
Zelfs een nationaal monument als Café Le Zottegem, waar de mannen van de post kwamen dansen na gedane arbeid, ging tegen de vlakte. De Griek, die hier is opgegroeid, spuugt op de grond en vat het allemaal samen: 'De Midi is al dood, nu wij nog.'
"'Onze wijk is dood. Vermoord door de overheid en de speculanten'"
Na twintig jaar bedreigingen, intimidaties en onzekerheid houden nog een honderdtal bewoners stand tegen de bulldozers van de bouwpromotoren. Duizenden zijn eerder al hun huis uitgejaagd, om plaats te ruimen voor 100.000 vierkante meter kantoren. Het relaas van de meest brutale en grootschalige onteigeningsoperatie na de Antwerpse polderdorpen: Oosterdonk aan het Zuidstation.
Het volledige artikel leest u vanaf dinsdag 9 september in Humo 3549. Wij hebben voor u een op het eerste gezicht hilarisch, maar tegelijk schrijnend beeldfragment over de afbraakwerken aan het Brusselse Zuidstation opgesnord.
Dans 10 jours ou dans 10 ans
Dans 10 jours ou dans 10 ans... (2)
Uploaded by quartiermidi






























![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)


8 reacties
reageer ookbeverkens
Maandag 15 september 2008 - 12u48
Gaat de aanleg van de "Lange Wapper" te Antwerpen eveneens slachtoffers maken ?? Een tip politici die daden stellen met zulke catastrofale gevolgen zouden voor 10 jaar uit hun politieke rechten moeten worden gezet.
denollie
Zondag 14 september 2008 - 16u11
denollie
Zondag 14 september 2008 - 16u09
In 1985 werd ik onteigend van mijn woning. Vorig jaar heb ik de onteigenaar meer dan twee miljoen oude Belgische franken terugbetaald. Ik had dan een rechtspleging voor het Hof van Cassatie en voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens achter de rug. Ik ben vooral ontgoocheld in de advocaten. De advocaten verdedigen de rechten van de onteigende onvoldoende. Ik geef twee voorbeelden. Ten eerste bereiden de advocaten de stappen voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens of EHRM niet voor. Voor het EHRM kan men alleen maar klagen over de schending van het eigendomsrecht wanneer men deze schending voor alle Belgische rechtbanken heeft ingeroepen. Men moet in onteigeningszaken zich daarover beklagen voor de vrederechter, voor de burgerlijke rechtbank, voor het hof van beroep en voor het Hof van Cassatie. Mijn advocaat heeft dat nooit gedaan. Het gevolg was dat ik er mij in Straatsburg niet heb kunnen over beklagen dat de Belgische onteigeningswetten op mijn schouders een overdreven last hebben gelegd, door mij na jaren procederen te verplichten de onteigenaar een paar miljoen franken terug te betalen. Iedere onteigende zou er moeten voor zorgen dat zijn advocaat artikel 1 van het Eerste Protocol bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens of EVRM inroept in alle stadia van de procedure. Ten tweede besteden de advocaten geen aandacht aan de ongrondwettelijkheid van de Belgische onteigeningswetten, die het principe van de voorafgaandelijkheid van de schadeloosstelling van de onteigende niet respecteren. Dat principe is nochtans ingeschreven in onze Grondwet, in artikel 16. De onteigende moet voor de onteigening vergoed zijn. Hoe valt dit te rijmen met de verplichting na jaren nog een gedeelte van de vergoeding te moeten terugbetalen? Deze ongrondwettelijkheid zou aan het licht kunnen gebracht worden door aan het Grondwettelijk Hof, het vroegere Arbitragehof, een voorafgaandelijke of prejudiciële vraag te laten stellen over de grondwettelijkheid van deze mogelijkheid van terugvordering door de onteigenaar. Het Grondwettelijk Hof heeft nog nooit moeten zeggen of deze terugvordering verenigbaar is met het beginsel van de voorafgaandelijkheid van de onteigeningsvergoeding. Het is wel vereist dat deze prejuduciële vraag wordt aangevraagd. Dat doen de advocaten dus nooit. Dat is een zware en onbegrijpelijke fout. Ik weet welke straf ik de advocaten zou opleggen. Ik liet hen drie keer het artikel ?Dossier onteigeningen? overschrijven. Dan zouden ze voldoende tijd hebben om eens na te denken over de onvoldoende ijver die ze aan de dag leggen om de belangen van de onteigenden te verdedigen. Natuurlijk zouden de rechters die uitspraak doen in onteigeningszaken van mij dezelfde straf krijgen.
Ambetante
Zondag 14 september 2008 - 14u13
Onteigenden kunnen inderdaad geconfronteerd worden met een in de lucht hangende onteigening die jaren lang als een zwaard van Damocles boven hun hoofden blijft hangen. Dat is het leed vóór de onteigening, dat in het artikel zeer treffend werd geschetst. Er kan de onteigende echter ook heel wat leed te wachten staan na de onteigening. Op grond van de snelrechtwet van 1962 wordt een eigenaar onteigend en binnen enkele dagen uit zijn huis gezet. Nadat hij zijn woning heeft moeten verlaten vraagt de onteigenaar de herziening van zijn onteigeningsvergoeding met de bedoeling deze vergoeding te laten verminderen. In vele gevallen wordt de onteigeningsvergoeding talloze jaren na de onteigening inderdaad verminderd en moet de onteigende de som die hij teveel zou hebben ontvangen terugbetalen aan de onteignaar met interesten op deze som. Deze veroordelingen tot terugbetaling van het teveel ontvangene maken het voor een onteigende totaal onmogelijk de besteding van zijn oorspronkelijke onteigeningsvergoeding deftig te plannen. Met de oorspronkelijke vergoeding heeft hij een nieuw huis gekocht. Na de veroordeling tot terugbetaling zal hij zijn nieuwe woning misschien moeten verkopen om het teveel ontvangene met de interesten terug te betalen. Er is dus een discriminatie tussen de onteigenaar, die zijn hoofddoel ? het bekomen van het onteigende goed- binnen enkele dagen bereikt, en de onteigende, die zijn doel ? het bekomen van een definitieve vergoeding- slechts bereikt na verloop van verschillende jaren. De Belgische rechtbanken en het Belgisch grondwettelijk hof zien hierin geen graten. Het Luxemburgse grondwettelijk hof eist dat een onteigening volledig afgewikkeld is vóór de onteigenaar bezit kan nemen van het onteigende goed. De onteigeningsvergoeding moet definitief vaststaan en zonder definitieve vergoeding kan de onteigende niet uit zijn huis gezet worden (Grondwettelijk Hof Luxemburg, arrest nr. 16/03 van 7 februari 2003, Mémorial-Journal Officiel du Grand-Duché de Luxembourg van 28 februari 2003/A-N° 31, p. 510). De toepasselijke grondwetsbepalingen zijn in België en in Luxemburg dezelfde: in beide landen heeft de onteigende een grondwettelijk recht op een voorafgaande schadeloosstelling. Mijn vraag is nu waarom onze Belgische politici zich niet laten inspireren door het Luxemburgse voorbeeld. Waarom zien zij de onrechtvaardigheid en de ongrondwettelijkheid van de veroordeling tot terugbetaling niet in?
Ambetante
Zondag 14 september 2008 - 13u32
Onteigenden kunnen inderdaad geconfronteerd worden met een in de lucht hangende onteigening die jaren lang als een zwaard van Damocles boven hun hoofden blijft hangen. Dat is het leed vóór de onteigening, dat in het artikel zeer treffend werd geschetst. Er kan de onteigende echter ook heel wat leed te wachten staan na de onteigening. Op grond van de snelrechtwet van 1962 wordt een eigenaar onteigend en binnen enkele dagen uit zijn huis gezet. Nadat hij zijn woning heeft moeten verlaten vraagt de onteigenaar de herziening van zijn onteigeningsvergoeding met de bedoeling deze vergoeding te laten verminderen. In vele gevallen wordt de onteigeningsvergoeding talloze jaren na de onteigening inderdaad verminderd en moet de onteigende de som die hij teveel zou hebben ontvangen terugbetalen aan de onteignaar met interesten op deze som. Deze veroordelingen tot terugbetaling van het teveel ontvangene maken het voor een onteigende totaal onmogelijk de besteding van zijn oorspronkelijke onteigeningsvergoeding deftig te plannen. Met de oorspronkelijke vergoeding heeft hij een nieuw huis gekocht. Na de veroordeling tot terugbetaling zal hij zijn nieuwe woning misschien moeten verkopen om het teveel ontvangene met de interesten terug te betalen. Er is dus een discriminatie tussen de onteigenaar, die zijn hoofddoel ? het bekomen van het onteigende goed- binnen enkele dagen bereikt, en de onteigende, die zijn doel ? het bekomen van een definitieve vergoeding- slechts bereikt na verloop van verschillende jaren. De Belgische rechtbanken en het Belgisch grondwettelijk hof zien hierin geen graten. Het Luxemburgse grondwettelijk hof eist dat een onteigening volledig afgewikkeld is vóór de onteigenaar bezit kan nemen van het onteigende goed. De onteigeningsvergoeding moet definitief vaststaan en zonder definitieve vergoeding kan de onteigende niet uit zijn huis gezet worden (Grondwettelijk Hof Luxemburg, arrest nr. 16/03 van 7 februari 2003, Mémorial-Journal Officiel du Grand-Duché de Luxembourg van 28 februari 2003/A-N° 31, p. 510). De toepasselijke grondwetsbepalingen zijn in België en in Luxemburg dezelfde: in beide landen heeft de onteigende een grondwettelijk recht op een voorafgaande schadeloosstelling. Mijn vraag is nu waarom onze Belgische politici zich niet laten inspireren door het Luxemburgse voorbeeld. Waarom zien zij de onrechtvaardigheid en de ongrondwettelijkheid van de veroordeling tot terugbetaling niet in?
Ambetante
Zondag 14 september 2008 - 13u32
Onteigenden kunnen inderdaad geconfronteerd worden met een in de lucht hangende onteigening die jaren lang als een zwaard van Damocles boven hun hoofden blijft hangen. Dat is het leed vóór de onteigening, dat in het artikel zeer treffend werd geschetst. Er kan de onteigende echter ook heel wat leed te wachten staan na de onteigening. Op grond van de snelrechtwet van 1962 wordt een eigenaar onteigend en binnen enkele dagen uit zijn huis gezet. Nadat hij zijn woning heeft moeten verlaten vraagt de onteigenaar de herziening van zijn onteigeningsvergoeding met de bedoeling deze vergoeding te laten verminderen. In vele gevallen wordt de onteigeningsvergoeding talloze jaren na de onteigening inderdaad verminderd en moet de onteigende de som die hij teveel zou hebben ontvangen terugbetalen aan de onteignaar met interesten op deze som. Deze veroordelingen tot terugbetaling van het teveel ontvangene maken het voor een onteigende totaal onmogelijk de besteding van zijn oorspronkelijke onteigeningsvergoeding deftig te plannen. Met de oorspronkelijke vergoeding heeft hij een nieuw huis gekocht. Na de veroordeling tot terugbetaling zal hij zijn nieuwe woning misschien moeten verkopen om het teveel ontvangene met de interesten terug te betalen. Er is dus een discriminatie tussen de onteigenaar, die zijn hoofddoel ? het bekomen van het onteigende goed- binnen enkele dagen bereikt, en de onteigende, die zijn doel ? het bekomen van een definitieve vergoeding- slechts bereikt na verloop van verschillende jaren. De Belgische rechtbanken en het Belgisch grondwettelijk hof zien hierin geen graten. Het Luxemburgse grondwettelijk hof eist dat een onteigening volledig afgewikkeld is vóór de onteigenaar bezit kan nemen van het onteigende goed. De onteigeningsvergoeding moet definitief vaststaan en zonder definitieve vergoeding kan de onteigende niet uit zijn huis gezet worden (Grondwettelijk Hof Luxemburg, arrest nr. 16/03 van 7 februari 2003, Mémorial-Journal Officiel du Grand-Duché de Luxembourg van 28 februari 2003/A-N° 31, p. 510). De toepasselijke grondwetsbepalingen zijn in België en in Luxemburg dezelfde: in beide landen heeft de onteigende een grondwettelijk recht op een voorafgaande schadeloosstelling. Mijn vraag is nu waarom onze Belgische politici zich niet laten inspireren door het Luxemburgse voorbeeld. Waarom zien zij de onrechtvaardigheid en de ongrondwettelijkheid van de veroordeling tot terugbetaling niet in?
Louke
Zaterdag 13 september 2008 - 17u43
Vele jaren geleden werdt iets dergelijks gerealiseerd in Antwerpen. Bell-Telephone wilde de ganse wijk opkopen voor zijn fabriek. Eén bewoner van die wijk wilde niet wijken. De wraak van Bell-Telephone was zoet!? De fabriek werd gewoonweg RONDOM zijn huis gebouwd. En achter zijn woonst werden de allerzwaartste "punchmachines" geïnstalleerd. De man daverde omzeggens uit zijn bed. Het is nu nog altijd te zien, sijn woonst werd ondertussen afgebroken, waar zijn huis stond. Het is nu een ingang voor een laad- en loszone.
Philip Flam
Maandag 8 september 2008 - 15u05
http://flams.blogspot.com/2006/06/brussel-zuid-bruxelles-midi-1.html http://flams.blogspot.com/2006/07/de-gemeenteraadsverkiezingen-zijn-in.html http://flams.blogspot.com/2006/07/brussel-zuid-bruxelles-midi-2.html
Reageer ook