Humo helpt u uit uw comfortzone, deel 2: Onze Man wordt Kabouter Plop

, door (jm)

plop 1200

'Ik zie niks, dus ik moet het een beetje op z'n Vangheluwes doen: uitnodigend tasten naar de kindjes rondom me'

Ik ben in Plopsaland, het pretpark van Studio 100 in Adinkerke, en een dag lang zal ik er tot het animatieteam behoren. Dat wordt geen walk in the park, begrijp ik al snel: het is negen uur ’s ochtends, en ik word meteen een radertje in de hoge toerentallen draaiende machine die Plopsaland is. Zo meteen gaat het park open, en moet ik helpen bij de verwelkoming van de bezoekers. Concreet: wanneer de kinderen en hun ouders of grootouders voorbij het sas aan de ingang en – minstens even belangrijk – de kassa zijn, krijgen ze meteen hun televisiehelden in het vizier. In wisselende constellaties staan de Studio 100-figuren – Plop, Maya de Bij, Bumba et les autres – de bezoekers op te wachten. De kinderen (en indien gewenst ook de ouders, Plopsaland gunt iedereen z’n particuliere verlangens) mogen knuffelen met hun favoriete figuur, en uiteraard loopt er net dan een fotograaf langs om al die ontroering vast te leggen – straks, aan het einde van de dag, kunnen de ouders die foto kopen.

‘De magie intact houden: dat is je belangrijkste opdracht,’ heeft Carmine Frisenda (32) gezegd, de operations coordinator van Plopsaland. ‘De kinderen geloven dat jij Plop bent. Daar handel je naar: ze moeten elke beweging van hun held herkennen.’ Ik gehoorzaam gedwee, en laat Plop dus niet in z’n kruis tasten wanneer hij een esthetisch sterk bevoordeelde mama ziet met wie hij weleens wil aperitieven in de Melkherberg, en evenmin laat ik ’m genoeglijk brommend aan z’n achtersteven krabben om duidelijk te maken dat kabouters nu eenmaal ook last hebben van zweet dat de bilnaad tot een humanitair rampgebied maakt. Nee, ik doe het zoals het hoort: ik wuif neurotisch naar aarzelende kindjes, wapper ze met Plops armen een warm welkom, en omarm gezinnetjes met het oog op de perfecte foto.

'Langer dan een halfuur in zo'n zwaar, warm pak komt zo ongeveer neer op een schending van de mensenrechten'

De ouders vinden het logisch, de man in het kabouterpak die hun kinderen een mooie illusie cadeau doet. Wat ze niet weten: dat ik een tragische verstikkingsdood aan het sterven ben. En ook: dat ik geen hol – maar echt: geen hól – zie.

Eerst de verstikkingsdood: zo’n pak is zwaar, en krap. Wie last heeft van claustrofobie, solliciteert beter niet bij het animatieteam van Plopsaland. Wie niet stiekem een béétje geniet van het aroma van z’n eigen zweet ook niet.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven