© Johan Jacobs
Martine zit er overigens gewoon bij: op verzoek van Joëlle, die wéét dat ze het hart op de tong draagt en wel heil ziet in een externe filter. Bij wijze van dank krijgt de chaperonne twee keer een royale gulp cava over broek en trui, door een tijdens het praten wild met haar glas zwaaiende dochter: 'Ik kan er ook niets aan doen, er zit een gigantische kluns in mij.' Wij zijn het niet, kunnen we u met de hand op het hart zeggen, want wij zitten gewoon vóór haar, met een bandopnemertje en een tros vragen.
"'Ik ben trots op mijn moeder. En niet omdat ze (spuwt het uit) een BV is'"
Enkele quotes van Joëlle Edelman
«Ik ben niet katholiek of zo, maar ik geloof wel dat er iets is dat wij niet kunnen verklaren. Misschien is dat God, ja. Ik ben er niet van overtuigd dat hij er is, maar het kán. En ik geloof bijna zeker dat er leven is na de dood - dat onze zielen bij wijze van spreken worden gerecycleerd en in een ander lichaam gestopt. In geesten geloof ik ook: mensen die na hun dood niet meteen naar het hiernamaals gaan maar hier nog even blijven hangen.»
«Ik heb de meest waanzinnige toestanden beleefd, ben een paar keer door het oog van de naald gekropen. Op mijn fiets aangereden door een bestelwagen: met mijn bakkes op het beton en bewusteloos. In een auto gestapt bij een goede vriend die te veel gedronken had: tegen hoge snelheid uit de bocht gevlogen, tegen vier bomen geknald, over de kop gegaan en op ons dak nog zestig meter doorgeschoven - we hebben het achteraf gemeten aan de sporen op de weg. Vijf minuten nadat we ons uit het wrak hadden gesleept, is de auto in elkaar geklapt. Stel dat we toen bewusteloos waren geweest en erin waren blijven zitten, dan waren we zo plat als een vijg geweest.»
«Ik geloof niet in onvoorwaardelijke liefde, want dat zou betekenen dat je hoe dan ook bij je vriend blijft, ook als hij je bedriegt, beliegt of spelletjes met je speelt. Ik ben zelf genoeg bedrogen om te weten hoeveel pijn dat doet. Ook belangrijk: af en toe iets opgeven voor de ander. Ik haat voetbal, maar als mijn vriend nu een grote voetbalfan zou zijn, ga ik zeker eens mee naar een match. Voor hem. 't Zijn kleine opofferingen, maar wel essentieel. Het heeft een tijd geduurd voor ik dat inzag.»
«Het weekend voor Yasmine zelfmoord pleegde, zaten we met z'n drieën op restaurant, in Pig's Café hier op het Zuid. Telkens als ik daar nu voorbijkom, zeg ik: 'Hier heb ik Yasmine voor het laatst gezien.' Die laatste avond op restaurant ben ik samen met haar even buiten een sigaret gaan roken - we waren de enige rokers van het gezelschap. Normaal waren dat momenten waarop het altijd heel leuk babbelen was met haar, maar toen zat ze daar echt als een lijk voor mij. Ze probéérde nog wel een gesprek aan te knopen, maar het lukte gewoon niet meer. Ik had toen al het gevoel dat ik naast iemand zat die vanbinnen niet meer leefde. Toen ik hoorde dat ze zelfmoord had gepleegd, dacht ik: érgens had ik dat kunnen zien aankomen.»
«Ik ben tegen antidepressiva. Ik heb zelf ook al een depressie gehad: ik weet hoe slecht je je dan kunt voelen, en hoe geweldig het kan zijn om dan een pilletje te hebben waarmee alles meteen weer beter wordt. Maar als je weet dat je die pil echt moet blijven nemen om niet meer terug in een dip te vallen, dan denk ik dat je het beter op een natuurlijke manier oplost. Beter dat dan levenslang verslaafd raken aan pillen die slecht zijn voor je lever, je maag en eigenlijk je hele lichaam.»
Het volledige interview met Joëlle Edelman leest u in Humo 3632 van dinsdag 13 april 2010.






























![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)


0 reacties
reageer ookReageer ook