Low Impact Man

, door (rv)

16328_Low_Impact_Man.jpg
© vrt - Phile Deprez

Door de wereldwijde recessie kachelt de automobielindustrie allerwegen achteruit en neemt de werkeloosheid met sprongen toe. Als je je baan verloren hebt, hou je vanzelf de vinger op de knip, zodat je, of je dat nu wil of niet, de welhaast wereldwijde overconsumptie helpt afremmen. Je wordt wellicht niet één-twee-drie vrolijk van de crisis, maar ze is goed voor het milieu en ze levert schonere lucht op. Ik weet evenwel niet hoe troostrijk nieuwe werklozen die gedachte vinden. Om daar achter te komen, zal ik eerst zelf werkloos moeten worden. Ik wacht mijn beurt af.

'Van yetipoot tot foetusvoetje'

Naar verluidt wilde ene Steven Vromman de wereld al verbeteren vóór de magere jaren aanbraken. Hij voelde zich geroepen om in een tijdspanne van driehonderd vijfenzestig dagen zijn ecologische voetafdruk duchtig te verkleinen: van yetipoot tot foetusvoetje. Daartoe werd hij een Low Impact Man, die drie afleveringen lang te kijk loopt in een gelijknamig televisieprogramma.

Patrick De Witte is de tegenhanger van de Low Impact Man: hij ziet diens handelingen schamper aan, en in de stijl van Jeremy Clarkson laat hij geen kans voorbijgaan om de solistische wereldverbeteraar met oneliners in twijfel te trekken. Hij gelooft aldoor geen seconde in Vrommans eenmansactie tegen de aard van het beestje. Kortom: Patrick De Witte gelooft in het beestje mens, dat zich van nature en dus uit genotzucht weinig aan het milieu gelegen laat liggen. Zijn morele held Bill Hicks zei het hem voor: 'We're a virus with shoes, okay? That's all we are.' Dit programma is dan ook niet van nuances gediend, oké?

Aangezien het de aard van mijn beestje is om sympathie te voelen voor eenlingen die tegen de stroom oproeien, had ik minutenlang geduld met de Low Impact Man. Tot hij tegen zijn zoontje zei: 'Weet jij wel dat legostenen eigenlijk van aardolie gemaakt worden?' Dat betekende: 'Hou je lievelingsspeelgoed maar voor bekeken, mijn jongen, en schaam je met terugwerkende kracht. Ik probeer ondertussen iets te bedenken waarmee ik je schaamrood in hernieuwbare energie kan omzetten.' De Low Impact Children - ten getale van twee - moesten weldra ook afscheid nemen van vissticks en friet, en bij uitbreiding van alles wat ze, toen ze nog op ruimere ecologische voet mochten leven, lekker of plezierig vonden. Pappie kwam met raw food aanzetten, dat er net zo smakelijk uitzag als het klinkt: 'Wat is dát?' vroeg zijn dochtertje, en ze trok een gezicht alsof het vegetarische equivalent van ongekookte rattenstaarten op haar bord lag. Het idealisme van ouders komt vaak neer op vermomd fanatisme dat tot een onprettig regime voor hun kinderen leidt, maar de kroost van de Low Impact Man had geluk: pappie was zo te zien gescheiden, zodat de kinderen bij mammie thuis van de zegeningen van het co-ouderschap konden genieten, bijvoorbeeld vissticks naar believen, tot ze puffend zeggen: 'Nu hebben we voor de rest van ons leven wel genoeg vissticks gegeten.' Ik had in dit programma dan ook graag verhelderende beelden van hun dagelijks leven bij hun moeder gezien.

De actie van de Low Impact Man heet een experiment te zijn, maar dan wel een proefneming die van meet af aan op een ondeugdelijke premisse berustte, namelijk: dat je als wereldverbeteraar helemaal los kunt staan van de samenleving. In plaats van milieuvriendelijk thuis te blijven, wilde de Low Impact Man toch op reis: hij zorgde ervoor dat hij met een cargo vol auto's mee kon varen naar Zweden. Vertegenwoordigers van de samenleving (high impact) moesten hem die gunst verlenen. In een Zweeds woud betrok hij met z'n kinderen een wrakke hut die evenveel comfort bood als een hol in de grond, waarin je je wanhopig wegmaakt als je de pech hebt een atoomramp te overleven. Hij wierp een heel ander licht op vakantiegenoegens, dat wel, en eigenlijk ook wel op genoegens tout court. Volgens mij is hij een geboren boetedoener, en aan zulke lieden wens ik geen voorbeeld te nemen.

Zoals meer uitslovers wilde de Low Impact Man een marathon lopen. Hij liet zich vooraf aan de universiteit van Leuven door sportartsen nakijken, en uit dat onderzoek bleek hij, ondanks raw food, fysiek toch niet helemaal tegen die 42,195 kilometer opgewassen te zijn, al helemaal niet als hij ook nog eens een scherpe tijd wilde neerzetten. Reken maar dat hij dat wilde. Nu, hij liep die marathon uit, maar daar hoef je niet per se een Low Impact Man voor te zijn.

Natuurlijk had hij niet aldoor ongelijk: ik geef graag toe dat het voer uit de hamburgertent aanzienlijk ongezonder en veel minder milieuvriendelijk is dan een vegetarische snelle hap, en ik ben het met hem eens dat er in alle werelddelen blindelings energie wordt verkwist, maar daardoor vind ik nog niet dat ecologische vooruitgang noodzakelijkerwijs op de terugkeer naar de hooikist moet neerkomen, en naar een tijd waarin overgrootmoeder jong was en op natuurlijke wijze in het kraambed stierf. Om het als Low Impact Man te kunnen redden, had hij onbetaald verlof moeten nemen, want hij had meer dan een dagtaak aan het verkleinen van zijn biologische voetafdruk. Hij slaagde er zelfs niet in een volkstuintje te onderhouden waar hij zijn eigen groente wilde telen. Neen, er was geen haalbaarheidsonderzoek aan zijn experiment voorafgegaan.

Als voorsmaakje van de derde aflevering zagen we hem aanstalten maken om de elektriciteit uit te schakelen: geen half werk. Op dat moment had ik al mijn bekomst van de Low Impact Man: hij was afdoende geportretteerd. Drie afleveringen is me te veel - één documentaire van vijftig minuten was minder energieverslindend geweest. Of nog beter: een passage in de rubriek 'Wordt vervolgd' van het wondere 'Man bijt hond'.

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De website van Humo maakt gebruik van cookies.   Meer info   Deze melding niet meer weergeven