslist om te vertrekken – ‘Mind what you have learned! Save you it can!’ ‘I will. And I’ll return... I promise.’ En dan – de X-Wing Fighter stijgt op in de nacht van Dagobah; de navigatielichten van het toestel strijken nog één keer langs Yoda; het beeld wordt donker; we zien Yoda gevangen in een rode gloed... Hier bestaat maar één woord voor: wondermooi.

Wat een vreemd oord trouwens, die planeet Dagobah. Die onheilspellende moerassen, die gigantische bomen met die dreigend overhellende takken, die koude nevelwolken, die angstaanjagende junglegeluiden... De plek heeft iets dromerigs, iets onwerkelijks – alsof Luke in het sinistere landschap van zijn eigen onderbewustzijn is beland. ‘This place gives me the creeps,’ horen we hem tegen R2-D2 zeggen, ‘Still... There’s something familiar about this place.’ Wat boezemt angst in en voelt tegelijk vertrouwd aan? Precies: uw eigen onderbewustzijn, waar enge dingen op de loer liggen. Het is overigens op Dagobah dat Luke – in een wel héél benauwende scène – een grimmig lichtsabelduel met zichzelf uitvecht.

En zo hebben we meteen de brug gelegd naar het wonderbaarlijkste, het meest gedurfde en het meest legendarische element van ‘The Empire Strikes Back’: de donkerte. De avontuurlijke speelsheid uit ‘Star Wars: A New Hope’ maakt plaats voor een duisternis die zo diep en ondoordringbaar is dat je de film bijna deprimerend zou kunnen noemen. De rebellen, in de vorige aflevering nog triomferend, zijn verworden tot een opgejaagd groepje vluchtelingen. Ze dienen hun basis op de ijsplaneet Hoth – in een reeks schitterende scènes waarin hun nervositeit bijna tastbaar is – ijlings te evacueren, en onze vrienden Luke, Han (Harrison Ford) en Leia (Carrie Fisher) worden al na twintig minuten speelduur uiteengeslagen – ze zullen elkaar pas terugvinden in de volgende episode. C-3PO wordt aan stukken geknald.

Een hoofdpersonage verliest een hand en krijgt wel héél schokkend nieuws te horen. Een ander geliefd personage wordt verraden, gefolterd, weggerukt van zijn geliefde, en levend in carboniet gegoten. U gaat ons uitlachen, maar wij zijn er rotsvast van overtuigd dat de invriezing van Han Solo ons als kind heeft getraumatiseerd. Nog jarenlang hebben we die vreselijke scène nagespeeld door een Playmobil-mannetje in water te dompelen en enige tijd in de diepvriezer te steken: zo verkregen we onze eigen Han Solo-in-carboniet. Het trauma uitspelen, zo noemen ze dat in de psychologie.

Soit: noem ons één Hollywoodblockbuster die méér wrangheid bevat dan ‘The Empire Strikes Back’, één Amerikaanse mainstreamproductie die feller doordrongen is van doem, droefenis en verlies, en wij doen u onze soundtrackcollectie cadeau, die van ‘The Empire Strikes Back’ (van de grote componist John Williams) inbegrepen. En reken maar dat we gehécht zijn aan die plaat – ’t is één van de mooiste filmsoundtracks ooit. ‘The Imperial March (Darth Vader’s Theme)’, ‘Han Solo and the Princess (Love Theme)’, ‘Yoda and The Force’: prachtige, ontroerende, onvergetelijke, diepmelancholische melodieën die gerust naast de beste symfonische werken van Holst, Sibelius of Glazunov kunnen staan.

De cast! Harrison Ford als Han Solo is natuurlijk de man, maar mogen we u ook eens wijzen op de perfecte vertolkingen van Julian Glover (Generaal Veers), Michael Sheard (Admiraal Ozzel), en Kenneth Colley (Admiraal Piett)? Die Britse klasbakken spelen hun bijrollen loepzuiver – bezield, straight, zonder misplaatste ironie. En Mark Hamill, de verguisde Mark Hamill, met wie tegenwoordig zo vaak de spot wordt gedreven omdat hij van het verschijnen op ‘Star Wars’-conventies zijn beroep heeft gemaakt (zegen hem!), díé Mark Hamill is in sommige scènes gewoonweg imponerend – let maar eens op de verbijstering, het ongeloof, de shock op zijn gelaat wanneer hij Het Slechte Nieuws te horen krijgt. Nog meer duisternis: heeft u er eigenlijk ooit al eens bij stilgestaan dat Luke onmiddellijk na De Scène Der Scènes een heuse zelfmoordpoging waagt? Volgens ons kon hij, troebel als zijn Jedi-zicht op dat moment was, echt niet hebben voorzien dat zijn val zou worden gebroken door dat openklappende luik. We zeggen het u: ‘The Empire Strikes Back’ is dark, dark stuff.

Tot slot: een grote, grote pluim voor regisseur Irvin Kershner, een fantastische vakman die in ‘The Empire Strikes Back’ een indrukwekkend gevoel van echtheid en van urgentie wist te leggen. De in 2010 overleden Kershner is ook de man die in 1990 het bijna even sinistere ‘RoboCop 2’ regisseerde, een geweldige prent die net buiten deze Top 100 is gevallen.

Zo, het is volbracht. Wat een lange, vreemde trip is het geweest. Er valt nog maar één ding te zeggen... Een tikkeltje voorspelbaar, maar we kunnen het echt niet laten... Hier komt-ie: dank u voor uw aandacht, en may The Force be with you.

Bekijk de trailer van 'The Empire Strikes Back'

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven