De Bende van Nijvel-film: Humo sprak met regisseur Stijn Coninx en overlever David Van de Steen

, door (ab)

'Mensen zonder hoofd of met een gat in hun buik: steek de gruwel die ik heb gezien in de film, en de mensen gaan ziek buiten'

De opnames van de film ‘Niet schieten’ waren volop aan de gang toen de Bende van Nijvel, na jaren radiostilte, enkele weken geleden plots weer het hoofdpunt werd in het nieuws. De Reus van de Bende was mogelijk ontmaskerd, maakte het gerecht in Charleroi bekend. Het ging om een ex-rijkswachter uit Aalst, Christiaan Bonkoffsky, die net voor zijn dood aan zijn broer bekende dat hij had deelgenomen aan de moorddadige raids van de Bende in de jaren tachtig. Het was David Van de Steen zelf die in februari al met de tip naar het gerecht in Charleroi was gestapt. Het nieuws maakte een collectieve verontwaardiging los bij het publiek – ‘Het was dan toch de rijkswacht’ – en minister van Justitie Geens beloofde tien nieuwe speurders voor de zieltogende onderzoekscel in Charleroi. Volgende week maandag organiseert het gerecht een bijeenkomst voor de slachtoffers en nabestaanden, voor een stand van zaken.

‘Zonder het nieuws over Bonkoffsky was er nooit een nieuwe vergadering voor de slachtoffers gekomen,’ zegt Stijn Coninx, die binnenloopt in café De Markten in het centrum van Brussel. Hij heeft zijn jas nog maar nauwelijks uit of David duwt hem zijn telefoon onder de neus om hem een paar mails te tonen: tips die hij de afgelopen dagen heeft gekregen, en die hij systematisch doorstuurt naar de onderzoekers. ‘Ik heb nu zelfs het gsm-nummer van procureur-generaal De Valkeneer,’ zegt David. ‘Als ik een tijdje niks hoor over een tip, bel ik hem om te vragen wat de resultaten zijn.’ Stijn monkelt en luistert, terwijl David honderduit vertelt. Ze kennen elkaar goed, die twee, sinds ze samen werken aan de film ‘Niet schieten’, gebaseerd op het boek ‘Niet schieten, dat is mijn papa!’ dat ik in 2010 schreef met David Van de Steen. Daarin vertelt hij hoe hij op zijn 9de de bloedige overval van de Bende in de Delhaize van Aalst overleefde, maar zag hoe zijn ouders en zus vermoord werden. Hoe die ene avond de rest van zijn leven en dat van zijn familie blijft beheersen.

HUMO Er werd onmiddellijk in het nieuws gezegd dat je door de nieuwe ontwikkelingen het scenario van de film zou moeten veranderen, Stijn.

STIJN CONINX «Dat was niet nodig: het verhaal over Bonkoffsky kende ik al van bij het begin, dankzij David. Maar de film gaat niet over de daders. Het gaat over de slachtoffers, en hun zoektocht naar de waarheid en gerechtigheid. Hoe ze die 32 jaar lang niet krijgen en hoe ze daarmee moeten leven. David, zijn familie, zijn grootouders, maar ook alle andere slachtoffers. Ik vertel het verhaal vanuit het standpunt van de grootouders, gespeeld door Jan Decleir en Viviane De Muynck. Na de overval nemen zij de opvoeding van de zwaargewonde David op zich. Ondanks hun eigen verdriet proberen ze om die kleine jongen nog iets te geven in zijn leven, proberen ze nog een lach op zijn gezicht te krijgen, en dat doen ze tot ze erbij neervallen. Ik heb de film gemaakt uit verontwaardiging over de manier waarop al die slachtoffers door de overheid in de steek zijn gelaten, en over hoe laks en schofterig het gerecht met hen omgaat. In de loop der jaren ben ik alleen maar kwader geworden.»

Om dit Humo-artikel verder te kunnen lezen,
heeft u een abonnement nodig:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven