Het beste van New Orleans, 1950-1975

12662_allentoussaint150.jpg

Opmerkelijk: de mijnheer van het interview in Humo 3467, Allen Toussaint, heeft met bijna alle songs te maken gehad, als leerling, sessiemuzikant, arrangeur, songschrijver, producer, studiobaas of mentor. Hulde daarvoor. Ook straf: hoeveel van deze songs door de jaren heen, en tot vandaag, wel niet gecoverd zijn, door hiphoppers tot en met britpoppers.

 

1. 'Mardi Gras in New Orleans' - Prof. Longhair, 1950

Eén keer in ons leven hebben we getwijfeld of we vóór het interview niet eerst deemoedig moesten knielen: die decemberdag, heel lang geleden, in New Orleans bij Professor Longhair (echte naam: Henry Roeland Byrd) thuis. Nog later hebben we onze huispoes naar zijn koosnaam genoemd: Fess. Om maar te zeggen dat we de pianist en ex-bokser (eigenlijk: ex-vanalles) hoog hebben zitten. 'Bald Head' was in 1950 een bescheiden hitje, 'Tipitina' uit 1954 zijn bekendste (en beste) song, en 'Mardi Gras in New Orleans' is nog altijd verplichte kost tijdens de vette-dinsdagfeesten.

2. 'The Things That I Used to Do' - Guitar Slim, 1954

Typische New Orleans-blues (inclusief slome blazers) die door een gitaarsolo doormidden wordt gekliefd. Showman die er niet voor terugdeinsde met een lang snoer en op de schouders van een hulpje de zaal uit te wandelen tot aan de overkant van de straat, onderwijl vrolijk verder solerend. Miste daarbij nooit een noot, aldus de overlevering.

3. 'Tutti Frutti' - Little Richard, 1955

A-wop-bap-a-lula-a-wop-bam-boom! Hoeksteen van de rock-'n-roll, opgenomen met het legendarische huisorkest in de studio van Cosimo Matassa. Stoemelings tot stand gekomen, schijnt het, zoals dat met grote kunst wel vaker gaat.

4. 'I Hear You Knockin'' - Smiley Lewis, 1955

Klassieker. Smiley Lewis was ook de man van 'One Night (of Sin)', dat in de hitversie van Elvis Presley preuts 'One Night (of Love)' dan wel '(with You)' werd. Het verschil tussen zwart en blank, in die dagen.

5. 'Let the Good Times Roll' - Shirley & Lee, 1956

Bijgenaamd: Sweethearts of the Blues, ze waren resp. veertien en vijftien toen ze in 1952 hun eerste r'n'b-hit scoorden. Uptempo-duet waarin de wat schriele jongemeisjesstem van Shirley Goodman mooi afsteekt tegen de heldere vocalen van Leonard Lee.

6. 'The Monkey' - Dave Bartholomew, 1957

De aap als metafoor voor de mens, en de aap komt er het beste uit. Bandleader, songschrijver en producer Dave Bartholomew was in de eerste helft van de jaren vijftig incontournable. Onder eigen naam minder actief. 'The Monkey' is helaas niet te koop op iTunes, maar schaf u in de plaats gerust 'Who Drank My Beer (While I Was in the Rear)' aan. 

7. 'I'm Walkin'' - Fats Domino, 1957

We hadden van New Orleans' meest succesvolle telg ook 'Ain't That a Shame', 'Blueberry Hill' of 'I'm Ready' kunnen kiezen, ja. Of een handvol andere. Liet tussen 1950 ('The Fat Man') en 1960 ('My Girl Josephine') ruim twintig toptien-r'n'b-hits inschrijven.

8. 'Rockin' Pneumonia and the Boogie Woogie Flu' - Huey 'Piano' Smith & The Clowns, 1957

Eerste van een rijtje opgewekte novelty-hits met hoge nonsensfactor. Of dicht ú zinnen als 'Ah ha ha ha, hey ho hey ho, gooba gooba gooba goo' (uit opvolger 'Don't You Just Know It') literaire waarde toe? Niettemin: on-weer-staan-baar.

9. 'Lights Out' - Jerry Byrne, 1958

Het is onkies om het in de verre Katrina-nasleep over orkaankracht te hebben, maar 'Lights Out' blaast u in nog geen twee minuten compleet uit uw broek. Byrnes tienerneefje Mac Rebennack (de latere Dr. John) was coauteur, Art Neville verantwoordelijk voor de allesbrander van een pianosolo. Niet via iTunes te koop, maar laat het u niet tegenhouden.

10. 'Stagger Lee' - Lloyd Price, 1958

Meest succesvolle versie van de traditional over een noodlottige caféruzie. Ondanks de smeekbede 'Oh please don't take my life/I have three little children/And a very sick wife' schiet Stagger Lee zijn opponent Billy Lyons genadeloos dood, 'till the bullet came through Billy/And it broke the bartender's glass'.

11. 'Come On' - Earl King, 1960

Gecoverd door onder anderen Jimi Hendrix en Steve Earle. Eén keer luisteren naar de gitaarsolo en u weet waarom.

12. 'Ooh Poo Pah Doo' - Jesse Hill, 1960

Rauw en ongepolijst. Part One (met zang) werd de hit, Part Two (de instrumentale versie) is nog vele malen opwindender, met producer Toussaint aan de piano.

13. '(I Don't Know Why I Love You) But I Do' - Clarence 'Frogman' Henry, 1961

Man mist vrouw te N.O. Dat het net niet plakkerig wordt, is aan de blazers te danken. Wedden dat u ook hun partijen zult proberen na te zingen? Niet doen.

14. 'Mother-in-Law' - Ernie K-Doe, 1961

Na de snerende openingsfrase 'The worst person I know... mother-in-law' gaat het met de verwijten richting schoonmoeder van kwaad naar erger. Kijk dus uit op welk familiefeestje u dit draait. Ambiance hoe dan ook verzekerd.

15. 'Tell It Like It Is' - Aaron Neville, 1966

Eerste proeve van de trillende snik in de stem die later het handelsmerk van The Neville Brothers zou worden. Kippenvel.

16. 'Working in a Coal Mine' - Lee Dorsey, 1966

Lang getwijfeld of we niet voor 'Ya Ya' (1961) of 'Everything I Do Gonh Be Funky (from Now On)' (1969) zouden kiezen, maar onze Beringen Mijn-roots hebben hun rechten.

17. 'Yes We Can' - Lee Dorsey, 1970

18. 'Right Place, Wrong Time' - Dr. John, 1972

19. 'Hey Pocky-a-Way' - The Meters, 1974

Zinderende voorbeelden van de New Orleans-funk zoals die begin jaren zeventig door The Meters, Dr. John, Lee Dorsey en hun mentor Allen Toussaint gepraktiseerd werd. De langspeelplaat 'Yes We Can' diende vorig jaar als hofleverancier voor 'The River in Reverse' van Toussaint & Elvis Costello, en naar hetere, betere funk dan die van The Meters zult u lang moeten zoeken. Doe daar nog 'Meet the Boys on the Battlefront' van The Wild Tchoupitoulas uit 1975 bovenop (helaas niet te koop op iTunes) en u wordt helemáál gaga van opwinding!

20. 'What Do You Want the Girl to Do' - Allen Toussaint, 1975

Zijige softsoul om af te ronden. Samen met het titelnummer één van de hoogtepunten uit de enigszins miskende langspeelplaat 'Southern Nights'.

Aan de bovenstaande selectie van twintig New Orleans-toppers niet genoeg, u wilt méér? Welaan dan, ook onderstaande dertig zijn online te betrekken. Nog nooit was New Orleans zo dichtbij...

(In alfabetische volgorde)

 

 

(In alfabetische volgorde)

'Stack-a-Lee' - Archibald, 1950
'Go, Jimmy, Go' - Jimmy Clanton, 1959
'Chapel of Love' - The Dixie Cups, 1964
'Iko Iko' - The Dixie Cups, 1964
'The Fat Man' - Fats Domino, 1950
'Ain't That a Shame' - Fats Domino, 1955
'I'm Ready' - Fats Domino, 1959
'Ya Ya' - Lee Dorsey, 1961
'Everything I Do Gonh Be Funky (from Now On)' - Lee Dorsey, 1969
'Mama Roux' - Dr. John, 1968
'Sea Cruise' - Frankie Ford, 1958
'I Know' - Barbara George, 1962
'12 Red Roses' - Betty Harris, 1966
'A Certain Girl' - Ernie K-Doe, 1961
'I Like It Like That' - Chris Kenner, 1961
'Land of 1,000 Dances' - Chris Kenner, 1963
'Groove Me' - King Floyd, 1969
'Sophisticated Cissy' - The Meters, 1969
'Fire on the Bayou' - The Meters, 1975
'Barefootin'' - Robert Parker, 1966
'Sea of Love' - Phil Phillips, 1959
'Lawdy Miss Clawdy' - Lloyd Price, 1952
'Bald Head' - Professor Longhair, 1950
'Tipitina' - Professor Longhair, 1954
'It Will Stand' - The Showmen, 1961
'Don't You Just Know It' - Huey 'Piano' Smith, 1958
'Lipstick Traces' - Benny Spellman, 1962
'It's Raining' - Irma Thomas, 1961
'Time Is on My Side' - Irma Thomas, 1964
'Shake, Rattle and Roll' - Big Joe Turner, 1954

(cp)

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven