Wie is die Dyab Abou Jahjah nu ook al weer?

, door (pc) en (jo) en (tp) en (pv)

25
Dyab Abou Jahjah
© Marco Mertens

(Verschenen in Humo 3134/40 op 26 september 2000)

In september 2000 werd hij voor het eerst geïnterviewd in Humo, als  voorzitter van Al Rabita, een Arabisch-Europese Liga, een organisatie die de belangen van de Arabische allochtonen in Europa wilde behartigen. De organisatie had nogal radicale standpunten: het integratiemodel heeft gefaald en de allochtonen zouden er beter aan doen hun roots niet te verloochenen en hun eigen scholen, bejaardentehuizen en dergelijke op te zetten, een beetje zoals de joodse gemeenschap in Antwerpen dat heeft gedaan.

'Wie zegt dat wij ons in de Vlaamse cultuur moeten integreren, is een racist'

Enkele fragmenten uit dat interview:

HUMO Je hebt verschillende modellen van zo'n multiculturele samenleving. Moeten de gemeenschappen in elkaar versmelten, moeten ze naast elkaar leven, of mét elkaar?

Abou Jah Jah «Ons model vertrekt van de vaststelling dat we allemaal burgers zijn van één staat, in ons geval België. DIe staat heeft een wetgeving en een grondwet, die bindend is voor iedereen. Alles wat buiten dat juridische kader valt, is niet bindend. Dus ook culturele normen, want die verschillen, afhankelijk van de gemeenschap waarbinnen ze gelden: katholiek, vrijzinnig, islamitisch… En dat vinden wij een boeie zaak, dat willen we zo houden: de staat moet culturele normen niet wettelijk verplicht maken. Eén bepaalde cultuur moet niet aan iedereen worden opgedrongen als dé cultuur.»

HUMO Je bedoelt: de blanke, westelijke, christelijk geïnspireerde cultuur.

Abou Jah Jah «Ja. Wie van ons verlangt dat wij ons in de cultuur van de Vlaamse meerderheid integreren, nou, die vinden wij racistisch en ondemocratisch. Zeggen dat de minderheden de cultuur van de meerderheid moeten overnemen, is een inbreuk op de mensenrechten: daarin staat namelijk dat minderheden het recht hebben op hun eigenheid, dus ook op hun eigen cultuur.»

HUMO Maar bestaat dan niet het gevaar dat jullie je gaan isoleren van de rest  van de samenleving?

Abou Jah Jah «Dat is een van de grote misverstanden. Natuurlijk willen wij ons niet isoleren, maar als je je goed in je vel wil voelen, dan moet je ook houden van wie en wat je bent, mag je je eigenheid dus niet verloochenen. Dat betekent zeker niet dat we niet met mensen uit andere gemeenschappen kunnen communiceren of samenwerken, integendeel.
»Assimilatie of integratie houdt in dat jij me zegt dat ik moet worden zoals jij, en dat accepteren we niet.»

(...)

HUMO Jullie nemen de joodse gemeenschap in Antwerpen als model. Doe heeft zich over het algemeen inderdaad niet geassimileerd, maar is dat nou echt zo'n goed voorbeeld van een gemeenschap die met de rest van de Antwerpenaren samenleeft in de echte zin van het woord?

Abou Jah Jah «Laat ik eerst wel even zeggen dat de joodse gemeenschap voor ons niet hét voorbeeld is: ze is een voorbeeld dat we geven in de hoop dat de Vlamingen ons standpunt misschien iets beter zouden begrijpen. Heel wat mensen denken meteen aan de chassidische joden als het over Antwerpen gaat - de mannen met hun hoed en pijpenkrullen en de vrouwen met een pruik - terwijl de joodse gemeenschap veel ruimer is.

»Maar over het algemeen heeft ze haar eigenheid best wel weten te bewaren, ook al vind je er zeer gelovige mensen én vrijzinnigen mensen, linkse mensen en rechtse mensen. Dat vinden wij een zeer verdedigbaar model: ook wij hebben vrijzinnigen en streng gelovigen, ook wij hebben mensen die in allerlei verschillende politieke partijen actief zijn, maar wij vinden dat ook wij een gemeenschapsgevoel mogen behouden, zoals de joodse gemeenschap dat heeft gedaan.»

(...)

HUMO Die eigen instellingen - scholen en bejaardentehuizen voor allochtonen - zijn die echt nodig?

Abou Jah Jah «Neem de bejaardentehuizen: er is een duidelijke behoefte bij de Marokkaanse gemeenschap, aan eigen opvang voor migranten van de eerste generatie, die nu zeventig, tachtig jaar oud zijn en constant zorg nodig hebben. Hun kinderen zijn vaak tweeverdieners, die niet altijd meer kunnen zorgen voor hun ouders, maar hun nu ook weer niet aan een home willen toevertrouwen, omdat ze weten dat er geen tehuizen zijn die rekening houden met de culturele eigenheid van hun ouders. Die kinderen willen niet dat hun ouders bijvoorbeeld varkensvlees moeten eten. Dus wij pleiten voor opvangtehuizen waar met die cultuur wél rekening wordt gehouden.»

(...)

De ouders van Dyab Abou Jahjah

(Verschenen in Humo 3305/02 op 6 januari 2004)

(jo) bezocht de ouders van Dyab Abou Jahah in Libanon.

HUMO Is uw zoon een vrijheidsstrijder?

Moeder Jahjah «Natuurlijk.»

Vader Jahjah «Zonder twijfel.»

HUMO Sommigen vinden hem veeleer een oproerkraaier.

Vader Jahjah (geïrriteerd) «Waarom heeft Dyab de Arabisch-Europese Liga opgericht? Toch om de rechten en vrijheden van de Arabisch-islamitische gemeenschap in Europa te verdedigen?

(...)

HUMO Uw vrouw is christen, u moslim: was het soms ook een beetje burgeroorlog in uw eigen familie?

Vader Jahjah «Wij hebben radicaal verschillende politieke visies, dat is waar - de famlilie van mijn vrouw leunde meer aan bij de christelijke falangisten terwijl wij de Nationale Strijdkrachten steunden - maar er is altijd meer geweest dat ons bindt dan dat ons scheidt.»

Moeder Jahjah (heftig) «Wij willen die burgeroorlog niet hé! Mijn vader en mijn broers waren tegen al dat blinde geweld, tegen het moorden en de plunderingen. Niemand van mijn of zijn kant heeft in een gewapende milite meegevochten, niet met de Falangisten, en niet met Amal of Hezbollah.»

Vader Jahjah (plechtig) «Haar en mijn familieleden zijn geleerden en échte Arabieren.

»Dyab is in een islamitisch milieu opgegroeid, maar hij heeft wel op christelijke scholen gezeten.

HUMO Waarom stuurde u als Arabisch nationalist en overtuigd moslim uw zoon  naar een christelijk college, waar de lessen nota bene in het Frans werden gegeven? Zelfs op de speelplaats mochten de kinderen geen Arabisch spreken, schrijft uw zoon in zijn boek.

Vader Jahjah «Omdat het een goede school was, tiens, beter dan de openbare scholen, en omdat er een stricte discipline heerste. Mijn vrouw en ik hebben onze kinderen in alle vrijheid opgevoed. Wij hebben hen nooit willen sturen. Dyab is pas als tiener een bewuste mosim geworden. In vrijwel ieder Libanees dorpje vind je zowel kerken als moskeeën. Uiteindelijk bidden wij tot één en dezelfde god, hé?»

Moeder Jahjah «Ik heb mijn kinderen geleerd dat ze respect moeten hebben voor alle godsdiensten. Ik zal nooit toestaan dat een van hen zegt dat het crhistendom niet deugt, al zijn er natuurlijk wel slechte christenen. En ik zal evenmin dulden dat ze de islam veroordelen, al zijn er zeker ook slechte moslims!»

(...)

HUMO Toen de oorlog in 1990 afgelopen was, vatte de 19-jarige Dyab het plan op Libanon te verlaten. Vreemd, nee? Na 15 jaar aanhoudende gevechten kon de wederopbouw eindelijk beginnen.

Vader Jahjah «Kijk eens, de periode onmiddellijk na de oorlog was zeer somber en verwarrend. Niemand zag licht aan het einde van de tunnel. Meer zelfs: de tunnel zat potdicht. Veel christenen emigreerden uit onvrede met het vredesakkoord, maar ook heel wat ambitieuze moslims wilden hun geluk elders beproeven.

»Dyab had pas zijn eerste jaar rechten aan de Universiteit van Libanon beëindigd: mar 13 van de ruim 1000 studenten waren geslaagd. Zijn professoren feliciteerden me met zijn puike resultaten. Ik heb hem gezegd: 'Maak je rechtenstudie af en word advocaat of rechter. Je bent slim, je kan het.' Dyab was toen al een echte leidersfiguur - hij was dat jaar ook tot preses verkozen - maar hij wilde absoluut reizen: hij wilde in het buitenland gaan studeren, zijn horizon verbreden, geld verdienen. Bovendien waren enkele van zijn vrienden naar Amerika vertrokken. Ik was niet gelukkig met zijn beslissing - ik vond dat hij zijn toekomst vergooide - maar ik wilde hem niet tegenhouden, ook al omdat hij de steun van zijn moeder kreeg.»

