Hoe illegale chauffeurs onze wegen onveilig maken: hongerlonen, nepattesten en gammele trucks

, door (rs)

illegale chauffeurs 1200

'Als je ziet dat meer dan 80 procent van de vrachtwagens op de snelweg uit het voormalige Oostblok komt, dan weet je dat er iets niet in orde is'

Eind september, twee dagen nadat Koen Geens, de CD&V-minister van Justitie, de Week zonder vluchtmisdrijf had gelanceerd en had laten weten dat vluchtmisdrijven voortaan zwaarder bestraft zouden worden, reed een journalist van Humo over de E17 van Gent naar Antwerpen. Net voor de Kennedytunnel werd hij van achteren aangereden door een truckchauffeur die met hoge snelheid vanaf de oprit van de E34 invoegde. De auto van de journalist tolde van de weg en sloeg te pletter tegen de vangrail – niemand gewond, maar wel het einde van de auto. De witte vrachtwagen, zonder bedrijfslogo of andere identificatie, reed zonder omkijken voort. In normale omstandigheden zou dit het einde van de affaire geweest zijn. Geen dader, geen verhaal.

Maar deze keer liep het niet zo. Achter de vrachtwagen reed een politie-inspecteur uit Temse. Hij noteerde de nummerplaat en zag hoe de truckchauffeur een eind verder op de pechstrook stopte – niet om zich te verantwoorden voor het door hem veroorzaakte ongeval of om hulp te bieden, maar om te zien hoe het met zijn vrachtwagen gesteld was en er vervolgens opnieuw vandoor te gaan.

En zo werd dit banale vluchtmisdrijf een venster op het zootje dat een deel van het Belgische transportwezen sinds enkele jaren is geworden, een schimmige wereld van ritselende transportbedrijven, duistere schermvennootschappen in het voormalige Oostblok en ongecontroleerde chauffeurs uit Hongarije, Bulgarije, Polen, Roemenië, Oekraïne, en zelfs de Filipijnen.

'Het is zo gortig dat zelfs de Poolse chauffeurs er genoeg van hebben'

Truck op de vlucht

De nummerplaat van de truck op de vlucht was: QAAY850, een Q-nummerplaat die in België wordt uitgereikt voor aanhangwagens en opleggers. QAAY850 is van een transportbedrijf uit Rumst: J. Van Roosbroeck-Maes, gespecialiseerd in transport, full truckload shipping in België en Frankrijk, en een niet onbelangrijke speler in de Vlaamse transportsector. Maar toen de federale politie van de Verkeerspost Grobbendonk dat bedrijf in Rumst aansprak om te weten te komen wie de chauffeur was, hield men zich van de domme: ja, die oplegger was wel van hen, maar ze hadden geen idee waar die was, waarvoor hij werd gebruikt, wie ermee reed en waar de chauffeur uithing. Dat moest de politie maar in Polen gaan vragen. Want Van Roosbroeck-Maes gebruikte de oplegger met die nummerplaat niet zelf. Het bedrijf verhuurde hem aan een Poolse transportfirma: Kapcargo Sp.Z.o.o. in Elblag, een stadje in het noorden van Polen, in de buurt van het veel grotere Gdansk.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven