Koppensneller Herman Brusselmans: 'Brusselmans bijna gestopt met roken'

, door (hb)

Ik begon met roken op m’n 9de. Ik had een sigaret gejat, een groene Saint-Michel zonder filter, uit het pakje van m’n vader. Ik zag hoe die man de ene sigaret na de andere opstak, dag en nacht, en ik dacht: ‘Een zoon moet z’n vader volgen op duizend paden, waar ze hem ook brengen, zij het in de woestijn, zij het in het moeras, zij het in de hel.’

De gestolen sigaret en een doosje lucifers nam ik mee naar de achterkant van de weide in de Weverstraat, waarop de koeien van m’n vader de veehandelaar graasden. Ik herinner me die dieren, en ik ga dood van de melancholie als ik aan ze denk, hoe ze daar naar mij stonden te staren, met die vredige ogen, terwijl ik bibberend zeker vijf lucifers nodig had om de sigaret te doen ontbranden.

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven