© Marco Mertens
De beste 400-meterloper van België: Fons Brydenbach (52) vecht tegen kanker
Uit: Humo 3568, 20 januari 2009
"'Zelfs de sterkste eik kun je vellen'"
'Op dit moment ben ik een gelukkig man: ik kan nog komen werken,' zegt Fons Brydenbach. We zitten in zijn kantoor op de witgesneeuwde campus van Janssen Pharmaceutica in Beerse. 'Maar ik heb slecht nieuws gekregen. Héél slecht nieuws. En daar probeer ik nu zo lang mogelijk mee te leven.'
Fons Brydenbach (52) is de beste 400-meterloper die dit land heeft voortgebracht. Een zondagskind, een flyer voor wie het allemaal vanzelf leek te gaan, maar ook: een toptalent met alle nukken en grillen van dien. Een dwarse Kempense kop op het lichaam van een Griekse halfgod. Twee keer liep hij een Olympische finale, twee keer strandde hij op een zucht van het podium: in Montreal ('76) werd hij vierde, in Moskou ('80) vijfde. Telkens waren er verzachtende omstandigheden.
Drie jaar geleden werd blaaskanker vastgesteld in dat imposante lichaam van hem. Een spoedoperatie volgde, jaren van herstel, maar tien maanden geleden vernam hij dat de kanker bij de ingreep toch niet helemaal was weggenomen. Er was een residu op de darm achtergebleven, en het was kwaadaardig. Sindsdien is alles relatief.
Fons Brydenbach
«Het begon ermee dat ik bloed plaste. Mijn eerste reactie was: ik heb last van mijn nierstenen - ik ben nogal een struise mens. Maar op het internet vond ik dat bloed plassen normaal gepaard gaat met grote pijn, en ik voelde geen centje pijn. Niks. Alleen maar bloed in mijn urine. Dan heb ik toch maar een dokter opgezocht, die een soort vernauwing vaststelde: een versteende poliep, dacht hij. Niks om me zorgen over te maken: 'Dat halen we eruit in de dagkliniek.' Na de operatie moest ik wel een dag nablijven, maar dat was 'uit voorzorg'. Ook in het ziekenhuis drukten ze me op het hart me geen zorgen te maken.»Enkele weken later ga ik de resultaten bij de dokter ophalen, in zeven haasten, tussen twee boodschappen door. En hij zegt: 'Ga even zitten, meneer Brydenbach, ik heb géén goed nieuws voor u.' Terwijl hij spreekt, voel ik mezelf kleiner worden: 1 meter 86, 1 meter 40, minder dan een meter - op het einde van zijn verhaal was ik nog twintig centimeter groot.
»Nog diezelfde dag hebben we een afspraak voor een nieuwe operatie gemaakt, in de hoop er op tijd bij te zijn. Op zo'n moment besef je nog niet wat het betekent: een zware operatie en revalidatie ondergaan. Maar je spartelt erdoor, zo goed en zo kwaad mogelijk, en twee maanden later ben je alweer aan het werk. Ik hing met haken en ogen aan elkaar, maar dat maakte niet uit: ik leefde nog.
»Twee jaar lang ging het goed, tot ik met Pasen bloed in mijn stoelgang aantrof. De andere kant! Ik hoopte dat het speen was, maar het was hetzelfde verhaal: speen gaat gepaard met pijn - en ik voelde weer niks. En dan sta je weer op het punt waar je al eens hebt gestaan. Dat je denkt: 'Kunnen ze daar nu echt, van al die miljarden mensen, niemand anders op zetten? Waarom moet ik het weer bezuren?'
»Na de operatie was er kennelijk een residu op de darm achtergebleven. Daar gingen ze chemotherapie op loslaten, zes maanden lang. De eerste vier maanden bevestigden alle scans dat het genezingsproces gunstig verliep. Maar de laatste scan voor de operatie - die pro forma werd genomen - sloeg alle hoop de bodem in. Een operatie was zinloos: het was van de klaveren naar de biezen. Intussen zijn we aangeland bij wat ik Plan B noem: datgene onder controle houden wat we nog onder controle kunnen houden. Ik krijg nu een ander soort chemo.»
HUMO Is je blaaskanker niet meer te genezen?
Brydenbach
«Nee, tenzij zich in twee dagen tijd twaalf mirakelen voordoen. (Zwijgt) Ik heb de vraag aan dokters voorgelegd: 'Wat als ik niet voor Plan B kies, hoe lang fiets ik dan nog mee?' - 'Dan is het een kwestie van enkele weken tot tien maanden.'»Ik heb getwijfeld of ik nog eens aan de chemo zou gaan. De eerste kuur was verschrikkelijk. Ziek dat ik was. En vooral: moe. Ik ben letterlijk op handen en voeten op de grond gaan zitten, mijn hoofd rustend op het zitvlak van de zetel, omdat ik dacht: 'Misschien verschaft deze houding me enige rust.' Ik was steendoodmoe en tegelijk kwam ik niet tot rust - om gek van te worden.
»Maar goed, die nieuwe chemo heeft naar het schijnt minder belastende nevenverschijnselen. De dokters hebben me daarover een boekje meegegeven. Ik lees dat niet, mijn vrouw doet dat in mijn plaats. Maar blijkbaar heb ik na twee sessies al alle verschijnselen meegemaakt, zij het gelukkig niet gelijktijdig.»


































![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)


3 reacties
reageer ookvinejo
Zaterdag 9 mei 2009 - 20u08
Ik wou hier een kleine ode plaatsen ter ere van deze grote atleet maar de ruimte is te beperkt. Vandaar deze link http://wijnliefhebbers.skynetblogs.be/post/6965832/fons
triplejumper
Vrijdag 8 mei 2009 - 21u35
ik heb het geluk gehad Fons te kennen in zijn periode bij Beerschot, 1979-81. Ik was een bescheiden hinkstapspringer, hij mijn idool. Zelden zo'n combinatie van kracht en schoonheid gezien bij een loper. Hij verdiende vooral in Moskou olympisch eremetaal. Zilver, zeker! Een innemende, geestige, verstandige man Fons, bedankt voor al die wonderbaarlijke 400 meter-wedstrijden. Je was als mens en atleet wereldklasse Philippe Truyts
sojram
Vrijdag 8 mei 2009 - 20u56
Prachtig artikel van een prachtig atleet én mens en die mening dateert van bij de eerste publicatie in Humo van deze bijdrage. Die eerlijkheid typeert een mens die aan het afscheid nemen is. Geen scrupules voor intieme en persoonlijke zaken. Het ga U goed Fons in het 'hiernamaals'. Sterkte aan de familie.
Reageer ook