
Peter Nicholson «In Japan wordt heel anders over de dood gedacht dan bij ons in het Westen. In de samoeraicultuur is het een eer om te sterven in dienst van je meester: men verwerft er een bijna goddelijke status mee. Toen de Japanse militaire leiders eind '44 inzagen dat de situatie hopeloos was, deden ze een beroep op dat diepgewortelde samoeraigevoel van de Japanners. Vandaar dus het extreme idee om kamikazepiloten in te zetten, als laatste verdedigingsmechanisme.»
HUMO Uw film betoogt dat de kamikazepiloten een belangrijke factor waren in de beslissing van de Amerikaanse president Truman om atoombommen op Hiroshima en Nagasaki te gooien.
Nicholson «De Amerikaanse militaire macht was met afstand superieur aan de Japanse, maar de grootscheepse aanvallen van kamikazepiloten joegen de Amerikanen schrik aan. 'Zo voer je geen oorlog,' vonden die: ze begrépen het niet.
»Op den duur raakten ze er ook van overtuigd dat iedere Japanner zich tot de dood zou verzetten tegen een Amerikaanse invasie van hun land. Het thuisland is voor Japanners een spirituele, bijna heilige plaats - het idee dat het bezet zou worden door vreemden is voor hen niet te verdragen, en dat vóélden de Amerikanen.
»Mijn hypothese is het dat de angst om veel jonge Amerikaanse mannen ter verliezen zich vertaald heeft in een versnelde beslissing om de atoombom in te zetten.
» Nu, als je zussen en broers interviewt van kamikazepiloten, dan valt het op dat diep onder de oppervlakkige culturele verschillen er toch één grote gelijkenis bestaat tussen Amerika en Japan: de rouw om hun geliefden. In Japan moest die rouw destijds onder het tapijt gemoffeld worden, akkoord, maar hij wás er wel. Wat de grote gevoelens betreft zijn alle mensen in wezen gelijk: dat is de diepmenselijke boodschap van mijn film.
»Met dank aan mijn Japanse tolk heb ik zes overlevende Japanse kamikazepiloten kunnen interviewen. Hun vliegtuig was destijds neergehaald en in zee terecht gekomen, en daar waren ze opgepikt. Of ze hadden met motorpech te kampen gehad, en konden niet opstijgen. Die mannen lopen vaak nog altijd met een diepe schaamte rond: ze hadden gefaald.
»Eén van die mannen zag mijn film samen met zijn zoon, die nu veertig of vijftig is - ik stuur altijd een dvd'tje op naar iedereen die in mijn documentaires wordt geïnterviewd. Achteraf schreef hij mij een bedankbrief: 'Voor de eerste keer in mijn leven hebben mijn zoon en ik een echt gesprek gehad over wat ik in de oorlog gedaan heb'. Een mooier compliment lijkt me onmogelijk.»




























![Aimé Van Hecke: 'Humo heeft afspraak met de 21ste eeuw gemist' [fotospecial]](http://img.humo.be/q90/w148/h148/img_352/352566.jpg)


0 reacties
reageer ookReageer ook