De bakker doet zijn laatste ronde: afscheid van een vriend en een manusje-van-alles

, door (jh)

brood 1200
© Anton Coene

'In de voormiddag vroegen vrouwen me weleens: bakker, kunt ge het haakske van mijn soutien dichtdoen?'

De nacht trekt weg van de brede steenweg naar Tongeren. In Haren (bij Borgloon) is Raf Wathion (41) sinds twee uur op om te bakken. Z’n vrouw Wendy is om vijf uur opgestaan om de broden te snijden en in te laden. Om halfzeven neemt Raf een douche, een ijskoude cola én een gloeiende koffie, zijn kickstart voor een lange dag.

De eerste klanten komen in nachthemd en peignoir opendoen. Raf opent de achterdeur van de camionette: de warme geur van brood en patisserie in de ochtendkou. De zon klimt in Bommershoven boven het kasteel en het hoogstamfruit. Voor de ‘heer van ’t kasteel’ moest Raf vroeger zijn klak afnemen. Er was nog ontzag in de dorpen. En sociale controle. ‘Als jonge gast had ik lang haar. Vijf jaar lang kreeg ik opmerkingen dat het niet proper was. Ik werd het beu en liet het knippen. Iedereen content: hun bakker was weer fatsoenlijk.’

'Toen ik het aan mijn stembanden had en niet kon spreken, was ik drie uur vroeger thuis'

Raf brengt brood met een kwinkslag. Flinkgrijze hoofden spreekt hij aan met ‘jongedame’ en ‘jongeheer’. Een vrouw met slepende rugpijn wil hij weleens ‘uitrollen met zijn deegrol’, en de man die opendoet in sandalen en korte broek wordt door hem geduid als ‘de klant waar ik van af wil, maar die ik behoud vanwege zijn magnifieke benen’. Onnozel doen, de klanten op hun kap zitten: zo is Raf. De bakker als zotte vlaai.

Officieel doet Raf deze broodronde al 22 jaar. ‘Maar eigenlijk is het 36 jaar,’ met de jaren erbij dat hij zijn bompa én grootbompa meehielp. Raf heeft twee rondedagen, woensdag en zaterdag, met telkens 120 à 140 klanten. Vroeger had hij nog meer klandizie, maar tien jaar geleden moest hij in zijn ronde snoeien: 50 verafgelegen klanten kregen te horen dat het gedaan was. ‘Sommigen begonnen te wenen, stonden op van tafel, vielen in mijn armen. Dan snotter ik ook. Dat was janken, een hele zaterdag lang, ik heb afgezien.’

Stembanden

Gors-Opleeuw telt 400 inwoners. Die wonen hier onder de kalme slag van de kerktoren.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven