Fotograaf Paul Van den Abeele overleden

, door (jh)

10
paul vd abeele
© Stephan Vanfleteren

Paul Van den Abeele was zevenenveertig jaar fotograaf voor De Standaard, Het Nieuwsblad, Ons Volk en Chez Nous. Van den Abeele is van 1929, en hoewel hij in 1987 de Staatsprijs voor Fotografie heeft gekregen, zal de 81-jarige verschillende keren herhalen dat hij veel liever beeldhouwer of schilder was geworden, maar dat het lot hem in de armen van de fotografie heeft gedreven.

«Kort na de oorlog zat ik op de academie om beeldhouwer te kunnen worden. En om wat bij te verdienen werkte ik 's zaterdags bij een fotograaf in Aalst, vooral dan werk in de donkere kamer. En op een dag zat ik met een omgeslagen voet in een café, en de baas van de drukkerij van De Standaard was daar ook, en die hoorde dat ik bij een fotograaf werkte. Haha, zei hij, gij kunt dus foto's trekken? Ik zei nee. Maar hij zei, tuttut, wij zoeken een fotograaf en gij moet die vervangen en hij zou bij de directeur wel voorspraak doen. En zo ben ik op mijn achttiende d'rin gerold. Niet wetend waaraan ik begon.

Alle toestellen lagen op De Standaard en pas als er iets gebeurde, pas als er een reporter met een opdracht vertrok, dan kreegt ge een toestel mee.

(…)

En dat werd mij ook altijd ingepeperd door de directie: of ik wel besefte hoe duur dat was, een foto afdrukken in de gazet?!

Wij moesten dan ook heel zuinig zijn op onze filmrollekes. Als ik op een dag drie reportages moest maken, dan kreeg ik één filmrolleke van acht foto's en daarmee moest ik het doen. Voor Het Nieuwsblad/Sportwereld was er soms een uitzondering: daar mocht ik voor de grote koersen één filmke opgebruiken. Ik moest dan wel goed opletten dat ik tijdens de wedstrijd niet teveel opnames maakte, want anders had ik niks meer over voor de arrivee (lacht). Bij heel belangrijke koersen kreeg ik soms nog een tweede filmke mee, dat was dan om de favorieten te fotograferen. Maar dan nog was het geraden om zuinig te zijn. En dus nam ik geen aparte foto's, maar zette ik voor de start alle favorieten op een rij. 't Is spijtig dat daar niks van bewaard is, dat zouden nu schone en interessante foto's zijn, want ge ziet daar grote renners als Rik Van Steenbergen met hun directe concurrenten poseren, broederlijk bijeen en met de armen over mekaars schouders geslagen.

Als fotograaf heb ik jaren bijna alle verplaatsingen met de trein gedaan. En als ik dan van een opdracht kwam, en ik had toevallig nog wat over op mijn rolleke, dan knipte ik wat foto's vanuit de trein: landschappen in de vlucht, mensen op het perron, bareelwachters die nog manueel de slagbomen bedienden. Op de trein heb ik ook werkmensen gefotografeerd. Mijnwerkers die lagen te slapen of arbeiders die aan 't kaarten waren. Ik fotografeerde zeker niet "voor later", nee, ik zag die mannen graag bezig, dat was alles.

(…)

Altijd waart ge als fotograaf afhankelijk van die treinen. Zo moest ik eens een match van de Rode Duivels fotograferen in Luxemburg! En wilde ik de laatste trein naar Brussel halen, dan moest ik dat stadion verlaten, een kwartier voor het eindsignaal. En dan was het spurten naar de trein en maar hopen dat er geen goal meer viel!

(…)

Op de expo van '58 hadden de grote conservenfabrieken van België toen een gezamelijke expositie en ik heb de foto's gemaakt voor hun stand. Ik moest dan eerst al die fabrieken gaan bezoeken, wat dagen en dagen tijd heeft gekost, omdat al die verplaatsingen nog met trein en tram moesten gebeuren. En om mij toch wat spoorkilometers te besparen, stuurden ze soms al eens een camion met conserven tot voor mijn deur, dan kon ik die fotograferen zonder dat ik op reis moest gaan. En ge kunt wel geloven dat wij nooit zoveel groentenconserven gegeten hebben als in die maanden!»

(…)

Fotografie? Démodé!

«In 94-95 ben ik met pensioen gegaan en nadien heb ik geen fototoestel meer aangeraakt, zelfs niet voor familiefoto's. Zevenenveertig jaar fotograaf zijn, het was mij genoeg! Als ik nu een jonge fotograaf zou zijn, ik zou er niet meer aan beginnen. Ik zou wel gek zijn. Dat is toch geen beroep meer, want iedereen trekt foto's!»

Mitje (zijn vrouw) «Hij raadde dat beroep aan alle jonge mensen af. Hij zei : dat is een stiel die uit de mode gaat.»

Van den Abeele «Fotografie? Démodé! Dat zeg ik al dertig jaar! 't Is ook geen beroep meer. Nu kunt ge zelfs met een telefonske foto's maken! En voila, nu trek ik al vijftien jaar geen foto's meer. Want wat gaat ge doen met al die schone foto's? De stapels van uw archief nog wat groter maken? Fotografie! 't Is allemaal heel schoon, maar eigenlijk is er niks dat zo nutteloos is!»

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: