Jenny Tanghe in 'FC De Kampioenen'
Dood duurt lang
HUMO Nu we toch in een min of meer positieve versnelling geschoten zijn: zie jij nog meer goede televisieprogramma's?
TANGHE « Alles waar Mark Uytterhoeven zich mee bemoeit, en 'De Bossen van Vlaanderen', dat ze onlangs opnieuw hebben uitgezonden. Zo'n series maken ze niet meer, omdat er geen tijd meer voor is. Te duur, te arbeidsintensief. Kortom: voorbij.»
HUMO Jij wordt vaak getypecast, hè?
TANGHE
« De stoute madame, hè. De moeder van DDT in 'FC De Kampioenen' noemen ze ook een stoute madame, terwijl ik van haar vooral een bezorgd mens probeerde te maken. Ze is bezorgd omdat ze ervan overtuigd is dat zoonlief zich altijd in de luren laat leggen. Als ze iemand nodig hebben die brult: 'Wat is dat hier, miljaarde!!' Eén adres: Jenny Tanghe.» Als ik al één door en door slecht mens heb gespeeld in mijn leven, dan was het dat Koletje Kambeel wel. Maar als ze iemand willen die op haar poten staat, dan kunnen ze mij krijgen. Zelf word ik ook wel eens een stoute madame, vooram als iets me op mijn werk tegenstaat: dan kan ik zeer, zéér vervelend worden. Ik heb wel eens geroepen: 'Godverdomme, wat doén jullie hier allemaal!? Het ligt aan júllie, niet aan mij!' - 'Hou op met zeveren en druk je klaar en duidelijk uit!' heb ik een regisseur wel eens met luide stem bevolen (lacht). Klaar en duidelijk: dat is vaak een onoverkomelijk probleem in onze kringen.»
HUMO Heb je wel eens je slaap gelaten voor een rol die je niet meteen kon grijpen?
TANGHE
« O ja. En ik huiver wel eens als ik mezelf op de televisie zie, zo van: 'Verkéérd! Niet juíst, verdomme! Foutfoutfout!' Het gaat meestal om kleinigheden, maar toch. En als ik een grote rol moet voorbereiden, zit dat personage me op een bepaald moment in de nek, en daar gaat het niet meer weg. Ik heb dat ook met de dood. Die zit me soms ook in de nek. Ik ben er bang voor, want dood-zijn, dat doe je làng, hè. Je hele leven! Ik ben wel een survivor, maar juist daarom denk ik vaak aan de dood. In mijn familie aan moederskant is het hart de weke plek: één keer heb ik een aritmie gehad, en dat was niet om mee te lachen. Ik ging meteen op de grond liggen, opdat ik tenminste niet zou vallen. Voor de rest heb ik geen problemen met het ouder worden, al wordt het nooit beter, hè.»HUMO Maar desondanks wil je heel lang leven, stel ik me voor.
TANGHE
« Op voorwaarde dat ik blijf zoals ik nu ben. Nog een jaar of tien, dàt in ieder geval wel.»HUMO Gezondheid! A propos: we drinken nu wel whisky, maar ik weet dat je verslingerd bent aan champagne.
TANGHE
« Wij drinken hier bijna dagelijks champagne. Die liefde voor champagne heeft iets te maken met mijn liefde voor Parijs. Toen ik nog spraakles en voordracht gaf aan een grote school in Berchem, kwam de drang om naar Parijs te vertrekken wel eens in me op als je-weet-wel-wat terwijl ik op de speelplaats stond te surveilleren. 's Middags was ik vrij, en dan haastte ik me naar het Zuidstation in Brussel en ik kocht een ticket voor de T.E.E. 'Jeux de Paumes', een vleugel van het Louvre, en 's avonds naar het theater, en mijn dag was goed. In een bepaald jaar ben ik zeventien keer naar Parijs gegaan, soms heen en weer op één dag, puur om in het Musée de l'Orangerie de waterlelies van Monet te zien. Zelfs zonder bagage soms: het regende in Brussel en dan dacht ik: laat ik maar naar de regen in Parijs gaan kijken.» De eerste reis met het schip van mijn ouders ging naar Parijs: ik keek me toen al de ogen uit. Die stad is lang een soort dwanggedachte voor mij geweest. Ze kwam nog maar in me op of ik moest er al heen. Moéten, hè. Nu ga ik minder vaak omdat ik voorzichtiger ben geworden, maar ja, straatcriminaliteit is overal, hè.»
HUMO Nu je tweeënzeventig bent, mag ik het je wel vragen: wat heb je van het leven geleerd?
TANGHE
« Weinig of niets. Wijzer ben ik er niet van geworden. Ja, ik heb misschien geleerd dat je veel moet relativeren, en relativeren betekent voor mij vooral: streng selecteren, zo van 'Neen, dat doe ik niet.' Al tien jaar zeg ik niet meer: 'Ik ga snel douchen' of 'Ik ga snel eten' of 'Ik ga snel naar huis'. Er liggen al veel van die snelle jongens en meisjes op het kerkhof. Laat ik zeggen dat ik evenveel van het leven heb geleerd als Jean Gabin. Die zong - pure poëzie: 'Maintenant je sais qu'on ne saura jamais le bruit et la couleur des chôses.' Zo denk ik er ook over.»(RV)

































![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)


1 reactie
reageer ooksander
Dinsdag 7 april 2009 - 18u49
Ze was te goed!
Reageer ook