Erotische cultclassics: 'Pretty Baby' (Louis Malle, 1978)

, door (es)

Meer erotische cultclassics »

Mocht ‘Pretty Baby’, Louis Malle’s film over het dagdagelijkse leven in een hoerenkast in New Orleans, vandaag in de zalen uitkomen, het zou er nogal stuiven. De kwezelaars en de pilaarbijters zouden de film vanwege de blootscènes met een minderjarig meisje in de ban proberen te laten slaan, kinderpsychiater Peter Adriaenssen zou in ‘De Afspraak’ rustig komen uitleggen dat het geen gezond idee is om een kind te laten opgroeien in een bordeel, de feministen zouden met het schuim op de lippen roepen dat Malle zich bezondigt aan grensoverschrijdend gedrag, de kranten zouden barsten van de meningen en de opinies.

En uiteraard zouden de riolen van Facebook en Twitter vollopen met de gebruikelijke vuilbekkerij: ‘Geen kinderporno in onze cinema’s!’ ‘Wie dit goed vindt, is een pedofiel!’ ‘Het is de schuld van de sossen!’ In 1978 was er rond ‘Pretty Baby’ ook wel wat heibel, maar alles bij mekaar bleef dit eigenlijk nog binnen de perken. Sommigen vonden het weliswaar niet kunnen dat Malle zijn camera had gericht op de ontluikende borstjes en het blote achterste van de toen twaalfjarige Brooke Shields, maar de meeste filmcritici hadden toch vooral oog voor de cinematografische kwaliteiten van ‘Pretty Baby’: de mooie sfeerschepping, de fraaie fotografie, de prachtig gecomponeerde beeldkaders waarin de schaduwgestalten, de kleurschakeringen en de lichtkransen een dromerig spel met elkaar spelen.

En terecht: dit is in eerste instantie een prachtig in beeld gezet drama dat – hoor die jazzy trompetklanken en die fluitende stoomtrein in de nacht - meer weemoedig aanvoelt dan sensueel. We zitten in de rosse buurt van Storyville, anno 1917. Overdag staan de vrouwen in het bordeel lakens te plooien, wordt er drank en voedsel ingeslagen, en – we zitten nu eenmaal in het bijgelovige Louisiana – vragen de hoeren raad aan een aan de keukentafel zittende zwarte voodoopriesteres: ‘Er groeien haren rond mijn tepels en ik ben het beu om ze te moeten uittrekken. Wat moet ik doen?’ Het antwoord: ‘De haren uittrekken op Goede Vrijdag, op dezelfde dag begraven, en ze groeien nooit terug.’

Maar wanneer de schemering invalt, verandert het huis in een zinnelijk lusthof waar de mannen absint uit kristallen glazen drinken en waar de lichtekooien in jarretellen rondschrijden terwijl de zwarte pianist voor passende achtergrondmuziek zorgt: Toe, mijn mooie schatje/Waarom kom je niet hier?/Laat je lieve papa in je oor fluisteren/Ik ben gek op mijn meid, mijn lieve, kleine meid.... Tussen de meisjes van plezier zien we ook Violet rondhuppelen, de 12-jarige dochter van Hattie (Susan Sarandon), die langzaamaan wordt klaargestoomd voor de job (‘Voorzichtig, ze is nog maagd. Alleen oraal!).

En waar sommige toeschouwers ook vandaag nog moeite mee hebben, is dat Violet totaal geen problemen lijkt te hebben met het onheil dat haar overkomt. Louis Malle schildert haar niet af als een slachtoffer, maar als een kwiek meisje dat als een kind in een speeltuin meedraait in het bordeel, zich vrolijk laat schminken, en met de glimlach op de knieën van de heren gaat zitten. En dit, zo fulmineren de kritikasters, is onaanvaardbaar. Maar wat had Malle dan moeten doen?

Een voiceover op de beelden plakken, waarbij de oude Violet ons met droeve stem inpepert dat kinderprostitutie verkeerd is? Zoiets zou cultureel misschien heel correct hebben geklonken, maar zo’n ingreep zou beslist afbreuk hebben gedaan aan de mooie, melancholische toon van het verhaal. Zou het overigens niet kunnen dat Malle en zijn scenariste Polly Platt – ja, een vrouw - ervan uitgingen dat de doorsnee toeschouwer wel verstandig genoeg is om te wéten dat kinderprostitutie onaanvaardbaar is? En dat ze het bijgevolg niet nodig vonden om die boodschap nog eens uit te spellen?

Trouwens: wie aandachtig kijkt, zal merken dat Violet wel degelijk als een slachtoffer wordt neergezet. Neem nu de scène waarin Violet op een gigantisch plateau het salon wordt binnengedragen, waarna de aanwezige heren als in een perverse veiling op haar bloempje mogen bieden (‘140 dollar! 230!’): voor de ijzingwekkende wrangheid en de koudmakende treurigheid van die beelden bestaan geen woorden.

En wie ook na het allerlaatste beeld – het beeld van een beschadigd kind - blijft volhouden dat er in ‘Pretty Baby’ wordt gegeild op pubermeisjes, is gewoon stekeblind. Voor een film die zich bijna helemaal afspeelt in een bordeel bevat ‘Pretty Baby’ trouwens maar weinig echte erotiek, al dienden wij toch even te slikken op het moment dat Susan Sarandon voor de fotograaf Bellocq (Keith Carradine) uit de kleren gaat.

In 1978 was Playboy er overigens als de kippen bij om de borsten van Sarandon uit te roepen tot ‘de filmster-tieten van de zomer’. In deze #MeToo-tijden kun je zo’n opmerking misplaatst vinden, maar Sarandon had een gevat antwoord klaar: ‘En in de herfst dan?’ Ook in de herfst, Susan, ook in de herfst. 

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd:

De Persgroep Publishing heeft haar Privacy– en cookieverklaring aangepast.
Wij gebruiken jouw persoonsgegevens vanaf nu ook om de Diensten van MEDIALAAN Groep/De Persgroep Publishing te optimaliseren en deze waarvoor jij kiest te personaliseren.
Door op “verdergaan” te klikken of door verder te surfen, erken je deze aangepaste Privacy– en cookieverklaring gelezen te hebben.

Verdergaan