Vlaanderen stuurt zijn zonen en dochters uit: maandag gaat het minderjarige deel van de bevolking na twee maanden van rondhangen op straathoeken en algehele neusvreterij terug naar school. Een mooie aanleiding, dachten wij, om deze en volgende week ons onderwijs eens tegen het licht te houden.

Klopt het dat de jeugd van tegenwoordig een conjunctief niet meer kan onderscheiden van een cosinus? Is het levensgevaarlijk geworden om voor de klas te staan? Waarom doen allochtone jongeren het vaak zo slecht op school? En waar bemoeien de ouders zich eigenlijk mee? Humo vroeg het aan de heren en dames die er hun beroep van hebben gemaakt om dat allemaal te weten: de inspecteurs. 'Een goeie leraar brengt
magic in de klas.'
Roger Standaert is docent aan de RUG en hoofd Entiteit Curriculum - in gewoon Nederlands: het brein achter de veelbesproken eindtermen. En hij heeft nieuws:
ROGER STANDAERT
« Het gaat heel goed met ons onderwijs. Bij internationale proeven in wiskunde, wetenschappen en leesvaardigheid staat Vlaanderen aan de top. Vanuit mijn eigen ervaring durf ik zelfs te beweren dat we bij de allerbesten van de wereld zijn.
"'Oei, inspectie. Dan moet ik écht lesgeven!'"
» Dat heeft álles te maken met onze leraars. Ze hebben een goeie vakkennis, én ze zijn bekommerd om hun leerlingen. Als de vader van een leerling sterft, klappen zij het wiskundeboek dicht en besteden ze dáár aandacht aan. In het buitenland ligt dat veel moeilijker: daar worden leraars afgerekend op de resultaten van centrale examens, dus zijn ze extreem gefocust op de prestaties van hun klas. Leerlingen die weten dat iemand om hen geeft, voelen zich beter, zijn dus meer gemotiveerd - en net daardoor scoren ze zo goed. Paradoxaal misschien, maar waar.»
Lees het volledige artikel in Humo 3495
0 reacties
reageer ookReageer ook