Naema Tahir: 'Waarom ik niet kan zwemmen'

, door (nt)

Naema Tahir: 'Naema Tahir'

Drie decennia later kom ik weer veel in het zwembad, omdat mijn dochter zwemles heeft. Tot mijn verbazing blijken er nu méér collectieve kleedhokken te zijn. In het zwembad van mijn dochter telde ik er maar liefst vier: een kleedhok voor meisjes met moeders, één voor meisjes met moeders of vaders, één voor jongens met moeders en ten slotte één voor jongens met moeders of vaders.

De traditionele scheiding tussen meisjes en jongens wordt dus nog steeds in ere gehouden, maar er is ook iets aan toegevoegd: aparte kleedhokken voor begeleidende moeders. Waarom is dat het geval? De reden is helder: er zijn veel moeders – doorgaans gelovige immigrantenvrouwen – die geen kleedhok willen of mogen delen met vaders. Zelfs al gaan niet zij, maar hun kinderen uit de kleren.

Ik kan me best voorstellen waarom het zwembad dat systeem heeft ingevoerd. Voor mensen die uit een cultuur komen die veel meer dan hier een scheiding kent tussen mannen en vrouwen, en reserve en afstand tussen de geslachten, zijn zulke gescheiden ruimtes prettig en, meer fundamenteel, goede, zuivere ruimtes. Waarschijnlijk is het bestaan van zulke gescheiden kleedhokken de voorwaarde waaronder het voor die mensen mogelijk is om hun dochters of zonen te laten deelnemen aan de zwemlessen. Zouden ze niet bestaan, dan zouden ze hun kinderen thuishouden en zouden die hun zwemdiploma niet halen.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven