#HRR18: herbeleef de preselectie in Nazareth

Vrijdag 26 januari, CC Nova

Berg

Het begon niet mis in Nazareth, met een groep die hield van een sfeervolle opbouw, met een sfeervol middenstuk en een sfeervol einde. De songs leken wel in één adem geschreven en moesten het eerder van nuances dan van dynamiek hebben. Als Berg er een eventuele volgende keer in slaagt om het wat gebalder te houden, zullen de ontsnappingskansen van onze aandacht vrijwel nihil zijn.

Audio, quotes en beeld vindt u hier
 

How Tall Was Goliath

How Tall Was Goliath? begon als de soundtrack bij een griezelfilm, schakelde voor song twee in volbloed King Crimson-modus en sloot af met performance art, waarbij er voor het eerst een zanger aan te pas kwam, met elke nieuwe frase wilder tekeergaand, en rollend over het podium eindigend. Het oog zag van alles, het oor wist er niet zo meteen een touw aan vast te knopen. How Tall Was Goliath? spleet het jurylokaal in tweeën.

Audio, quotes en beeld vindt u hier
 

Philemon

Thuis doet Anton De Boes (25) alles alleen, in Nazareth had hij ter presentatie van zijn huisvlijt een drummer, een gitarist en een toetsenman rond zich. De bas regelde hij zelf. Onder zijn pseudoniem Philemon bracht De Boes nineties-lofi die aan Pavement en Grandaddy deed denken, met een stem die tot de wankele soort gerekend kon worden, maar laat dat ook in 2018 eerder een zegen dan een vloek zijn in de lofi. Van zijn demo speelde hij nog slechts één liedje, het minste van de drie. Dat heet: vooruitgang.

Audio, quotes en beeld vindt u hier
 

VONNIS

VONNIS speelde hardcore van het strakke en redelijk venijnige soort, en daar brulde de zanger, die van bij de eerste song het publiek indook en dus meer in de zaal dan op het podium stond, van alles bij. De songs droegen Engelse titels, dus gaan wij er maar van uit dat ook de teksten in het Engels waren. Het eindigde met een gedicht in het Nederlands: ‘Nachtelijk geknars / maakt zijn tanden gereed’. Het had wel iets. Maar wederom was de verdeeldheid in het jurylokaal groot.

Audio, guotes en beeld vindt u hier
 

Moonai People

Moonai People bracht een soort Qmusic-versie van Absynthe Minded met een vleug Mumford & Sons en had een liedje geschreven voor Bobby Fischer. Lief van hen, al valt zeer te betwijfelen of de gekwelde schaakkampioen – dood en begraven sinds 2008 – er vrolijk van geworden zou zijn. Wij alvast niet, evenmin als van de andere songs van Moonai People, al was de samenzang wel mooi. Ze lieten nog weten het doorgaans – als ze meer tijd krijgen – meer uitgesponnen aan te pakken. Leve het reglement!

Audio, quotes en beeld vindt u hier
 

Wet Wild Woods

Mocht ik in een groep zitten en één van de leden zou zeggen: ‘We heten Wet Wild Woods’, ik zou zeggen: ‘Dan ga ik naar huis.’ Maar smaken verschillen, en Wet Wild Woods was, de naam uitgezonderd, helemaal niet zo bedroevend. Eén enkel jurylid meende de zanger al eens in een vorige editie aan het werk gezien te hebben, en dacht dat er toen iets Smashing Pumpkins-achtigs van gekomen was. Nu deden ze mij denken aan een moderne versie van Manic Street Preachers. Hun eerste twee songs dramden iets te langdradig door, maar de derde was top. Benieuwd of dat genoeg is.

Audio, quotes en beeld vindt u hier
 

Hulder

Ook Hulder is een groepsnaam waarover getwist kan worden, maar als de muziek goed is, is dat nergens voor nodig. En hoera, dat was het geval. De zanger leek op Bobby Gillespie van Primal Scream: niet behept met een fenomenale stem, maar dat moeiteloos opvangend met présence en attitude. De rest van Hulder mixte sixties-psychedelica met eighties-klanken en dat leverde iets op waarnaar het aangenaam luisteren was. ‘Die tweede song was misschien wel het beste wat ik al gehoord heb,’ sprak één jurylid, en hij werd niet luidkeels tegengesproken.

Audio, quotes en beeld vindt u hier
 

EMY

Veruit het charmantst en het meest ontwapenend in Nazareth was EMY, voluit Emy Kabore, 18 jaar jong. Ze schuifelde zenuwachtig het podium op, mompelde schuchter iets wat die nerveuze uitstraling nog meer in de verf zette, sloeg een eerste akkoord aan op haar akoestische gitaar en begon te zingen. En ineens, als bij toverslag, stond er een doorgewinterde artieste die zelfs met een publiek vol Hells Angels geen vrees aan te jagen viel. Composities en stem deden aan Tracy Chapman denken, en ook al waren haar drie songs inwisselbaar, er zat geen enkele tussen die het weggooien waard was.

Audio, quotes en beeld vindt u hier
 

People In Houses

People In Houses was de 34-jarige Merijn Landuyt, een singer-songwriter die twee vrienden had meegebracht, de ene met een chromaharp en een tuba, de andere met een akoestische gitaar. Van de drie liedjes was het eerste, ‘Pull a Dream Out of a Hat’, veruit het beste. De samenzang in het begin van nummer twee kon er ook nog mee door, maar dan hadden we van People In Houses alles gehad en werkte de leadstem – in de eerste song nog origineel en breekbaar – ineens heel erg op de zenuwen.

Audio, quotes en beeld vindt u hier

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De Persgroep Publishing heeft haar Privacy– en cookieverklaring aangepast.
Wij gebruiken jouw persoonsgegevens vanaf nu ook om de Diensten van MEDIALAAN Groep/De Persgroep Publishing te optimaliseren en deze waarvoor jij kiest te personaliseren.
Door op “verdergaan” te klikken of door verder te surfen, erken je deze aangepaste Privacy– en cookieverklaring gelezen te hebben.

Verdergaan