(...)

HUMO Met zijn activiteiten voor de Arabisch-Europese Liga botst Dyab om de haverklap met politie en gerecht. Bent u trots op hem, of maakt u zich zorgen?

Vader Jahjah «Natuurlijk zijn wij trots. Hij komt op voor de verdrukten en de rechtelozen, hij is een voorvechter van de vrijheid. Wij steunen hem daarbij. Hij verwezenlijkt de dingen waarvan wij alleen maar konden dromen, en hij doet dat niet in Libanon maar wereldwijd: in België, in Nederland, in Frankrijk...

»Wij maken ons natuurlijk ook zorgen, al beseffen we dat we hem niet helpen door bang te zijn. Wij moeten ons overleveren aan God, en hopen dat hem niets zal overkomen.»

Hoe zou het eigenlijk zijn met Dyab Abou Jahjah?

(Verschenen in Humo 3384/28 op 12 juli 2005)

Tijdens de dagenlange straatrellen na de moord op Mohammed Achrak (in 2002) groeide Abou Jahjah snel uit tot Vlaanderens meest gevreesde allochtoon. Het land verkeerde in een aanval van hyperventilatie en hij verdween om onduidelijke redenen een week achter tralies, nadat premier Verhofstadt even de scheiding der machten had opgegeven en Abou Jahjahs arrestatie vooraf in het parlement had aangekondigd.

Van daaraf liep zijn carrière over een hobbelig parcous: de opstart van de AEL-Nederland ging met veel groeipijnen gepaard, en zijn intrede in de vaderlandse politiek gebeurde ook al niet zonder slag of stoot. Intussen is Abou Jahjah van Antwerpen naar Brussel verhuisd, zijn nieuwe uitvalsbasis om in Frankrijk een AEL-afdleing uit de grond te stampen. 'Ik steun de Belgische AEL en de Moslim Democratische Partij nog voluit voor de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2006 en de federale verkiezingen van 2007. En dan ben ik weg. Mijn politieke toekomst ligt in het Midden-Oosten, waar ik een Arabische bewging wil uitbouwen?'

HUMO Even raden: je zult niet snel heimwee hebben naar Vlaanderen.

Abou Jahjah «Ach, Vlaanderen is ziek, hé? Het is een van de rijkste, meest verwende regio's ter wereld, met een enorm reservoir aan talent en kennis. Je zou dan ook een open, tolerant land verwachten, maar dit is een bange, flippende, overspannen samenleving met een groot wantrouwen tegenover al wat vreemd is. Het racisme zit hier zéér diep geworteld, terwijl er toch nauwelijks vreemdelingen wonen. Vergeleken bij Parijs of Rijsel is Borgerhout een ingedommeld dorpje.

»Nog een andere bizarre vaststelling: de Vlamingen vormen de meerderheid in België, maar ze gedragen zich als een minderheid. Ze zijn dominant, maar ze voelen zich het best in een slachtofferrol. Vlaanderen is vooral een onvolwassen land. Hoewel het al lang op eigen benen kan staan en zelfs meerderjarig is, stelt het zich aan als een klein kind. Bang, zeurderig, verongelijkt.»

(...)

HUMO Hoe kijk je vandaag terug op de periode waarin je wekenlang in het oog van de storm stond en publieke vijand nummer één werd?

Abou Jahjah «Ik ben vooral blij dat de heise voorbij is. Sommigen twijfelen daaraan, maar ik heb het nooit leuk gevonden om zo massaal gehaat te worden. Alleen Marc Dutroux werd nog meer uitgespuwd.

»Het was één tegen allen. Zowel traditioneel rechts als de linkse lobby van allochtonenknuffelaars wilde ons vel. En dat blok werd nog eens versterkt met de zionistische beweging. Kortom, we stonden tegenover een machtig establishment, dat zijn contacten in de pers tegen ons gebruikte. Een progressief instituut als 'De Morgen' heeft ons bewust kapot willen maken. Zelfs onze Vlaamse vrienden werden monddood gemaakt als ze het voor ons wilden opnemen in een krant. Een commentaarschrijver verweet ons dat we nooit iets zegden over tewerkstelling van allochtonen, terwijl dat juist altijd ons stokpaardje is geweest. Zoveel kwade wil kan toch geen toeval zijn?

»De kern van de zaak is: een allochtoon die onomwonden en assertief zijn mening verkondigt, doet overal het bloed koken, ook bij zelfverklaard links. Die beschadigingscampagne werd aangestuurd door de integratie-industrie: de beroepsallochtonen in de politiek, de graadcoördinatoren van integratiecentra en al die mensen die zich graag opwerpen als de vertegenwoordiger of emancipator vna de verschopte allochtoon. De ALF moest eraan omdat wij hun valte pretenties onderuit haalden.»

HUMO Ben je zelf beschadigd uit die periode gekomen?

Abou Jahjah «Om te beginnen is mijn imago gehavend. Men heeft me afscheilderd als een mosilmfundamentalist die dweept met de sharia en het afhakken van handen. Koen Dassen, destijds veiligheidsadviseur van de premier zei: 'Abou Jahjah is gevaarlijker dan zijn organisatie.' Dat was het sein om mij te pakken, te allen prijze.  Eerst zijn ze begonnen met een onderzoek naar mijn schijnhuwelijk, om me mijn nationaliteit af te nemen. Alle huiszoekingen tegen de AEL vonden bij mij thuis plaats, bij een paar persoonlijke vrienden, en bij mijn broer, die als bediende bij een Libanees bedrijfje in Antwerpen werkte. Niet bij Ahmed Azzuz of onze algemeen secretaris, dié moesten ze kennelijk niet hebben. Na mijn aanhouding kopt Het Laatste Nieuws op de voorpagina: 'Vuurwapens gevonden bij Abou Jahjah.' In Weltspiegel, een populair Duits tv-magazine, werd ik afgeschilderd als een gevaarlijke maffiabaas.

»Uiteindelijk zijn die twee waanzinnige jaren leerrijk voor me geweest. Als mens ben je het restultaat van al je levenservaringen, hé. Wel, ik prijs me gelukkig dat ik een leven voor en na al die heisa gehad heb. Daardoor ben ik nog altijd dezelfde, al maak ik me nog maar weinig illusies over de media en de politiek.»

(...)

HUMO Vroeger had je nooit zin om je uit te spreken tegen de moslimfundamentalisten, maar dat is veranderd. Heeft je verhuizing naar Brussel er iets mee te maken?

Abou Jahjah «Nee, het is een gevolg van de interne discussie bij de AEL. Vroeger waren we intern nogal politiek correct op dat vlak. Dat is voorgoed voorbij. We nemen duidelijk stelling, ook tegen Al Zarqawi en consorten. Maar het islamisme is hier absoluut geen groot probleem, hoor. De meest extremistische islamitische groepen in België zijn weliswaar oerconrservatief, maar ze bemoeien zich neit met politiek. Dat dicteert hun geloof zelfs. je moet die gelovigen zien als missionarissen die de islam komen verspreiden in Europa. De islam is hun opium. Ze bidden de hele dag, ze gaan naar urenalnge lezingen over het paradijs en praten met engelen, maar dat maakt ze nog geen bedreiging voor de democratie. Trouwens, als ze écht staatsgevaarlijk zouden zijn, dan waren ze allang opgepakt en aangehouden. DIe radicale groupuscules hebben het vooral op elkaar gemunt. Allemaal claimen ze de ware vertegenwoordiger te zijn van de ware islam. Maak ze niet belangrijker dan ze zijn.»

De mening van Dyab Abou Jahjah over de Arabische Revoluties

(Verschenen in Humo 3674/05 op 1 februari 2011)

HUMO Op uw blog schreef u dat het geen toeval is dat uitgerekend Tunesië als eerste de stap naar de democratie zet. Waarom?

Abou Jahjah «Het is een vaststelling die ik pas achteraf heb kunnen maken - dat is nog wat anders dan iets op voorhand met grote zekerheid voorspellen. We hebben lange tijd op Egypte gegokt en gehoopt: dat land stond al een paar keer aan de vooravond van een grote omwenteling, mar elke keer was het uitgelopen op een teleurstelling. Daardoor kreeg onze stellige, haast religieuze (lachje) overtuiging dat hét in Egypte zou gebeuren een serieuze knauw, en werd de idee van de revolutie minder prominent in onze beweging.

»De focus is dan verschoven naar het verzet tegen de buitenlandse vijand: pas als die verslagen zou zijn - in Libanon, Irak en Palestina - zouden we ons weer concentreren op onze eigen dictators. Zo is het uiteindelijk ook gegaan: de Tunesische revolutie heeft veel inspiratie gehaald uit wat er zich in 2006 in Libanon heeft afgespeeld. Toen Israël dat jaar Libanon aanviel, zat iedereen in de hele Arabische wereld voor de televisie. Op élk dak, zelfs in de armtierigste krottenwijken van Casablanca, staan schotelantennes die Al-Jazeera ontvangen: 't is de agora van de Arabische wereld, de plek waar het publieke debat gevoerd wordt. Toen de Tunesiërs in 2006 zagen wat er in Libanon gebeurde - een klein Arabisch volk dat standhield tegen Israël -  gaf ze dat moed. Het was niet de directe aanleiding, zeker niet, maar het heeft wel een rol gespeeld. Net als Palestina, trouwens.»

HUMO De Palestijnse kwestie blijft het alfa en omega van de politiek in de Arabische wereld?

Abou Jahjah «Natuurlijk. Elke Arabier is emotioneel nog het meest van al betrokken bij de strijd tegen Israël. Het probleem is dat de Arabische regimes Palestina lange tijd hebben ingezet als wapen tegen de democratische aspiraties van hun bevolking. In een land als Marokko bijvoorbeeld, waar het regime toestond dat het volk op straat kwam voor de Palestijnse zaak. 'Zo raken ze van hun grootste frustraties af,' was de redenering. 'En na afloop gaan ze moebetoogd naar huis en zijn ze te tam om in opstand te komen.'»

(...)

HUMO U heeft uw sympathie voor Hezbollah nooit onder stoelen of banken gestoken.

Abou Jahjah «Ik heb Hezbollah altijd gesteund, omdat ik het een nuttig instrument vind in het verzet tegen Israël. Hezbollah is één van de enige garanties dat de Israëli's  hier morgen niet wéér staan met hun tanks. Maar - en dat heb ik altijd gezegd - ik ben nooit lid geweest. Al is het maar omdat ik een heel andere maatschappijproject voorsta: ik ben linkser, ik ben seculier en voel me meer thuis Het Volksinitiatief. Die trouwens niet vertegenwoordigd is als politieke partij - ik hoop dat daar ooit verandering in komt.»

HUMO U bent niet politiek actief in Libanon?

Abou Jahjah «Ik heb geen mandaat, ik ben eigenlijk meer activist dan politicus. Ik werk rond concrete dossiers, zoals vrouwenrechten, arbeidsrechten en racisme. Dat is hier een levensgroot probleem. Tegenover Palestijnen, maar ook tegenover Aziatische migranten, arbeiders uit Sri Lanka en Pakistan.»

HUMO Hebt u nog tijd en zin, om de Belgische politiek te volgen?

Abou Jahjah «Ja, absoluut. Ik ben er nog onlangs geweest, en in februari ben ik weer terug voor een paar lezingen in België en Nederland. U begrijpt dat mijn aandacht nu vooral naar Egypte en Tunesië gaat, maar ik probeer het te volgen - ja, ook via Facebook en Twitter.»

HUMO 't Was van een andere orde, maar ook in België trokt twee zondagen geleden een betoging door de straten waartoe wasd opgeroepen via Facebook.

Abou Jahjah «Dat heb ik gelezen, nu: een revolutie zit er vooralsnog niet in (lacht). Hoogstens iets zoals de Witte Mars, maar zelfs dat wordt moeilijk, want de Witte Mars was uiterst emotinoneel geïnspireerd, en de politiek kan - zelfs op dit moment - niet voldoende boeien. De crisis is niet existentieel genoeg, ze is in niets te vergelijken met de oorspronlijke Vlaamse ontvoogdingsstrijd, die een sociale strijd in regel was, tegen onrecht en onderdrukking. De gemiddelde Vlaming stemt nu wel voor de N-VA, maar ik dnek niet dat hij op de barricaden wil gaan staan. Apathie, hè. Zolang de economie draait - en dat doet ze, ondanks alles, behoorlijk - en de bussen van De Lijn rijden, komt de Belg niet op straat. Die revolutie is dus niet voor morgen.

»Maar: er staan België -  en de rest van Europa - wel andere uitdagingen te wachten. Dan denk ik natuurlijk aan de etnische kloof die blijft groeien, net als de onkunde om om te gaan met diversiteit. Dat, en niet Brussel-Halle-Vilvoorde, zal leiden tot grote maatschappelijike commotie. En op termijn zelfs tot toestanden zoals in Egypte en Tunesië.»

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: