Humo sprak met Sharleen Spiteri, frontvrouw van Texas:
'Alles tonen is niet sexy'

, door (kv)

'Torhout/Werchter 1989? Beste ervaring uit mij carrière. Ik had nog nooit zoiets groots gezien'

HUMO ‘I Don’t Want a Lover’ was in 1989 jullie doorbraakhit. Had je dertig jaar geleden durven te denken dat je hier nu nog zou zitten?

Sharleen Spiteri «Na de tour voor ‘The Conversation’ (in 2013, red.) gingen we meteen de baan weer op voor de 25ste verjaardag van Texas. Als ik toen op de concerten niet die overweldigende respons van de fans had gevoeld, had ik daarna wel even nagedacht of we nog een nieuwe plaat zouden maken. Maar door al die positieve vibes dachten we: ‘Shit, let’s do it.’ Het besef dat er – hoewel we allang niet meer op ons hoogtepunt zijn – nog zoveel interesse was in wat we doen, heeft ons weer naar de studio geleid. Vreemd genoeg kwam die interesse ook van een jongere generatie – fans die me na de optredens vertelden: ‘In 1997 was ik 6, en toen was Texas continu op de radio.’»

HUMO Je hebt het over jullie comeback, met popsingles als ‘Say What You Want’ en ‘Black Eyed Boy’.

Spiteri «Ja, toen kregen we dus een tweede generatie Texas-fans. En intussen is er een derde reïncarnatie van de groep aan de gang, in weer een andere tijd. Ik prijs mezelf gelukkig dat ik de eighties, de nineties én de noughties mag meemaken.»

HUMO Terug naar die tweede reïncarnatie, en de plaat ‘White on Blonde’ uit 1997. De single ‘Black Eyed Boy’ was een duidelijke knipoog naar één van je favoriete groepen: The Supremes. Weerklonk er, toen je in de jaren 70 in Glasgow opgroeide, ten huize Spiteri vooral Motown?

Spiteri «Dat was wat mijn moeder opzette. Zij luisterde naar jazz, blues en soul, ze draaide platen van Mahalia Jackson, Ella Fitzgerald, Al Green, Marvin Gaye, al de Motown-stuff... Mijn vader was meer into The Stones en Amerikaanse rock als de Eagles, The Byrds en Gene Clark. En toen ik zelf muziek begon te ontdekken, kwamen daar Elvis Costello & The Attractions bij, en The Clash, The Pretenders, Blondie, Echo & The Bunnymen... En de Sex Pistols en The Specials, die me naar de hele skabeweging leidden, met de Studio One-platen. Ik was geïnteresseerd in muziek, en ik groeide op met twee ouders die constant muziek speelden – iedereen thuis stond open voor alles.»

HUMO Hoe herinner je je de muziekscene in Glasgow in de jaren 80, voor je met Texas begon?

Spiteri «We hebben altijd een goeie muziekscene gehad. Toen ik naar concerten begon te gaan, was Simple Minds de bekendste groep – ‘Love Song’ was hun belangrijkste release. Er waren altijd Schotse artiesten die doorbraken: Annie Lennox bij Eurythmics, Edwyn Collins, en Johnny (McElhone, die Texas samen met Spiteri heeft opgericht, red.) zat eerst in Altered Images.

»Maar Texas heeft nooit deel van een scene uitgemaakt. Dat is nooit mijn ambitie geweest, ook al op school niet. Het enige wat ik daar continu dacht was: ‘What the fuck am I doing here? Ik heb niks gemeen met al die mensen.’ En na school zat ik in een band en kwam ik andere bands tegen die zeiden: ‘Hey, laten we een clan vormen!’ Toen dacht ik ook alleen maar: ‘Fuck that shit.’»

HUMO Je jeugdhelden waren Marlon Brando en Steve McQueen, mannen op motoren of in snelle auto’s. Er is ook die iconische zwart-witfoto van de jonge Sharleen Spiteri op een motorfiets, in perfecto en op biker boots.

Spiteri «Ik was gek op de fiftiesstijl: Brando in ‘The Wild One’, de looks van Elvis... Ik hield al heel vroeg van sterke beelden, maar het ging natuurlijk ook om de attitude, de free spiritsSteve McQueen als eenzame autoracer, Joe Strummer... Ik wou zelf zo’n free spirit zijn.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
kiest u één van deze opties:

IK KOOP DIT ARTIKEL

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven