Na de rellen: de noodkreet van de Brusselse politie. '90 procent van wat wij doen, heeft geen enkele zin'

, door (rl)

Politie Brussel 1200

'Ik heb al honderden criminelen opgepakt, maar het gros van hen wordt meteen vrijgelaten. 90 procent van wat wij doen, heeft geen enkele zin'

Zaterdagavond, een halfuur na het beslissende WK-kwalificatieduel tussen Ivoorkust en Marokko. Een patrouille van de Brusselse politiezone Zuid hoort dat het fout loopt aan de Beurs. Ze schakelen over op het kanaal van Brussel Hoofdstad en horen berichten over een paar honderd Marokkaanse relschoppers die via de Lemonnierlaan afzakken naar het station Brussel-Zuid. Ze reppen zich erheen om steun te verlenen. Intussen horen ze hoe de meute een meubelzaak probeert te overvallen. Tot hun ongeloof beveelt het commando de politietroepen in de Lemonnierlaan om ‘tactisch terug te trekken’.

Een paar minuten later komt het bericht dat de meubelzaak wordt geplunderd en dat de omstaanders die dat proberen te verhinderen, worden belaagd. De politie staat op dat moment een paar honderd meter verderop, maar de strategie blijft: terugtrekken. Ook wanneer de dispatching meldt dat een nachtwinkel wordt overvallen en dat de relschoppers in een andere zaak zijn doorgedrongen tot de bovenverdieping, waar ze de bewoners bedreigen en beroven. De nachtwinkeluitbater krijgt een pak slaag. Hij belt de hulpdiensten en vraagt een ambulance. De ambulanciers vragen ondersteuning van de politie en toestemming om uit te rukken. Maar de bevelhebber in het commandocentrum van de politie beslist: ‘Die man moet zelf naar het ziekenhuis gaan, we hebben er nu geen volk voor.’

De agenten van de zone Zuid kunnen het niet geloven. Hun woede groeit, hun handen jeuken. In de buurt van het Zuidstation zien ze hoe een groepje vandalen, dat is afgezakt vanuit het centrum, probeert in te breken in een seksshop. Een patrouille in burger aarzelt niet. Ze verrast de groep compleet en er wordt raak geslagen. Arrestaties verrichten ze niet. Ze weten dat het parket de daders diezelfde avond nog zal laten gaan.

Na twee uur is ‘het feest’ voorbij en heeft de politie van de zone Hoofdstad de zaak onder controle. De Lemonnierlaan lijkt op een oorlogsgebied, de agenten zijn totaal gedesillusioneerd.

GRIET* (politieagente Brussel Hoofdstad) «Het stadsbestuur en de politiebazen hebben die match zwaar onderschat. Ze hadden dit moeten weten: er leven zoveel Marokkanen in Brussel. Men heeft in allerijl volk moeten optrommelen.

»Op het terrein waren de instructies duidelijk: we móchten niet tussenkomen. Die strategie wordt al jaren gevolgd bij manifestaties: niet provoceren, je zo weinig mogelijk laten zien. Maar ze werkt niet. Iedereen is gedegouteerd. De officieren durven geen enkel risico te nemen. Ze hebben geen ervaring met ordehandhaving. Ze moeten een peloton leiden in een stratenoorlog en doen het in hun broek.

'Geld voor schadevergoedingen hebben ze niet, in de gevangenis krijg je ze niet. We kunnen ze enkel een pak slaag geven'

»Enkele jaren geleden was ik erbij toen zwarte jongeren ons aanvielen in de Matongéwijk. We kregen het bevel om te blijven staan, terwijl de stenen ons om het hoofd vlogen. Ik verzeker je: dan kookt je bloed. Ik ben niet bij de politie gegaan om me te laten bekogelen en passief toe te kijken hoe opgehitste jongeren de stad slopen.»

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven