Jeroen Meus: ‘Onlangs was mijn haar wat te lang in ‘Dagelijkse kost’. Ik heb er wel tweehonderd berichten over gekregen: ‘Vuilaard!’’ Beeld Johan Jacobs
Jeroen Meus: ‘Onlangs was mijn haar wat te lang in ‘Dagelijkse kost’. Ik heb er wel tweehonderd berichten over gekregen: ‘Vuilaard!’’Beeld Johan Jacobs

De tol van de roem

Jeroen Meus: ‘Soms word ik wakker en krijg ik meteen drie stampen in mijn edele delen op Instagram’

Jeroen Meus: 'Het vermoeden van onschuld geldt niet voor bekende personen: je bent sowieso schuldig.' Beeld Johan Jacobs
Jeroen Meus: 'Het vermoeden van onschuld geldt niet voor bekende personen: je bent sowieso schuldig.'Beeld Johan Jacobs

Specialisten vinden in de schandalen rond Bart De Pauw en Jan Fabre bewijzen voor de stelling dat succes een vreemde impact op het brein heeft, maar toch neemt de zucht naar roem stilaan epidemische proporties aan: studies wijzen uit dat zo’n 70 procent van de kinderen en jongeren tussen 8 en 17 later beroemd wil worden. Maar terwijl de dromen van hemelbestormers vroeger vaak een stille dood stierven in morsige achterafzaaltjes, staan vandaag de hemelpoorten van televisie en sociale media wijd open om iederéén zijn 15 minutes of fame te gunnen. Maar met de lol komt ook de tol van de roem. Dat ondervind ook Jeroen Meus.

Jonas Mortier

‘Elke dag opnieuw wens ik dat ik niet beroemd was,’ verzuchtte de Britse televisiechef ­Jamie ­Oliver ooit. Hoe zou de man die bekend werd als ‘de ­Vlaamse ­Jamie Oliver’ zijn roem beleven?

HUMO Twee jaar geleden zei je in Humo: ‘Ik heb er altijd naar gestreefd een vakman te zijn, en bekendheid is het ongezellige neveneffect.’ Wat vind je er precies zo ongezellig aan?

Jeroen Meus (43) «Als ik ‘alles’ zeg, is dat dan overdreven of onbeschoft? Toen ik op televisie begon, was ik 23 en vrijgezel: bekendheid had nog wel iets (lacht). Maar intussen ben ik 20 jaar ouder, heb ik een gezin, en soms hunker ik ernaar niet bekend te zijn.

»Bekendheid blijkt iets te zijn wat je je gezin aandoet. Als wij een restaurant binnenstappen, stokken de gesprekken en kijken de andere gasten ons na. Ik ben dat gewend, maar mijn zoontje vindt het helemaal niet zo fijn. Mensen zeggen weleens: ‘Dat weet je toch op voorhand?’ Maar je weet níét op voorhand hoe je je daar later bij zult voelen. Je evolueert, je raakt wat meer gesteld op je rust en vrijheid.

»Ik ben dankbaar dat mijn vrouw en ik elkaar hebben leren kennen net voor mijn grote doorbraak. Daardoor weet ik 100 procent zeker: wij zijn verliefd op elkaar geworden om wie we zijn. We hebben ook samen met mijn bekendheid leren omgaan.»

HUMO Jullie zoon is erin geboren.

Meus «Inderdaad. In het begin vond hij het nog wel leuk, dan wilde hij mee naar de opnames van ‘Dagelijkse kost’. Maar dat is voorbij. ‘De mensen zijn zo onbeleefd,’ zegt hij soms. En hij heeft gelijk. Veel mensen zijn onbeschoft zonder het te beseffen. Ze zien je, schrikken, en roepen als in een reflex: ‘Moete gij ni koken?’»

HUMO Maak je het weleens mee dat iemand luidkeels je naam roept op straat, voor het geval je hem vergeten zou zijn?

Meus «Sinds ‘Dagelijkse kost’ hoor ik mijn naam ­overal waar ik kom. Na een tijdje ontwikkel je daar een soort voelsprieten voor, terwijl je eigen­lijk het tegenovergestelde zou willen hebben. Telkens als mensen me aanspreken of naar me wijzen, krimp ik een beetje ineen. Oogcontact is dodelijk: ik probeer het te vermijden, zodat ik kan doorstappen. Mondmaskers zijn trouwens een fantastisch hulpmiddel om niet herkend te worden.

»Ik vergelijk mezelf soms met een waterfles. Als ik thuis vertrek, is ze vol. Overal waar ik kom, mag ieder­een er wat van drinken. Vroeger liet ik dat toe tot ze leeg was – maar dan kwam ik thuis en was ik niet meer te genieten. Nu voel ik beter aan wanneer het tijd is om af te ronden. Dan heb ik nog een kwart van die fles over voor mijn gezin. Zo probeer ik ermee om te gaan.

»Pas op, misschien ga ik het allemaal wel missen als het ooit weg is. Eigenlijk krijg je als bekende mens voortdurend applaus. Mijn bekendheid heeft me gebracht waar ik ben. Mijn leven is alleen maar toffer geworden sinds ik tv-maker ben. Ik heb kansen gekregen, heb de wereld kunnen zien, heb waardevolle vriendschappen opgebouwd, een comfortabel leven. Dat is allemaal fantastisch, en ik ben er enorm dankbaar voor.

»En ik begrijp de aandacht ook wel. Al tien jaar kom ik bijna elke dag bij de mensen in de woonkamer. Sommige mensen zeggen oprecht, nadat ze me hebben aangeklampt: ‘Sorry, ik dacht dat ik u kende.’»

HUMO Wat vind je van mensen die je op straat aanklampen voor een selfie?

Meus «Dat is bijna altijd ­dikke nest. (Imiteert een koppel dat zijn pad kruist) ‘Mogen wij ne foto? Ja? Allee Jos, pakt gij hem? Hoe werkt dat spel hie? Wacht, Jos, ge moet daar ­daven. Ai, maar nu hebt ge op het verkeerde knopke ­gedeven’ – om de één of andere reden zeggen ze altijd ‘gedeven’ (lacht). Ik weet ondertussen wel hoe elke telefoon ineenzit, vaak neem ik gewoon het heft in handen. Maar het zou tof zijn als de mensen beter voorbereid waren. Dat zou ik toch zijn, als ik pakweg ­Nick Cave ­om ­een selfie zou vragen.

»Sinds kort durf ik ook nee te zeggen: ‘Jeroen, mogen wij een foto?’ – ‘Nee, het past niet.’ Dat recht heb ik, vind ik. Maar dan krijg je onmiddellijk de reactie: ‘Wat een pretentie.’ Dan ben ik echt een beetje van de kaart. Mensen verlangen dat je de klok rond beschikbaar bent.

»Voor alle duidelijkheid, aan wie dit leest: blijf me gerust om een selfie vragen. Maar weet dat het soms gewoon niet past.»

HUMO Willen de mensen graag weten wat een topchef in zijn winkelkarretje of op zijn bord heeft liggen?

Meus «Nee, daar heb ik geen last van. Ik ben altijd de eerste die iets zegt, dat is mijn techniek in die situaties. Als ik een restaurant binnenkom en voel dat er naar me gekeken wordt, zeg ik zelf: ‘Goedenavond. Smakelijk.’ En dan kan ik aan mijn avond beginnen.

»Op die momenten merk ik trouwens hoe vergankelijk bekendheid is. Vaak gaat het om een moment van herkenning. Als je tien minuten naast ­iemand zit, ebt dat effect weg. Ik ben ­Brad ­Pitt ook niet, hè. Ook al lijken we enórm op elkaar (lacht).»

HUMO Brad Pitt omschrijft bekendheid als het gevoel een mooie vrouw te zijn die op elk moment van de dag langs bewonderende bouwvakkers loopt. Herken je dat?

Meus «Het ongemakkelijke ervan wel, ja. Ik ben eigenlijk enorm verlegen. Vroeger was ik dat niet, door de bekendheid ben ik het geworden. Ik vind dat ik te veel aandacht krijg. Ik doe niks speciaals – het is máár eten.»

‘Oh my god!’

HUMO De Britse komiek Ricky Gervais wijst op ‘een nieuwe tendens van mensen die beroemd zijn als beroep en verder niks bijbrengen’. Wat vind jij van bekendheid als doel op zich?

Meus «Ik vind dat alarmerend. Roem is aantrekkelijk als je wordt beloond voor iets wat je anders hebt gedaan dan de rest, en waar je hard voor hebt gewerkt. Ik krijg waardering voor iets wat ik goed doe, mijn bekendheid volgt uit een prestatie – al is het dan máár koken. Als een acteur de pannen van het dak acteert, krijgt die daar ­applaus voor. Maar bekendheid op zich is geen vak, je kunt na je middelbare school niet zeggen: ‘Nu ga ik een master in bekendheid doen.’ Je kunt wél een master in de psychologie doen en psychiater worden, en daar dan zo in uitblinken dat je bekend wordt, zoals de fantastische ­Dirk ­De ­Wachter. Dát is de logische gang van zaken. Hij is nooit gaan studeren vanuit het idee: ‘Daar ga ik nu eens geweldig bekend mee worden!’ Als dát je ambitie is, volstaat het om verkleed als ­flamingo in je blote kont op de Grote Markt gaan staan – je zult wel ergens in de krant ­belanden. Of erger: je kunt met een machete staan zwaaien.»

HUMO Hoe zie je de rol van televisie?

Meus «Vroeger bestonden er nog geen bekende Vlamingen of ‘mediafiguren’: mensen die alleen van televisie bekend waren. Beroemdheden waren toen ook nog relatief onbereikbaar. Maar als iemand mij niet kan luchten, laat hij of zij me dat gewoon weten op ­Instagram. Soms word ik wakker en krijg ik meteen drie stampen in mijn edele ­delen, en mijn dag moet nog beginnen. Vroeger was het vast leuker om bekend te zijn.»

HUMO Almaar meer jonge mensen vinden bekendheid helemaal het einde.

Meus «Als je binnenkomt, gillen ze: ‘Oh my God!’ Ik merk dat al bij kleinere kinderen. ‘Die heeft wel 195.000 volgers, hè’: I ­couldn’t care less. Omdat dat over status gaat. Ik vind iemand niet toffer omdat hij of zij bekend is. Ik heb veel bewondering voor mensen die me inspireren. Zijn ze toevallig bekend: ook goed. Maar als bekendheid, likes en volgers de maatstaf op de speelplaats worden, dan houd ik mijn hart vast. Dan gaan nog véél jongeren gepest worden. Terwijl ik dacht dat we daar stilaan mee gingen stoppen.

»Mijn vrouw en ik zeggen geregeld tegen elkaar: jammer dat we maar één kind hebben, maar we zijn wel blij dat het een jongen is.»

HUMO Omdat hij als jongen minder in dat opbod wordt meegesleurd?

Meus «Het interesseert hem gewoon niet. Ik weet niet of ik dat mag zeggen in een gen­der­neutrale maatschappij – waarvan ik trouwens voorstander ben – maar ik denk dat het vooral bij meisjes leeft: selfies maken, dansjes doen, je laten zien. Voor hen houd ik mijn hart wel vast.»

HUMO Is het vervelende van sociale media niet dat het een soort opbod naar perfectie creëert? Mensen willen zich beter voordoen dan ze zijn: zonder zwaktes, zonder twijfels…

Meus (onderbreekt) «…en zonder inhoud. Alles wat inhoudsloos is, is gedoemd om te mislukken. En wat op Insta­gram staat, is meestal zonder inhoud. Als je bekend bent op Instagram, denk ik niet dat dat heel duurzaam is.»

HUMO Evolueert niet alles in die richting? Ook de politiek is toch showbusiness geworden?

Meus «Weet je wat ik heb geleerd door bekend te zijn? Dat ik mijn mening voor mijzelf houd. Ik wil met jou op café over alles praten, maar ik wil het niet meer laten neerschrijven, want dan krijg ik ’s ochtends weer een stortvloed aan commentaren. Onlangs was mijn haar wat te lang in ‘­Dagelijkse kost’, dat geef ik graag toe, maar ik heb er wel tweehonderd berichten over gekregen: ‘Vuilaard!’ Dat zijn dezelfde trouwe supporters van ‘Dagelijkse kost’ als de afgelopen tien jaar, maar één ding dat hun niet zint en je ligt er. Zo meedogenloos is dat. Dus ik heb geen meningen meer. Of ik héb er wel, maar ik uit ze niet meer. Soms ben ik dan gefrustreerd omdat ik óók weleens op Twitter tegen ­iemands ballen wil stampen. Ik wil ook eens zeggen: ‘Ik ben niet akkoord,’ of: ‘Dikke proficiat, je hebt een onpopulaire mening, maar ik steun je.’ Omdat zwijgers veel zwijgen en schreeuwers veel schreeuwen: de zwijgers zijn met meer, maar de schreeuwers zijn luider. Maar ik heb die morele moed niet meer. Ik ben het gewoon beu om de socialemediatrollen over me heen te krijgen.»

HUMO Het debat valt niet te winnen, dus je laat het over aan de schreeuwers?

Meus «Je kúnt niet winnen van anoniempje X3542, die is namelijk anoniem. Dat is ­frustrerend, ik heb het er moeilijk mee, maar je mond houden is echt de beste optie. Schoenmaker, blijf bij uw leest. En als ik een discussie wil, dan heb ik daar fantastische ­ouders en familie en vrienden voor, om één en ander te kunnen ventileren. Het sop is de kool niet waard.»

HUMO Een tijdje terug sprak Lotte Vanwezemael zich uit over bodyshaming, nadat ze op social media commentaar had gekregen op haar uiterlijk. Is het niet belangrijk om over dat soort zaken je stem te laten horen?

Meus «Mijn vader heeft mij daarover gebeld: ‘Ken jij haar?’ Hij zei: ‘Ik zou dat meisje willen laten weten dat ze zich geen bal moet aantrekken van wat de mensen zeggen.’ Mensen moeten hun mond houden over andere mensen. Zo simpel is het. En je hebt gelijk, je zou je stem daarover moeten laten horen, maar hoe meer je je vandaag uitspreekt, hoe meer stront je over je heen krijgt. Soms denk ik daarom dat je één en ander maar beter laat overwaaien. Anders maak je de dingen alleen maar groter. Zoals ­Tom ­Lenaerts een tijd terug zei in ‘Alleen Elvis blijft bestaan’: ‘Af en toe moet je wat onder de mat ligt, onder de mat laten liggen.’»

HUMO Had hij het met die uitspraak ook niet over privacy? Die staat overal onder druk. Ik hoor jou pleiten voor meer privacy, het recht op een niet-gedeeld leven.

Meus «Ik ben een kok en je mag mij alles vragen over mijn vak. Je mág me ook vragen naar mijn gezinsgeluk, omdat koken nu eenmaal in het life­style­segment zit, maar dan mag ik ook zeggen: ‘Je hebt daar geen zaken mee.’ Mogen wij eens bij u thuis komen filmen? Nee, eigen­lijk niet. Ik hecht enorm aan de scheiding tussen mijn publieke rol en mijn privéleven. Over het eerste mag je me de pieren uit de neus halen, de rest hoef je niet te weten. Tenzij ik erover wíl babbelen. Bekend zijn mag wel ergens stoppen.»

HUMO Bekende mensen worden soms eerder als bordkartonnen omhulsels gezien dan als mensen met gevoelens. Merk jij dat ook?

Meus «Ik heb daar weinig last van omdat ik het niet opzoek. Maar ik denk wel dat mensen die achter hun computer kruipen en zichzelf Rodriguez Sanchez noemen, ook al heten ze eigenlijk gewoon Eddy van Opstal, niet beseffen hoeveel pijn ze iemand kunnen doen. ‘Hij moet er maar tegen kunnen want hij komt op televisie’: zo werkt het niet, hè.»

Verslaafd

HUMO De Vlaming lijkt een voorkeur te hebben voor een bepaald type bekende mens: de boy next-door, de gewone jongen. Zoals jij, of pakweg Erik Van Looy...

Meus (onderbreekt) «Ik vind dat een compliment.»

HUMO Maar in hoeverre zíjn jullie dat nog na zoveel jaren aandacht en applaus?

Meus «Dat is een goede vraag. Er is véél veranderd in mijn leven, maar ik ben, denk ik, nog altijd een gewone jongen. Mijn liefde voor de mensen die ik graag zie, is alleen maar groter geworden, mijn familie is belangrijker dan ooit. Ik ben gegroeid op alle fronten, ik ben ­ouder geworden, ik heb andere interesses gekregen. En ik zal af en toe weleens vloeken als ­iemand om een selfie vraagt, maar ik wil ze wél graag blijven maken. Omdat ik besef dat wat ik mag meemaken uniek is. Ik doe ‘Dagelijkse kost’ al tien jaar – en je mag het als eerste weten: ik mag nog een paar jaar verderdoen van de VRT – en ik koester elke dag. Ik wil dus geen enkel risico nemen om dat kwijt te spelen: daarom ben ik zo voorzichtig en hou ik mijn meningen voor mezelf. En ben ik dezelfde gebleven? Ik hoop het. Er is zelfs iets bijgekomen. Vandaag beséf ik namelijk hoe graag ik het doe, vroeger deed ik het gewoon.»

HUMO Patti Smith zegt dat niets je ontwikkeling zo in de weg staat als voortdurend onder een vergrootglas te liggen. Maar je hoort ook mensen zeggen dat bekend­heid een soort snelkookpan is die je persoonlijke ontwik­keling net heel erg stimuleert. Als ik jou bezig hoor, lijk je van de tweede strekking.

Meus «Ik ben van de tweede strekking, hoezeer ik ook fan ben van ­Patti Smith. Zij komt uit een creatief milieu: woordkunst, muziek. Ik kom uit een zeer prestatiegerichte wereld: je zaak opstarten, tot ’s nachts werken, mensen in de watten leggen… Door voor tv te werken ben ik in contact gekomen met de beste regisseurs, schrijvers en muzikanten. Mijn leven is enorm verrijkt. Daarvóór bestond mijn dag uit wortelen snijden, stoven, pureren en zorgen dat mijn ploeg op dezelfde lijn zat. Mijn wereld is opengegaan.»

HUMO Zijn er parallellen tussen de culinaire wereld en de televisiewereld? Valt de rush van een service te vergelijken met die van een opname? Tevreden klanten met hoge kijkcijfers?

Meus «De voornaamste gelijkenis is wel dat het in beide werelden de bedoeling is om mensen te behagen. Ik ben opgeleid in de hotelschool en mijn leven staat sindsdien in het teken van dienstbaarheid. Ten dienste staan van, ­koken voor, mensen blij maken mét: fantastisch. Dat is de rode draad in mijn leven. Nog een gelijkenis: het zijn twee van de weinige jobs waarbij recensenten over je werk schrijven. Een top 10 van beste dokters ben ik nog niet tegengekomen (lacht). Maar ik kan daarmee leven.»

HUMO Ik ga je nog een laatste citaat serveren, in de culinaire sfeer. Marilyn Monroe zei ooit: ‘Roem is als kaviaar. Het is heel lekker, maar niet als je het elke dag moet eten.’

Meus «Niets is lekker als je ’t elke dag moet eten (lacht). Ik begrijp haar wel. Maar ik vind klagende BV’s ook vervelend. Want je kunt evengoed zeggen: ik stop ermee. Laat er vijf jaar overheen gaan en je bekendheid smelt als sneeuw voor de zon. ­Herwig ­van ­Hove heeft bijvoorbeeld een fantastische carrière gehad, maar vraag een meisje van 25 niet wie hij is. Iemand die zich voedt aan zijn bekendheid, is mijns inziens dan ook een potentieel depressieve mens.»

HUMO Op de bijsluiter van de roem staat naar het schijnt dat aandacht en applaus net zo verslavend zijn als nicotine of alcohol.

Meus «Dat is een vraag die ik mij al gesteld heb: ben ik eraan verslaafd? Ik zou zeggen van niet, maar eigen­lijk kan ik dat niet weten, want overal waar ik kom, word ik herkend. Onlangs ben ik er voor het eerst eens van uitgegaan dat iemand me wel zou kennen. Normaal gezien zeg ik altijd: ‘Hallo, ik ben Jeroen, aangenaam.’ Dan zeggen ze doorgaans: ‘Jaja, dat weten we wel,’ maar het is toch onbeschoft om je niet even voor te stellen? Maar onlangs deed ik dat dus voor het eerst eens niet, en die man zei: ‘Euh, en wie ben jij?’ (lacht hard) Schitterend.»

HUMO Geniet je weleens van wat anonimiteit, in het buitenland bijvoorbeeld?

Meus «Enorm. Dat is mijn grootste geluk. Met mijn gezin heb ik in de herfstvakantie een roadtrip door Marokko gedaan, waar niemand mij kent. Heer-lijk.»

HUMO In Marokko ben je niet Jeroen Meus, de televisiechef. Daar hoef je niet de hele tijd ‘aan’ te staan.

Meus «Dat klopt. Dat is die fles water: in het buitenland is de hele fles alleen voor ons ­drietjes.»

HUMO Mocht bekendheid toch een vak zijn, dan zie ik wel een leraar in jou. Je lijkt het redelijk goed te beheersen.

Meus «Ik heb het met scha en schande geleerd. Ik kan tegen­woordig bijvoorbeeld heel goed een gesprek blokkeren. Gewoon stop, klaar, afgehandeld. Daar heb ik door de jaren wel wat trucs voor geleerd. ­Ben Crabbé, één van mijn grote helden, kwam lang geleden eens in mijn restaurant. Vanuit de open keuken had ik hem in de gaten. Toen hij wilde gaan zitten, maakte ­iemand aanstalten om hem aan te spreken, voor het hele restaurant. Waarop Ben zei: ‘Ssst, niet doen.’ Toen dacht ik: wat een held! ‘Ssst, niet doen,’ en hij kon aan zijn avond beginnen. Is dat niet briljant? (lacht) Ik zeg dat zelf trouwens nooit, voor alle duidelijkheid: ‘ssst’ vind ik onbeleefd. Maar ik zeg soms wel: ‘Ohoo, rustig, rustig.’»

HUMO Stop, klaar, afgehan-deld!

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234