U wil reageren op een artikel in Humo, uw mening over een heet hangijzer ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld?

adoptie zonder grenzen

Zaterdag 16 september 2017 - 19:44

Dat sommige buitenlandse adopties dertig jaar geleden zo razendsnel, ongecontroleerd en volstrekt onverantwoord verliepen, is hallucinant (‘Dossier Adoptie Zonder Grenzen’, Humo 4018 t/m 4020). Gelukkig is er intussen veel veranderd, maar de slinger is wel iets te hard doorgeslagen in de andere richting. Dat mochten wij als adoptieouders de voorbije tien jaar ondervinden.

Onze eerste adoptieprocedure nam zes jaar in beslag. Wij hadden van de rechtbank een geschiktheidsvonnis verkregen voor de adoptie van twee kinderen uit het buitenland. Mensen die een kind met speciale noden adopteren, krijgen voorrang en dus stonden wij aanvankelijk vrij hoog op de wachtlijst. Maar tijdens de procedure is onze biologische zoon geboren, en plots donderden we naar beneden op de wachtlijst. Een adoptiekind moet namelijk altijd jonger zijn dan het jongste kind in het gezin. De wachttijd liep op tot meer dan vier jaar. Daardoor dreigde ons geschiktheidsvonnis te vervallen en moesten we een tweede geschiktheidsonderzoek ondergaan.

Ondertussen hadden we ons kandidaat gesteld voor de adoptie van twee kinderen uit Kenia. De voorwaarde was wel dat we tot een jaar ter plaatse zouden moeten blijven, maar wij waren bereid dat te doen. Onze werkgevers waren geïnformeerd, en we hebben onze woning verkocht. Maar toen puntje bij paaltje kwam, pleegde men woordbreuk en moesten we uitkijken naar een andere woning.

Begin 2013 kwam onze droom toch uit en mochten we afreizen naar Ethiopië. Daar verschenen we voor de rechtbank, die de goedkeuring gaf voor de adoptie van onze dochter, een baby’tje uit een weeshuis. Meteen na haar adoptie meldden we ons aan voor een nieuwe procedure. De regelgeving voor interlandelijke adoptie was ondertussen gewijzigd. Het Vlaams Centrum voor Adoptie (VCA) zou ons dat jaar niet doorsturen naar de verdere voorbereiding. Wen bleken op plaats 103 te staan. Dat was de eerste en meteen ook de laatste keer dat wij concreet nieuws kregen over een plaats op een wachtlijst. Een jaar later konden we wel doorstromen en dienden we bij de rechtbank een verzoek in om twee kinderen te adopteren. Zoals voorzien vonniste de rechtbank dat er een maatschappelijk onderzoek moest plaatsvinden, wat wij voor de derde keer ondergingen.

Na drie jaar waren we opnieuw geschikt bevonden en werd via het adoptiebureau een dossier naar Guinea gestuurd. In de volgende vijftien maanden kregen we sporadisch nieuws: er was een personeelswissel bij de tegenhanger van Kind en Gezin in Guinea, alle dossiers in Guinea zouden voortaan via een commissie passeren, er zou eerst een tijdelijke commissie komen, de echte commissie zou weldra starten, de leden van de commissie moesten nog opgeleid worden, enzovoort.

Wat wij altijd voor onmogelijk hadden gehouden, is dan toch gebeurd: de veer is gebroken bij ons, en we hebben de adoptieprocedure met pijn in het hart stopgezet. Hopelijk slaagt men er binnenkort in om de impasse te doorbreken, zodat er weer kinderen een weeshuis kunnen inruilen voor een warm gezin. Want het belang van het kind, daar ging het toch over?

Ruud Tiebos, Stabroek.