
Op 17 oktober 1967 loopt een VS-bataljon in een hinderlaag van de Vietcong: 64 soldaten worden kans- en genadeloos afgeslacht, en in het thuisland stelt men zich voor het eerst de vraag of Vietnam dan misschien eens een oorlog was die Amerika níét zou winnen. Op 18 oktober, amper een dag later, organiseren honderden studenten van de University of Wisconsin een geweldloze protestactie tegen de aanwezigheid van rekruteringsagenten van Dow Chemical op hun campus. Dow produceert namelijk napalm, het ontbladeringsmiddel waarmee in Vietnam dorpen worden gebombardeerd.
Rector William Sewell stuurt er - in 'een vlaag van verstandsverbijstering', zoals hij het later zelf zou omschrijven - de politie op af. Die gaat zwaar tekeer met traangas en knuppels: 65 studenten, onder wie een toekomstige burgemeester van Madison, moeten naar het ziekenhuis. Alle aanwezigen, de agenten incluis, noemden het schouwspel achteraf de walgelijkste en meest misplaatste daad van geweld die ze ooit hadden gezien.
ROBERT KENNER «Die twee gebeurtenissen samen, zo vlak na elkaar, hebben ervoor gezorgd dat de meerderheid van de Amerikanen compleet het vertrouwen verloor in de overheid, én in de pers, in die dagen een propagandavehikel van de regering. De kranten beschreven het geweld op de campus alsof het de schuld van de studenten was, en de soldaten herkenden helemaal niets in het televisieverslag over die hinderlaag. Dat wantrouwen verspreidde zich als een epidemie over de bevolking, en het is eigenlijk nog steeds niet uitgewerkt.
»Het zijn ook allebei verhalen over democratie, en hoe elke Amerikaan daarvoor offers moet brengen. Zowel de soldaten als de studenten vonden dat ze hun burgerplicht deden.
»De hele bedoeling van de documentaire was om alle kanten aan het woord te laten: niet alleen de studenten en de soldaten, maar ook vertegenwoordigers van Dow Chemical, van de politie én voormalige Vietcong-soldaten. Door iedereen zijn visie op de feiten te laten geven, wil ik onderstrepen hoe moeilijk het was - en nog steeds is - om rechtlijnige ideologische keuzes te maken.
»We zijn ook in Vietnam gaan opnemen, en door ons beperkte budget moest één van die ex-Vietcong, meneer Triet, een kamer delen met een Amerikaanse veteraan, Clark Welch. Aanvankelijk was het koude oorlog, maar op het einde van de opnameperiode zijn ze elkaar huilend in de armen gevallen. Een onvergetelijk moment - en het ideale tegengif voor al die maanden dat ik me in deze gruwelijke geschiedenis had begraven.»


































0 reacties
reageer ookReageer ook