
Enthoven won er eerder al een prijs voor het Best Vormgegeven Boek mee, anderhalve week geleden sleepte hij ook de Comic House Debuutprijs voor het beste Nederlandstalige stripdebuut van de afgelopen twee jaar in de wacht. Wij belden 'm vroeg in de ochtend - op zijn vraag.
'Ik heb geleerd om niet te veel binnen de lijntjes te kleuren'
Tim Enthoven «Vroeger was ik een avondmens, maar toen ik dankzij yogalessen ontdekte dat ik genoeg had aan zeven uren slaap per nacht, heb ik het tij kunnen keren: nu beschouw ik mezelf als een ochtendmens.
»Ik sta om zes uur op en begin meteen te schrijven of te schetsen. Of te mijmeren, ook belangrijk. Vanaf een uur of tien begin ik die dingetjes uit te werken, daarna ontferm ik me over praktische zaken.
»Ik hou heel erg van de winter, gewoon omdat het dan 's ochtends nog stikdonker is. 't Is heerlijk om te werken als de meeste mensen nog in bed liggen. Het voelt een beetje alsof ik een voorsprong op ze neem. Klopt natuurlijk niet, maar het gevoel alleen volstaat om mijn productiviteit te verhogen.»
HUMO Dat klinkt alsof je leeft als een monnik: alles in functie van de kunst! Heb je nog wel tijd om op café te gaan?
Enthoven «Jawel hoor, maar ik doe het niet meer zo vaak. Ik werk gewoon ontzettend gráág: ik heb bijna spijt van ieder moment dat ik niet aan het werk ben, en daardoor kan ik me soms maar moeilijk ontspannen. Maar dat wil niet zeggen dat ik niet meer buitenkom, hoor. Eens ik voor mezelf heb uitgemaakt dat ik de deur uitga, kan ik mezelf wel losmaken van het werk.»
HUMO Je hebt het afgelopen jaar meerdere illustraties geleverd aan kranten en tijdschriften: schat je die opdrachten om den brode even hoog in als de rest van je werk?
Enthoven «Ja.
»Die opdrachten van buitenaf zijn wel een beetje gevaarlijk, omdat ik er te veel in opga; dat is trouwens nooit de schuld van de opdrachtgever, ik heb het uitsluitend aan mezelf te wijten. Het is wél de voornaamste reden waarom heb ik er de laatste maanden nauwelijks iets heb aangenomen: ik wil me liever focussen op het beeldende werk dat ik helemaal zelf bedenk.»
HUMO Vorig jaar maakte je nog een prachtige covertekening bij een artikel in The New York Times Magazine, over de ruil van één gekidnapte Israëlische soldaat voor 1028 Palestijnse gevangenen. Je tekende alle 1029 figuurtjes afzonderlijk, een waar monnikenwerk. Tenzij de New York Times héél goed betaalt, moet je daar geweldig je broek aan gescheurd hebben.
Enthoven «Dat viel eigenlijk wel mee: ze betalen zeker niet slecht. Maar zelfs al betaalden ze een pak minder, dan had ik nog altijd exact dezelfde tekening gemaakt, hoor. Ik hou van tekeningen waarin de achterliggende idee en de uitwerking één geheel vormen. Het is geen illustratie in de letterlijke betekenis, in de zin dat het beeld ondergeschikt is aan de tekst die het aanschouwelijk maakt.
»Ik héb er inderdaad veel tijd in geïnvesteerd, maar ik vond het noodzakelijk dat ik als maker van een tekening over zo'n onderwerp óók een beetje zou afzien: het wil zeggen dat ik er niet lichtzinnig overheen ga, begrijp je?
»Verder is het een tikje jammer dat de meeste opdrachtgevers zoveel energie en toewijding niet zo makkelijk kunnen verlonen – ik bedoel maar: geld is zeker geen drijfveer, maar ik moet helaas wél besluiten dat ik mijn illustratiewerk op een laag pitje moet zetten. Niet dat er met beeldromans zoveel geld te verdienen valt, trouwens.»



































0 reacties
reageer ookReageer ook