Heleen Debruyne: 'Een troep gemeen lachende heksen'

, door (heleen debruyne)

Heleen Debruyne: 'Heleen Debruyne'

Vroeger bleven de scheten van de onderbuik van de maatschappij drijven in cafés en woonkamers. Nu doen ze Twitter en Facebook stinken. Soms begeef ik me in die walm – ik moet uit mijn mediabubbel treden. In die onderbuik gist het vermoeden dat het ‘doorgeslagen feminisme’ de wereld heeft verziekt. Dat ongenoegen heeft geen politieke kleur: zowel linkse als rechtse virtuele tooghangers uiten het.

De wereld is helemaal gefeminiseerd, schreeuwen ze. Vrouwen kunnen geen relaties meer aangaan, ze hebben geleerd dat ‘ze het waard zijn’, niemand is ooit nog goed genoeg. Feministen doen alsof alle mannen gore verkrachters zijn. Door hun schuld weten verwarde mannen van geen hout pijlen meer te maken.

Feministen denken dat ze de biologie kunnen overstijgen, de domme trutten. En waar is al dat rare gendergedoe toch voor nodig? Alle westerse feministen weigeren te reflecteren over de positie van de vrouw in de islam en over de vrouwenmishandeling in Saudi-Arabië, waar wij zo gretig zaken mee doen. Feministen overvleugelen met hun individualistische burgerlijke besognes de ware strijd: die van de onderklasse tegen het patriarchaat. Als het niet de Walen, de moslims of de one percent zijn, hebben de feministen het sowieso gedaan.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven