Heleen Debruyne: 'Bloed aan de handen'

, door (heleen debruyne)

Heleen Debruyne: 'Bloed aan de handen'

Dat morbide verlangen plaagt me al een paar jaar. Nochtans eet ik maar heel zelden vlees. Na het zien van een paar bloedovergoten documentaires in mijn late tienerjaren, wordt mijn lust naar een druipende lap vlees zowat altijd overstemd door de beelden van krijsende varkens en zieltogende koeien. En dan zijn er nog andere zinnige argumenten, zoals: ‘Het is slecht voor het milieu.’ Of: ‘Industrieel gekweekt vlees is helemaal niet gezond.’ Al lepel ik wekelijks wel minstens tien uit verre oorden overgevlogen avocado’s naar binnen, slechts heel zachtjes gekweld door mijn geweten.

Moraalfilosoof Peter Singer schreef zo’n vier decennia geleden al dat de gigantische vleesindustrie verantwoordelijk is voor meer lijden dan alle oorlogen ooit bij elkaar opgeteld. In zijn wereldwijde bestseller ‘Homo Deus’ gooit de Israëlische historicus Yuval Noah Harari nog een paar knallende argumenten tegen de vleesindustrie aan. De heilige boeken die ons toestaan dieren op te eten, volgen we niet meer naar de letter. Wij mensen hebben niet zoiets als een ongrijpbare ziel. We weten zelfs nog niet eens hoe ons bewustzijn in elkaar zit. Hoe kunnen we dan zeker weten dat dieren niet bewust zijn, op manieren die wij niet kunnen meten? Wat wél zeker is, is dat dieren pijn en angst voelen, dus dat ze kunnen lijden. De gedomesticeerde dieren die we kweken, melken en opeten, hebben nog grotendeels dezelfde instincten als hun verre voorouders. Wat die instincten vooral niet willen, is samengeperst worden in kleine hokjes, gecontroleerd bevrucht worden zonder coïtus en gescheiden worden van hun kroost. Laat staan in de fleur van hun leven geslacht worden.

Dat de vleesindustrie lijden veroorzaakt, valt niet tegen te spreken. Waarom wil ik dan eigenhandig een levend, lijdend wezen kelen? In ‘Dieren eten’ betoogt auteur Jonathan Safran Foer dat we, om dieren te eten, een rare mentale spreidstand maken. We voelen dat er iets mis mee is – we zijn zelf immers ook dieren, weten we sinds God zo ongeveer dood is. Daarom is het zo comfortabel dat we ons vlees verpakt in glanzend plastic kunnen kopen, negerend hoe het er in de vleesindustrie aan toegaat. Des te hypocrieter, als je nagaat hoeveel geld mensen in het Westen overhebben voor de speeltjes van hun kwispelende huisdieren. Geen vlees eten is in deze geïndustrialiseerde samenleving volgens Safran Foer dus de meest ethische keuze.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven