Thrillerauteur Pieter Aspe:
'Ik ben de geldmachine van uitgeverij Manteau, en dat vind ik prima'

, door (jm)

1200
© Saskia Vanderstichele

Want de nieuwe Aspe is een ouwe: ‘De oxymorontheorie’ is het allereerste boek dat hij ooit schreef – in 1991, enkele jaren voor de officiële start van zijn auteurscarrière. Bijna een kwarteeuw raakte Aspe het manuscript niet aan, maar nu wordt het dus toch uitgegeven. Dat is verrassend, maar nog niet half zo verrassend als het volgende: het is géén thriller, géén avontuur van Pieter Van In, géén van een kenmerkend Aspe-carosserietje voorziene plot. Het is wel het verhaal van Pieter De Klerk, een zonderling met een welomlijnd levensdoel: uitsluitsel brengen over het bestaan van een leven na de dood. Daar komt hoogdravend gefilosofeer van, en een kluwen van ijle theorieën. En ellende, natuurlijk: Pieter belandt in de klauwen van een sinister bedrijf én in die van de liefde, om vervolgens zijn totale neergang te beleven. Pieter Aspe, de man van de lekker lopende detectives, is zijn carrière zowaar begonnen met een ambitieuze literaire roman.

Het begon gelukkig wel gewoon op café, in het gezelschap van een vriend.

Pieter Aspe «Hij was al jaren aan zijn meesterwerk aan het schrijven – het boek dat alle andere boeken onherroepelijk in de schaduw zou zetten. Ik was nieuwsgierig, vroeg ’m voortdurend hoe het zat, maar het blééf duren. Op een namiddag in de winter van 1991 sloten we een weddenschap af: hij kreeg een jaar om zijn boek af te werken, ik om er één te schrijven. En wie erin slaagde, kreeg van de ander een bak Duvel. Mijn motivatie was dubbel: ik wilde die weddenschap winnen, natuurlijk, maar ook hem ertoe aanzetten om dat boek eindelijk af te maken. Enfin, een jaar later had ik mijn roman klaar. Hij niet.»

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven