Gregory Porter over zijn idool Nat King Cole

, door (ss)

'Ik ben opgegroeid zonder vader, maar ik had de muziek van Nat King Cole'

HUMO Met jouw ervaring: was Nat King Coles superieure stem een gave die hem amper moeite kostte? Of was het hard werken en deed hij het moeiteloos lijken, zoals ballerina’s doen?

Gregory Porter «Beide. Je kunt van een kiezelsteen geen diamant maken, en een miljoen zanglessen dienen tot niets als je de goede genen niet hebt. Ik twijfel er niet aan dat Nat King Cole net als ik stiekem elke dag zijn voorouders, God en de natuur dankte voor die goede genen. Maar zingen is ook trainen. Mijn eerste zangleraar zei: ‘Gregory, you have the gift. Now the hard work starts.’ Dat was niet wat ik wilde horen (lacht).

»Ook King Cole werkte buitengewoon hard. De meeste crooners zongen enkel en lieten hun materiaal door grote componisten op maat schrijven. Nat niet: hij componeerde zelf, speelde live piano en entertainde ook nog. Toen ik beelden van zijn concerten bekeek, viel me op hoeveel ballen tegelijk hij in de lucht hield en hoe moeiteloos hij dat liet lijken. Hij kreeg z’n publiek elke keer plat en miste geen noot. Ik heb ‘Live at the Sands’ tien keer bekeken, op zoek naar foutjes. Er zijn er geen. Nothin’, man! Hij kon alles aan: een groot orkest, een bigband, maar ook een naakt jazztrio waarachter je je onmogelijk kan verschuilen. Hij was ook een onderschat pianist die zijn instrument liet zingen, zelfs grootmeesters van de jazz zoals Oscar Peterson hebben zijn invloed erkend. En Nat was geen aansteller, he never overplayed.»

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven