Ze zijn de vergeten slachtoffers van 22/3, de daklozen van Zaventem: 'Op slag waren we alles kwijt'

© Siska Vandecasteele

'Niemand kwam ongedeerd uit de aanslagen, maar voor de daklozen was het nog erger. Plots bestond hun thuis niet meer'

‘Eerlijk? Als je dakloos bent, bestaat er geen betere plek dan de luchthaven van Zaventem,’ zegt Bruno (58). Hij kan het weten, want hij woont er al vier jaar. ‘Je zit hier warm, droog en veilig. Er zijn gratis toiletten en stopcontacten. Er is overal eten en drinken te vinden. De mensen die hier werken, zijn heel hartelijk: ik ken intussen bijna iedereen. Ik heb het grootste huis dat je je kunt indenken. En het is de perfecte plek om te verdwijnen, of een ander personage te spelen.’ Zelf speelt Bruno al jaren met verve de rol van de wachtende reiziger. Fris geschoren, blinkend horloge aan de pols, een karretje vol koffers: hij ziet er niet anders uit dan de andere passagiers.

Elke nacht nestelt hij zich in een stoeltje in de wachtzaal, tussen de andere duttende reizigers. Een deken heeft hij niet nodig. Hij is het gewoon om in zijn kleren te slapen, met een vliegtuigkussentje in z’n nek. Tussen vijf en zes uur ’s ochtends gaat het alarm van zijn gsm af – het deuntje van ‘Mission Impossible’ – en begint zijn ochtendritueel. Eerst naar de toiletten om zich te wassen en te scheren. Hij vindt het belangrijk om er verzorgd uit te zien. ‘Als je je trots verliest, is het einde zoek.’ Om zes uur gaat de Delhaize open en koopt hij een rozijnenkoek. Dan naar de stand van Thomas Cook, waar hij zijn krant krijgt, en vervolgens naar beneden, om een sigaretje te roken en koffie te zetten.

Bruno «Ik heb een waterkokertje, een pot oploskoffie en een lepeltje. Beneden naast de parkeergarages is een overdekt wachtzaaltje voor de bussen. Vóór de aanslagen stonden er nog banken in, en een snoep- en drankenautomaat. Er was een stopcontact voor mijn waterkokertje, en sanitair. Alles wat je nodig hebt.»

In dat bushokje zit Bruno die onfortuinlijke ochtend van 22 maart, wanneer twee verdiepingen hoger in de vertrekhal om 7.58 uur de wereld vergaat.

'Na onze vlucht uit de luchthaven reden we met de metro langs Maalbeek, vier minuten voor dáár de bom ontplofte. In één uur zijn we aan twee aanslagen ontsnapt'

Bruno «Ik hoorde een doffe knal en dacht dat er iets gebeurd was in het treinstation, een verdieping lager. Maar dan volgde een tweede ontploffing, nog heviger. Het plafond begon te trillen, er viel een verluchtingsrooster naar beneden, het leek wel oorlog. Ik liep met mijn koffiebekertje naar buiten en botste tegen een taxichauffeur. ‘Het is nu geen tijd om koffie te drinken, Bruno!’ riep die. ‘Lopen, jong!’»

Tientallen daklozen in het luchthavengebouw zien die ochtend het dak boven hun hoofd instorten. Johannes, de oude Nederlandse schipper, zit in de wachtzaal in een achtergebleven krant te bladeren. ‘Alles begon te schudden, het was net een aardbeving.’

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
kiest u één van deze opties:

IK KOOP DIT ARTIKEL

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven