Het moeilijke gevecht tegen onze smartphoneverslaving: 'Het is als een drug, ik kan er niet aan weerstaan'

, door (jana antonissen)

vrijbeeld

'Ik weet dat het mij niets bijbrengt, maar toch kan ik er niet aan weerstaan'

Ik had het stiekem willen doen – gewoon even Instagram checken terwijl mijn vriend een parkeerticket zoekt. Het is misschien de tiende keer dat ik vandaag de app open, maar aangezien het fotoplatform voortdurend vanuit de hele wereld wordt gevoed, valt er altijd wel iets te beleven. Als mijn vriend sneller dan verwacht weer naast me staat, verstop ik mijn telefoon gauw in mijn jas. Terwijl we naar huis wandelen, klinkt vanuit mijn binnenzak plots een discodeuntje. Blozend leg ik een Instagram-video waarin een verre kennis een gek dansje uitvoert het zwijgen op.

Als het echt moet, kan ik best zonder smartphone, maar zodra het ding zich in een straal van vijf meter bevindt, zuigt het al mijn aandacht op. En dan is het onmogelijk me op iets anders te concentreren, of het nu mijn tafelgezelschap is of mijn werk.

Ik ben lang niet de enige die daarmee worstelt. Volgens het jaarlijkse rapport van Digimeter, een onafhankelijk onderzoeksproject van het Interuniversitair Micro-Elektronica Centrum (IMEC) dat informatie over Vlaamse mediagebruikers beschikbaar maakt voor het grote publiek, lijdt 13 procent van alle Vlamingen – en een kwart van alle 20- tot 29-jarigen – aan digibesitas, het dwangmatige overgebruik van digitale toestellen. Eén op de acht noemt zichzelf verslaafd.

Leyla Hesna (35) is één van hen. Als zelfstandig fotografe heeft ze geen tijd op overschot, en toch brengt ze minstens drie uur per dag op haar smartphone door.

Leyla Hesna «Ik was altijd al actief op sociale media, maar sinds ik als fotografe werk, zijn Facebook en Instagram noodzakelijke werkinstrumenten geworden. Dankzij die platformen kan ik als zelfstandige opereren: mensen ontdekken mijn werk, ze vermelden mijn naam of gebruiken één van mijn beelden als profielfoto en maken zo gratis reclame. Ontzettend handig, die sociale media. Maar gezegend zijn zij die er op een gezonde manier mee kunnen omgaan (lacht).

»Zolang ik aan het werk ben, is er geen probleem. Tijdens een fotoshoot is Facebook wel het laatste waaraan ik denk. Maar zodra ik me een beetje verveel, ga ik online, vooral als ik alleen ben. In gezelschap heb ik er geen probleem mee mijn telefoon op te bergen, maar ik merk dat mijn jongere vrienden het daar wel moeilijk mee hebben. Tegenwoordig is het zo ingeburgerd om voortdurend je smartphone te checken, dat veel mensen het niet langer als onbeleefd beschouwen wanneer je op café je telefoon gewoon op tafel legt. Maar mij leidt het te veel af. Zelfs als ik het binnengekomen berichtje niet meteen bekijk, duurt het even voor ik de draad van het gesprek weer kan oppikken. Die voortdurende informatiestroom maakt me rusteloos en geïrriteerd: ik heb het gevoel dat ik altijd iets mis.

»Ik heb al een paar keer de Facebook-app van mijn telefoon verwijderd, maar drie uur later log ik opnieuw in en ben ik weer vertrokken. Vaak weet ik dan zelfs niet meer waarom ik mijn smartphone vastheb. Het is zoals een drug. Ik weet dat het mij niets bijbrengt, maar toch kan ik er niet aan weerstaan.»

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
kiest u één van deze opties:

IK KOOP DIT ARTIKEL

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven