null Beeld AFP
Beeld AFP

schadevergoeding

De man die terrorist Nizar Trabelsi arresteerde: ‘Hij lachte van oor tot oor, maar zijn hand lag wel op een uzi’

België moet een schadevergoeding van 100.000 euro betalen aan moslimterrorist Nizar Trabelsi, omdat ze hem negen jaar geleden onrechtmatig uitleverden aan de VS. De Tunesiër werd in 2003 in België veroordeeld omdat hij een aanslag wilde plegen op de luchtmachtbasis van Kleine Brogel, waar Amerikaanse kernwapens lagen. Bij de politie was Trabelsi allesbehalve populair. Lees hier het relaas uit het boek ‘Terroristenjager’, waarin twee agenten van de Speciale Eenheden vertellen hoe ze Trabelsi in 2001 arresteerden, en hem twaalf jaar later met een list aan de VS uitleverden.

Annemie Bulté & Lionel D.

Op 3 oktober 2013 krijgt het SIE de opdracht om, in het grootste geheim, de veroordeelde Tunesiër Nizar Trabelsi uit te leveren aan de Verenigde Staten. De moslimterrorist van Al Qaida zit al twaalf jaar in een Belgische cel omdat hij in 2001 een zelfmoordaanslag voorbereidde tegen de militaire basis in Kleine-Brogel. De irissen (leden van de Speciale Eenheden, red.) hebben hem de voorbije jaren geregeld moeten overbrengen van de gevangenis naar het gerechtshof en terug.

‘Trabelsi viel op door zijn arrogantie,’ weet Lerre nog. ‘Hij daagde ons altijd uit met dat minachtende lachje van hem, alsof hij de keizer was, en wij zijn slaven. Je moest hem goed in de gaten houden, want hij was hyperalert: zodra zijn blinddoek afging in het gerechtsgebouw schoten zijn ogen heen en weer naar de wapens van de bewakingsagenten, alsof hij een gelegenheid zocht om er een buit te maken.’

Nizar Trabelsi werd in Brussel opgepakt op 13 september 2001, twee dagen na de aanslagen van 9/11 in New York. De wereld keek vol ontzetting toe hoe Al Qaida-terroristen zich met twee gekaapte passagiersvliegtuigen in de Twin Towers boorden, en bijna drieduizend doden maakten. In België kregen de speurders een tip uit Frankrijk, dat een mogelijk kopstuk van de Europese vleugel van Al Qaida in Brussel woonde. Het ging om Nizar Trabelsi, een Tunesische ex-profvoetballer die geradicaliseerd was na een mislukte carrière in de Bundesliga. In New York smeulden de resten van de WTC-torens nog na toen het SIE hem op klaarlichte dag arresteerde in zijn flat aan de Mozartlaan in Ukkel. Lerre was op dat ogenblik een van de jongste interventieleden. Hij stond op de eerste rij.

Lerre: “Er stond niets gepland die dag, we waren aan het trainen. Plots kwam die informatie over Trabelsi binnen, en moesten we holderdebolder vertrekken. Iedereen was in opperste staat van alertheid: in New York waren ze de doden nog aan het tellen, en nu bleek een kerel van diezelfde Al Qaida-club bij ons te zitten. We moesten hem pakken, nu, onmiddellijk!

Trabelsi woonde aan de betere kant van Brussel, in een ruim appartementsgebouw op de derde verdieping. Ik herinner me dat we de trappen heel snel moesten oplopen met onze zware gevechtsuitrusting, een kogelwerend schild en een stormram... De anciens waren buiten adem toen we boven kwamen. We deden geen moeite om stil te zijn: Trabelsi had ons wellicht al lang horen komen en er was geen seconde te verliezen. Een gewone deur gaat met één stoot van de stormram open, maar het kostte mijn collega Sensei, een sterke beer, minstens vijf slagen voor de deur het begaf.

Ik ging als eerste binnen met het schild, gevolgd door de anderen. En daar zat hij, in de woonkamer: achteroverleunend in een fauteuil, met een lach van oor tot oor. Hij zat duidelijk op ons te wachten. Zijn handen hingen losjes over de armsteunen. Ik riep de bevelen: ‘Federale politie, handen omhoog!’ Hij bewoog niet en bleef me aankijken met die grijns op zijn gezicht. Ik zette me schrap, want ik zag zijn handen niet, en verwachtte een vuursalvo. Ik bleef de bevelen herhalen, alsmaar dringender. ‘Laat uw handen zien! Nu, of ik schiet!’ Net toen ik op het punt stond de trekker over te halen, bracht hij heel langzaam zijn handen naar omhoog. We waren allemaal verrast: ofwel worden verdachten bij hun arrestatie agressief, ofwel doen ze het in hun broek, maar dit gedrag hadden we nog nooit gezien. Hij gehoorzaamde de bevelen tergend traag, en uiteindelijk konden we hem geboeid naar buiten leiden.

Pas achteraf hoorde ik dat zijn hand naast de fauteuil in een oude sportzak hing. Daarin zat een machinepistool. Twijfelde hij of hij zou schieten of niet? Was het puur voor de show? Ik weet het niet. Maar zijn hand lag wel op de uzi. Nu, ver was hij er niet mee gekomen. Dat wapen was een 9mm-kaliber, zoals een gewoon pistool. Daar was onze kogelvrije uitrusting tegen bestand. Had hij gevuurd, dan had ik hem doodgeschoten.”

In zijn appartement vinden de speurders een dozijn valse paspoorten en formules voor de aanmaak van twee verschillende bommen. De ingrediënten voor de bommen, grote hoeveelheden aceton en zwavel, lagen al klaar in het Brusselse restaurant Le Nil, waar Trabelsi kind aan huis was. Trabelsi geeft toe dat hij Osama Bin Laden, de leider van Al Qaida, heeft ontmoet in Afghanistan. Die heeft hem opgedragen om een aanslag te plegen tegen de legerbasis van Kleine-Brogel. Op de Limburgse basis zijn Amerikaanse militairen gestationeerd en zijn kernkoppen van het Amerikaanse leger opgeslagen.

Trabelsi wordt tot tien jaar cel veroordeeld in België, maar de VS dringen van in het begin aan op zijn uitlevering. Trabelsi vecht die aan met alle mogelijke middelen, omdat hij vreest voor foltering in de beruchte gevangenis van Guantanamo Bay. Intussen wordt hij overgeplaatst naar de strafinrichting in Brugge, omdat hij er in de gevangenis van Ittre mee dreigt om zijn medegevangene Marc Dutroux te vermoorden. De uitlevering aan de VS blijft op tafel liggen, maar is politiek hoogst omstreden omdat België niet uitlevert aan landen die de doodstraf hebben. In 2013 is het dan toch zover.

Op 3 oktober, onder een bleke ochtendzon, krijgen de irissen de opdracht om Trabelsi uit de gevangenis te halen en over te brengen naar de militaire luchthaven van Melsbroek, waar hij op het vliegtuig naar de VS zal worden gezet. De uitlevering moet discreet gebeuren; behalve het commando van de Speciale Eenheden zijn alleen enkele ministers en ambtenaren van justitie op de hoogte. Ook Trabelsi weet van niets. Hij heeft een overplaatsing gevraagd. Hij wil terug naar de gevangenis van Ittre waar hij wil trouwen met een Brusselse. Maar wanneer een interventieploeg die ochtend zijn cel binnenkomt, ruikt hij meteen onraad.

Lio: “Trabelsi ziet dat wij niet de mannen zijn die het gewone vervoer tussen gevangenissen doen. Terwijl we hem een koptelefoon opzetten en een blinddoek aandoen, begint hij vragen te stellen. ‘Wie zijn jullie? Wat zijn jullie van plan?’ Hij is extreem achterdochtig. Wanneer we hem in de gepantserde wagen zetten, voelt hij onmiddellijk aan zijn billen dat de zetels anders zijn dan gewoonlijk. ‘Ha, ’t is een andere auto?’ En op het moment dat we de autostrade oprijden in een andere richting dan hij verwacht, wordt hij heel onrustig: ‘Dit is niet de weg naar Ittre. Waar brengen jullie me naartoe?’

Het is een gespannen rit, niemand van ons zegt een woord, alleen Trabelsi blijft vragen stellen. Dan komen we aan in Melsbroek. Zodra de deur van de wagen opengaat, hoort Trabelsi de motoren van het vliegtuig dat klaarstaat om te vertrekken. Hij ruikt de kerosine op het tarmac, en weet hoe laat het is. We nemen hem zijn blinddoek af. Voor zijn neus staan drie agenten van de CIA, die hem met de gebruikelijke formuleringen op zijn rechten wijzen. Bij elk woord zie je de moed van Trabelsi dieper in zijn schoenen zakken. Weg is zijn arrogante houding. Hij wordt dan toch aan Amerika uitgeleverd. Wanneer de agenten klaar zijn, zegt hij: ‘Ik moet pissen.’

Het volgende moment moet een van de vernederendste in zijn leven geweest zijn. Een agent zet zijn broek open: ‘Laat het maar lopen.’ Daar staat hij, de handen geboeid op de rug en met zijn fluit uit zijn broek op het tarmac te plassen, onder het oog van zijn Amerikaanse aartsvijanden. Het verhaal zal voor veel hilariteit zorgen in het peloton: er zijn genoeg collega’s bij wie Trabelsi met zijn uitdagende houding het bloed onder de nagels vandaan heeft gehaald. Na de overlevering van de gedetineerde blijven we in de auto kijken naar het opstijgende vliegtuig. Terwijl het toestel de staalblauwe hemel in vliegt, horen we op de autoradio een toepasselijke hit van Frank Sinatra. ‘It’s up to you, New York, New York’”

De controversiële uitlevering van Nizar Trabelsi aan de VS zorgt voor een schandaal in de media en in het parlement. België wordt in 2014 al een eerste keer veroordeeld door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens tot het betalen van een boete van 90.000 euro. Het is het begin van een juridische strijd tussen de advocaten van Trabelsi en de Belgische staat, die blijft aanslepen. Trabelsi zit vandaag nog altijd in een Amerikaanse cel.

Het Brusselse Hof van Beroep besliste gisteren dat België de man nooit had mogen uitleveren aan de VS. Ons land moet niet alleen een schadevergoeding aan de man moet betalen, maar ook aan de VS moet vragen om Trabelsi terug te sturen naar België, waar hij een vrij man zou zijn. Of België dat ook zal doen, valt nog te bezien. Het kabinet van justitieminister Van Quickenborne liet weten dat ze het arrest daar nog bestuderen.

Terroristenjager, Annemie Bulté en Lionel D.
Uitgeverij Lannoo

null Beeld

Dankzij Humo steekt er geen andere onzin in je broek. Download nu de app van Humo en ontdek de interessantste verhalen, grappigste cartoons en scherpste meningen. Klik hier.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234