Pijn, pillen en pittige rokjes: 1001 tips om te slagen voor je examens

, door (hvt)

'De prof vroeg: 'De bouwmeester van deze Romeinse tempel is...' Ik vulde aan: '...dood.' Ik was niet geslaagd'

‘Stress en diarree’

Jean Paul van Bendegem (prof wetenschapsfilosofie en logica) «Ik had altijd stress tijdens de examens. Dat uitte zich in de klassieke fenomenen: niet kunnen eten, diarree, dat verbeterde een beetje zodra ik in de wijsbegeerte zat: examens namen daar meer de vorm van een discussie aan, het was geen zuiver geheugenwerk. Maar zelfs toen ik na mijn doctoraatsverdediging van de jury te horen kreeg dat ik geslaagd was met grootste onderscheiding, werd het me nog blauw voor de ogen. Ik houd er dan ook rekening mee dat er tussen mijn eigen studenten ook stresskippen zitten.»

HUMO U was zelf student in de jaren 70: is er een groot verschil tussen de proffen van toen en die van nu?

VAN BENDEGEM «Er waren vroeger professoren met, bijvoorbeeld, een alcoholprobleem: dat zou nu niet meer kunnen. Professoren worden om de vijf jaar geëvalueerd: bij een negatief rapport moet er aan remediëring gedaan worden. En na twee opeenvolgende negatieve rapporten vlieg je buiten. Die verandering is misschien niet slecht, maar daardoor wordt het wel allemaal wat grijzer: de flamboyante figuren raak je kwijt.

»Ik heb het geluk gehad les te krijgen van onder meer Leo Apostel, Etienne Vermeersch en Jaap Kruithof: dat is filosofie studeren op Comme Chez Soi-niveau. Maar in de psychologie, bijvoorbeeld, zaten ze met professor Paul Ghysbrecht, over wie de wildste verhalen de ronde deden: dat je op het examen binnenkwam en hem niet achter zijn bureau zag zitten, maar boven op een kast. Maar dat verhaal klopt niet. Wat hij, net als Kruithof, wél deed: drie studenten binnenroepen en hen samen examen laten afleggen – dan moesten ze mekaars antwoorden afmaken en zo. Sommigen kwamen daar beteuterd of kwaad buiten, en begonnen dan zulke verhalen te verzinnen. Over mij heeft ook lang een verhaal de ronde gedaan dat niet klopte. Bij het mondelinge examen logica waren er altijd wel een paar studenten die mijn bureau binnenkwamen en zeiden: ‘Ik moet iets bekennen, professor, ik kán eigenlijk helemaal niet logisch denken.’ Ik antwoordde dan: ‘Als ik je nu vraag op een stoel te gaan staan en eraf te springen, zul je dat dan doen?’ – ‘Ja, professor.’ Waarop ik vervolgde: ‘We zitten hier op de vijfde verdieping. Als ik je zou vragen door het raam naar beneden te springen, zou je dat dan doen?’ Hun verstandige repliek: ‘Neen, professor.’ Waarop ik: ‘Voilà, je kunt logisch denken! Ga zitten, het examen is begonnen.’ Dat voorval was op een bepaald moment uitgegroeid tot de roddel dat mijn examen zeer eenvoudig was: ‘Als hij je vraagt op een stoel te gaan staan, moet je dat doen, maar daarna vraagt hij om door het raam naar beneden te springen: dat moet je níét doen.’ (lacht)»

HUMO Bent u een strenge prof?

VAN BENDEGEM «Mijn vak is geen buisvak, maar formele logica is voor velen iets vreemds. Ik train studenten op het herkennen van de structuur van een argument: deugt die of niet? Bijvoorbeeld: ‘Als ik thuis ben, brandt het licht. Je passeert in mijn straat en ziet het licht branden.’ Veel studenten zeggen dan: ‘Ah, dan bent u thuis.’ Neen! Het zou kunnen dat ik het licht altíjd laat branden. Die manier om redeneringen te ontleden is iets waar het middelbaar onderwijs te weinig aandacht aan besteedt.

Dit artikel volledig gratis lezen?

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven